1.
Onder schipper wordt verstaan elke gezagvoerder van een vaartuig of die deze vervangt.
2.
Opvarenden zijn allen die zich aan boord bevinden, met uitzondering van de schipper.
3.
Schepelingen zijn allen die zich als scheepsofficieren of scheepsgezellen aan boord bevinden.
4.
Vaartuigen in aanbouw noch schepen in aanbouw worden als vaartuigen of schepen aangemerkt.
Inhoudsopgave
- Eerste Boek. Algemene bepalingen
+ Tweede Boek. Misdrijven
+ Derde Boek. Overtredingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht