1.
Voor zover de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, kan de omgevingsvergunning slechts worden verleend indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en:
a. indien de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan of de beheersverordening:
1°. met toepassing van de in het bestemmingsplan of de beheersverordening opgenomen regels inzake afwijking,
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen
- Hoofdstuk 2. De omgevingsvergunning
+ Hoofdstuk 3. Voorbereidingsprocedures
+ Hoofdstuk 4. Financiële bepalingen
+ Hoofdstuk 5. Bestuursrechtelijke handhaving
+ Hoofdstuk 6. Inwerkingtreding beschikkingen en rechtsbescherming
+ Hoofdstuk 7. Verdere bepalingen
+ Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht