1.
Met inachtneming van het bepaalde in dit hoofdstuk kunnen provinciale staten de behandeling van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, opdragen aan een provinciale ombudsman of ombudscommissie, dan wel een gezamenlijke ombudsman of ombudscommissie.
2.
Een ombudsman of ombudscommissie als bedoeld in het eerste lid kan slechts per 1 januari van enig jaar worden ingesteld. Indien provinciale staten hiertoe besluiten, zenden zij het besluit tot instelling aan de Nationale ombudsman voor 1 juli van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de instelling ingaat.
3.
De instelling van een ombudsman of ombudscommissie als bedoeld in het eerste lid kan slechts per 1 januari van enig jaar worden beëindigd. Indien provinciale staten hiertoe besluiten, zenden zij het besluit tot beëindiging van de instelling aan de Nationale ombudsman voor 1 juli van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de instelling eindigt.
Inhoudsopgave
+ Titel I. Begripsbepalingen
- Titel II. De inrichting en samenstelling van het provinciebestuur
+ Titel III. De bevoegdheid van het provinciebestuur
+ Titel IV. De financiën van de provincie
+ Titel V. Aanvullende bepalingen inzake het toezicht op het provinciebestuur
+ Titel VI
+ Titel VII. Overgangs- en slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht