Wettelijk kader
7. De d-g NMa is bevoegd samenwerking tussen bedrijven binnen en buiten brancheorganisaties te toetsen aan artikel 6 en 17 Mw.
8. Op grond van artikel 6 Mw zijn overeenkomsten tussen ondernemingen, besluiten van ondernemingsverenigingen en onderling afgestemde gedragingen van ondernemingen verboden, als zij ertoe strekken of ten gevolge hebben dat de mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan wordt verhinderd, beperkt of vervalst.
9. Het verbod van artikel 6 is niet van toepassing op afspraken tussen een beperkt aantal ondernemingen met een geringe omzet. Artikel 7 van de Mw bepaalt dat artikel 6 Mw niet geldt voor afspraken waarbij niet meer dan acht ondernemingen betrokken zijn en waarvan de gezamenlijke omzet niet hoger is dan tien miljoen gulden (ca. 4,5 miljoen euro) indien het ondernemingen betreft waarvan de activiteiten zich in hoofdzaak richten op het leveren van goederen, en niet hoger dan twee miljoen gulden (ca. 0,9 miljoen euro), in alle andere gevallen.
10. De d-g NMa kan op aanvraag ontheffing verlenen van het in artikel 6 vervatte verbod indien de overeenkomst, het besluit of de onderling afgestemde feitelijke gedraging voldoet aan de voorwaarden van artikel 17 Mw. Deze houden in dat de overeenkomst, het besluit of onderling afgestemde feitelijke gedraging (1) moet bijdragen tot een verbetering van de productie of distributie dan wel een technische of economische vooruitgang opleveren, mits (2) de voordelen die voortvloeien uit de afspraken voor een redelijk deel ten goede komen aan de gebruikers, (3) zonder dat de concurrentie verder wordt beperkt dan strikt noodzakelijk is en er (4) voldoende concurrentie in de markt overblijft.
11. Voor een aantal soorten afspraken, die in het bijzonder het middenen kleinbedrijf betreffen, is reeds een aantal generieke vrijstellingen op grond van artikel 15 Mw vastgesteld. Het gaat hier om het Besluit vrijstelling combinatieovereenkomsten 2 , het Besluit vrijstelling branchebeschermingsovereenkomsten 3 en het Besluit vrijstellingen samenwerkingsovereenkomsten detailhandel 4 .
Inhoudsopgave
Inleiding
Wettelijk kader
Verhouding tot het Europees mededingingsbeleid
Specifiek toepassingsgebied van deze richtsnoeren
A. Uitdrukkelijk niet toegelaten vormen van samenwerking
B. Erkenningsregelingen
C. Lidmaatschapscriteria van brancheverenigingen
D. Algemene voorwaarden
E. Informatie-uitwisseling
F. Opstellen van vergelijkingsmodellen en calculatieschema’s
G. Samenwerking op administratief gebied
H. Gemeenschappelijke inkoop via brancheorganisaties
I. Gemeenschappelijke reclame
Inwerkingtreding
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht