Let op. Deze wet is vervallen op 1 juli 2009. U leest nu de tekst die gold op 30 juni 2009.

Artikel 7.02 Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995

Uitgebreide informatie
1.
Het uitzicht vanaf de stuurstelling moet naar alle zijden voldoende vrij zijn.
2.
De dode hoek voor de boeg van het lege schip met halve voorraden en zonder ballast mag voor de roerganger niet meer dan 250 m zijn.
Optische hulpmiddelen als bedoeld in artikel 1.09 van het Rijnvaartpolitiereglement ter verkleining van de dode hoek mogen bij het onderzoek niet in aanmerking worden genomen.
3.
Het vrije gezichtsveld vanaf de plaats waar de roerganger zich gewoonlijk bevindt moet ten minste 240° van de horizon bedragen. Daarvan moet een gezichtsveld van ten minste 140° binnen de voorste halve cirkel liggen.
In de normale zichtas van de roerganger mogen zich geen vensterstijlen, steunen of opbouwen bevinden.
Indien geen voldoende vrij uitzicht naar achteren gewaarborgd is, kan de Commissie van Deskundigen andere maatregelen eisen, zoals de inbouw van optische hulpmiddelen.
4.
Door adequate middelen moet zijn gewaarborgd dat onder alle weersomstandigheden door de voorruiten helder zicht mogelijk is.
5.
In stuurhuizen gebruikte ruiten moeten een minimale lichtdoorlaatbaarheid van 75% hebben.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Procedure
+ Hoofdstuk 3. Scheepsbouwkundige eisen
+ Hoofdstuk 4. Veiligheidsafstand, vrijboord en diepgangsschalen
+ Hoofdstuk 5. Manoeuvreereigenschappen
+ Hoofdstuk 6. Stuurinrichtingen
- Hoofdstuk 7. Stuurhuis
+ Hoofdstuk 8. Werktuigbouwkundige eisen
+ Hoofdstuk 8A. Uitstoot van schadelijke gassen en luchtverontreinigende deeltjes door dieselmotoren
+ Hoofdstuk 9. Elektrische installaties
+ Hoofdstuk 10. Uitrusting
+ Hoofdstuk 11. Veiligheid op de werkplek
+ Hoofdstuk 12. Verblijven
+ Hoofdstuk 13. Verwarmings-, kook- en koelinstallaties die werken op brandstoffen
+ Hoofdstuk 14. Vloeibaargasinstallaties voor huishoudelijk gebruik
+ Hoofdstuk 15. Bijzondere bepalingen voor passagiersschepen
+ Hoofdstuk 16. Bijzondere bepalingen voor vaartuigen die zijn bestemd om deel uit te maken van een duwstel, een sleep of een gekoppeld samenstel
+ Hoofdstuk 17. Bijzondere bepalingen voor drijvende werktuigen
+ Hoofdstuk 18. Bijzondere bepalingen voor schepen bestemd voor bouwwerkzaamheden
+ Hoofdstuk 19. Bijzondere bepalingen voor kanaalspitsen
+ Hoofdstuk 20. Bijzondere bepalingen voor zeeschepen
+ Hoofdstuk 21. Bijzondere bepalingen voor pleziervaartuigen
+ Hoofdstuk 22. Stabiliteit van schepen die containers vervoeren
+ Hoofdstuk 22b. Bijzondere bepalingen voor snelle schepen
+ Hoofdstuk 23. Bemanning
+ Hoofdstuk 24. Overgangs- en slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht