a. wordt de jaarverslaggeving ingericht overeenkomstig de richtlijnen, in het bijzonder de hoofdstukken 400, 640 en 660 behoudens het bepaalde in artikel 3a ten aanzien van het bevoegd gezag van een school of scholengemeenschappen in het primair en het voortgezet onderwijs;
b. wordt de jaarverslaggeving gepubliceerd in de Nederlandse taal en in de in Nederland wettige valuta;
c. is het verslagjaar gelijk aan een kalenderjaar;
d. wordt de jaarverslaggeving opgesteld door het bevoegd gezag dat de onderwijsinstelling in stand houdt;
e1. wordt de informatie, bedoeld in de artikelen 1.7, 4.1 en 4.2 van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, opgenomen in de jaarrekening, waarbij gebruik wordt gemaakt van het verantwoordingsmodel WNT, zoals opgenomen in de bijlage bij deze regeling;
e2. kan aan de artikelen 383 en 383c van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek worden voldaan middels het verstrekken van de betreffende bezoldigingsinformatie zoals vereist op grond van de WNT ;
f. wordt aan het jaarverslag een verslag toegevoegd van de raad van toezicht of een vergelijkbare interne toezichthouder, waarin deze verantwoording aflegt over zijn handelen en van de resultaten die dat handelen heeft opgeleverd tenzij de onderwijsinstelling geen interne toezichthouder kent;
g. worden de balans en de staat van baten en lasten, het kasstroomoverzicht en de toelichting opgesteld overeenkomstig de modellen in de bijlagen bij hoofdstuk 660 van de richtlijnen. Het Besluit modellen jaarrekening, samengesteld door de Raad voor de Jaarverslaggeving en opgenomen in hoofdstuk 910 van de richtlijnen is van overeenkomstige toepassing;
h. worden, ingeval sprake is van groepsverhoudingen leidende tot een geconsolideerde jaarverslaggeving van de bevoegde gezagen, in de toelichting van de geconsolideerde jaarverslaggeving, de balans en de staat van baten en lasten zodanig gesegmenteerd, dat inzicht ontstaat in de onderscheiden posten uit de geconsolideerde jaarrekening op het instandhoudingsniveau;
i. specificeren de onderwijsinstellingen, bedoeld in artikel 1.8 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de door het Rijk verstrekte subsidies waarbij zulks in regelgeving of bij de subsidieverstrekking is aangegeven, eveneens in een tabel overeenkomstig het model dat als bijlage 1 bij deze regeling is gevoegd en dragen zij er zorg voor dat deze tabel is voorzien van een accountantsverklaring als bedoeld in Titel 9 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;
j. wordt de jaarverslaggeving per instelling opgesteld als een bevoegd gezag meer dan één instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onder b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of meer dan één instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.8 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in stand houdt;
k. blijven ten aanzien van onderwijsinstellingen voor openbaar onderwijs zonder afgescheiden vermogen die niet door een privaatrechtelijke rechtspersoon in stand worden gehouden of voor onderwijsinstellingen waarvoor anderszins geen toerekening mogelijk is van een of meer balansposten aan het belang van de instelling, de onder g bedoelde modellen wat betreft de inrichting van de balans beperkt tot die posten waar die toerekening wel mogelijk is;
l. wordt separaat aan het jaarverslag en de jaarrekening door het bevoegd gezag specifieke informatie toegevoegd in de vorm van een aanvullende set met nader te bepalen gegevens;
m. is het niet toegestaan de jaarrekening op te stellen volgens de door de International Accounting Standards Board vastgestelde en door de Europese Commissie goedgekeurde standaarden.
Inhoudsopgave
Artikel 1. Definities
Artikel 2. Boek 2 BW
Artikel 3. Afwijkingen van en aanvullingen op Boek 2 Burgerlijk Wetboek
Artikel 4. Afwijking en aanvulling richtlijn
Artikel 5. Aanleveren gegevens
Artikel 6. Inwerkingtreding
Artikel 7. Citeertitel
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht