1.
Een ontheffing kan worden ingetrokken:
a. indien de houder van de ontheffing handelt in strijd met een bij of krachtens deze wet gesteld voorschrift;
2.
Met het oog op toepassing van het eerste lid, onder b, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen, bedoeld in artikel 8 van de in het eerste lid, onder b, genoemde wet, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd.
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 3a
Artikel 3b
Artikel 3c
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 7a
Artikel 8
Artikel 8a
Artikel 8b
Artikel 8c
Artikel 8d
Artikel 8e
Artikel 8f
Artikel 8g
Artikel 8h
Artikel 8i
Artikel 8j
Artikel 8k
Artikel 9
Artikel 9a
Artikel 10
Artikel 10a
Artikel 11
Artikel 11a
Artikel 11b
Artikel 12
Artikel 13
Artikel 13a
Artikel 13b
Artikel 14
Artikel 15
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht