1.
Onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding en belening zijn:
a. de arbeidsongeschiktheidsuitkering;
b. de verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 10;
c. de vakantie-uitkering;
d. de loonsuppletie, bedoeld in artikel 67a;
e. de inkomenssuppletie, bedoeld in artikel 67b.
2.
Volmacht tot ontvangst van een uitkering onder welke vorm of welke benaming ook verleend, is steeds herroepelijk.
3.
Elk beding, strijdig met dit artikel, is nietig.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Kring van verzekerden
- Hoofdstuk 3. De uitkeringen
+ Hoofdstuk 3A. Reïntegratie-instrumenten
+ Hoofdstuk 3B. Tegemoetkoming arbeidsongeschikten
+ Hoofdstuk 4. De invloed van de verzekering op het burgerlijk recht
+ Hoofdstuk 5. Het verstrekken van inlichtingen
+ Hoofdstuk 6
+ Hoofdstuk 7. Uitvoering
+ Hoofdstuk 8
+ Hoofdstuk 9. Bepalingen in verband met de Algemene wet bestuursrecht en het beroep in cassatie
+ Hoofdstuk 9A. Overgangsbepalingen
+ Hoofdstuk 10. Strafbepalingen
+ Hoofdstuk 10A. Overgangsbepalingen
+ Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht