15.
Borden worden weergegeven in:
vaste uitvoering, waarbij bij voortduring hetzelfde verkeersbord wordt getoond, of
verschijnuitvoering, waarbij één of meerdere verkeersborden kunnen worden getoond.
Borden in vaste uitvoering, met uitzondering van bord L3, voldoen aan de paragrafen 5 en 6 van norm NEN 3381 (Verkeerstekens - Algemene eisen voor borden);
Borden in verschijnuitvoering, met uitzondering van de borden A3 en F9 en borden in transparante uitvoering, voldoen aan de norm NEN EN 12966 (Verticale verkeerstekens - Variabele verkeersborden)
Ingeval een bord op een elektronisch signaleringsbord wordt weergegeven kan het symbool in wit op een zwart veld worden uitgevoerd in plaats van in zwart op een wit veld.
16.
Borden, met uitzondering van de borden G13, G14, K1 tot en met K13, L3 tot en met L7 en L10 tot en met L12 worden ten minste uitgevoerd overeenkomstig de afmetingen genoemd in paragraaf 4 van norm NEN 3381, waarbij voor de volgende wegen de volgende typen gelden:
op wegen waar een maximumsnelheid geldt van 120 km/h of minder: type III;
op wegen waar een maximumsnelheid geldt van 80 km/h of minder: type II;
op wegen waar een maximumsnelheid geldt van 50 km/h of minder: type I, en
bord B1 als herhalingsbord, alsmede de borden D2 en D3 indien gecombineerd met de gele koker: type 0.
Van de minimummaat kan worden afgeweken indien het bord wordt geplaatst op een parkeerterrein, verzorgingsplaats of andere verkeersruimte bestemd voor beperkt gebruik.
17.
Borden worden uitgevoerd met de oppervlakte van de afbeelding in retroreflecterend materiaal. De eigenschappen van het retroreflecterende materiaal komen minimaal overeen met klasse I van norm NEN 3381, met dien verstande dat de borden B7 en D2 minimaal conform klasse II worden uitgevoerd.
Niet retroreflecterend behoeven te zijn:
borden van hoofdstuk E, binnen de bebouwde kom;
bord L3;
borden G7 tot en met G10 alsmede G13 en G14;
borden in transparante uitvoering, en
elektronische signaleringsborden.
18.
Bewegwijzering ten behoeve van voetgangers mag in afwijking van het bepaalde in het derde lid, eerste volzin, van artikel 4 van het BABW bestaan uit een rechthoekig bord, waarop de letters, cijfers of symbolen in een veld zijn geplaatst van andere kleur dan blauw.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
- Hoofdstuk II. Verkeersborden
+ Hoofdstuk III. Onderborden
+ Hoofdstuk IV. Verkeerstekens op het wegdek
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken