3.
De ondernemingsraad kan met inachtneming van het eerste lid voor onderdelen van de onderneming onderdeelcommissies instellen voor de behandeling van de aangelegenheden van die onderdelen. De ondernemingsraad kan in het instellingsbesluit van een onderdeelcommissie aan deze commissie de bevoegdheid toekennen tot het plegen van overleg met degene die de leiding heeft van het betrokken onderdeel. In dat geval gaan de rechten en bevoegdheden van de ondernemingsraad ten aanzien van de aangelegenheden van het onderdeel, met uitzondering van de bevoegdheid tot het voeren van rechtsgedingen, over naar de onderdeelcommissie, tenzij de ondernemingsraad besluit een bepaalde aangelegenheid zelf te behandelen. In een onderdeelcommissie kunnen naast een of meer leden van de ondernemingsraad uitsluitend in het betrokken onderdeel werkzame personen zitting hebben.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk II. De instelling van ondernemingsraden
- Hoofdstuk III. Samenstelling en werkwijze van de ondernemingsraden
+ Hoofdstuk IV. Het overleg met de ondernemingsraad
+ Hoofdstuk IVA. Bijzondere bevoegdheden van de ondernemingsraad
+ Hoofdstuk IVB. Het verstrekken van gegevens aan de ondernemingsraad
+ Hoofdstuk IVC. Verdere bevoegdheden van de ondernemingsraad
+ Hoofdstuk V. De centrale ondernemingsraden en de groepsondernemingsraden
+ Hoofdstuk VA. De medezeggenschap in kleine ondernemingen
+ Hoofdstuk VI. De algemene geschillenregeling
+ Hoofdstuk VII. De bedrijfscommissies
+ Hoofdstuk VIIA. Bijzondere taak Sociaal-Economische Raad
+ Hoofdstuk VII B. Bijzondere bepalingen voor ondernemingsraden bij de overheid
+ Hoofdstuk VIII. Overgangs- en slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht