1.
Indien bij de overgang krachtens huwelijksvermogenrecht door toepassing van artikel 4.17 geen sprake is van een vervreemding, geldt als verkrijgingsprijs de verkrijgingsprijs die gold voor degene van wiens zijde de aandelen of winstbewijzen in de huwelijksgemeenschap zijn gevallen.
2.
Indien in het kader van de verdeling van een huwelijksgemeenschap artikel 4.17 is toegepast en bij het ontstaan van deze huwelijksgemeenschap ter zake van de daartoe behorende aandelen of winstbewijzen dat artikel niet is toegepast, geldt als verkrijgingsprijs van de verkregen aandelen of winstbewijzen de verkrijgingsprijs die gold voor degene van wie in het kader van de verdeling is verkregen.
3.
De in het eerste en het tweede lid bedoelde verkrijgingsprijs wordt evenredig over de verkrijgers verdeeld voor zover in het kader van de verdeling van de huwelijksgemeenschap een gerechtigdheid als bedoeld in artikel 4.3 wordt gevestigd.
1.
Indien in het kader van een overgang krachtens erfrecht artikel 4.17a toepassing vindt, geldt bij de erfgenamen als verkrijgingsprijs voor het deel van de overgang dat ingevolge artikel 4.17a niet als vervreemding wordt aangemerkt, de verkrijgingsprijs die gold voor de erflater, verminderd met het deel daarvan dat ingevolge artikel 4.19, tweede lid, bij hem in aanmerking is genomen voor de bepaling van het vervreemdingsvoordeel.
2.
De in het eerste lid bedoelde verkrijgingsprijs wordt evenredig over de verkrijgers verdeeld voor zover bij de overgang een gerechtigdheid als bedoeld in artikel 4.3 wordt gevestigd.
1.
Indien in het kader van de verdeling van een nalatenschap artikel 4.17b, eerste lid, is toegepast, geldt als verkrijgingsprijs de verkrijgingsprijs die gold voor degene van wie in het kader van de verdeling wordt verkregen.
2.
Indien artikel 4.17b, tweede lid, is toegepast, geldt bij de erfgenaam aan wie is toegescheiden als verkrijgingsprijs voor het deel van de overgang dat ingevolge artikel 4.17a niet als vervreemding wordt aangemerkt, de verkrijgingsprijs die gold voor de erflater, verminderd met het deel daarvan dat ingevolge artikel 4.19, tweede lid, bij hem in aanmerking is genomen voor de bepaling van het vervreemdingsvoordeel.
3.
De in het eerste lid of tweede lid bedoelde verkrijgingsprijs wordt evenredig over de verkrijgers verdeeld voor zover bij de verdeling een gerechtigdheid als bedoeld in artikel 4.3 wordt gevestigd.
1.
Indien artikel 4.17c, eerste lid, toepassing vindt, geldt als verkrijgingsprijs voor het deel van de overdracht dat ingevolge artikel 4.17c niet als vervreemding wordt aangemerkt, de verkrijgingsprijs die gold voor de vervreemder met betrekking tot overgedragen aandelen, verminderd met het deel daarvan dat ingevolge artikel 4.19, tweede lid, bij hem in aanmerking is genomen voor de bepaling van het vervreemdingsvoordeel.
2.
De in het eerste lid bedoelde verkrijgingsprijs wordt evenredig over de verkrijgers verdeeld voor zover bij de vervreemding een gerechtigdheid als bedoeld in artikel 4.3 wordt gevestigd.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Raamwerk
+ Hoofdstuk 3. Heffingsgrondslag bij werk en woning
- Hoofdstuk 4. Heffingsgrondslag bij aanmerkelijk belang
+ Hoofdstuk 5. Heffingsgrondslag bij sparen en beleggen
+ Hoofdstuk 6. Persoonsgebonden aftrek
+ Hoofdstuk 7. Belastingheffing van buitenlandse belastingplichtigen
+ Hoofdstuk 8. Heffingskorting
+ Hoofdstuk 9. Wijze van heffing
+ Hoofdstuk 10. Aanvullende regelingen
+ Hoofdstuk 10bis. Overgangsrecht ten gevolge van Wet herziening fiscale behandeling eigen woning
+ Hoofdstuk 10A. Overig overgangsrecht ten gevolge van wijzigingswetten
+ Hoofdstuk 10b. Horizonbepaling
+ Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht