1.
Bij munitie voor een vuurwapen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, in samenhang met bijlage I, van richtlijn nr. 91/477/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 18 juni 1991 inzake de controle op de verwerving en het voorhanden hebben van wapens (PbEG L 256), bevat de kleinste verpakkingseenheid van volledige munitie:
a. de naam van de fabrikant;
b. het identificatienummer van de batch;
c. het kaliber;
d. het type munitie.
2.
Onze Minister kan nadere regels stellen over de aan te brengen gegevens.
Inhoudsopgave
+ § 1. Algemene bepalingen
+ § 2. Erkenning
+ § 3. Bepalingen voor wapens van categorie I
+ § 4. Binnenkomen en uitgaan van wapens en munitie van de categorieën II en III
- § 4a. Uitvoer van vuurwapens en munitie opgenomen in bijlage I van verordening (EU) nr. 258/2012
+ § 5. Vervoer van wapens en munitie van de categorieën II en III
+ § 6. Voorhanden hebben en dragen van wapens en munitie van de categorieën II, III en IV
- § 7. Overdracht en verkrijging van wapens en munitie van de categorieën II, III en IV
- § 7a. Markering van vuurwapens en munitie
+ § 8. Veiligheidseisen
+ § 9. Beroep
+ § 10. Bepalingen over de uitvoering van de wet
+ § 11. Toezicht op de naleving
+ § 11a. Opsporing
+ § 12. Strafbepalingen
+ § 13. Slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht