1.
Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden om naleving van de bepalingen van het Enkelvoudig Verdrag en het Psychotrope Stoffen Verdrag en de bij of krachtens deze wet gestelde voorschriften te verzekeren, of om misbruik van een middel als bedoeld in lijst I of II te voorkomen.
2.
In de ontheffing wordt ten minste vermeld:
a. voor welke van de verboden, bedoeld in artikel 2 of  3 zij wordt verleend;
b. voor welke doeleinden zij wordt verleend;
c. op welk perceel of in welke lokaliteit de desbetreffende handelingen mogen plaatsvinden;
d. de wijze van opslag;
e. de wijze van beveiliging;
f. de manier waarop de voorraadadministratie is ingericht.
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 3a
Artikel 3b
Artikel 3c
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 7a
Artikel 8
Artikel 8a
Artikel 8b
Artikel 8c
Artikel 8d
Artikel 8e
Artikel 8f
Artikel 8g
Artikel 8h
Artikel 8i
Artikel 8j
Artikel 8k
Artikel 9
Artikel 9a
Artikel 10
Artikel 10a
Artikel 11
Artikel 11a
Artikel 11b
Artikel 12
Artikel 13
Artikel 13a
Artikel 13b
Artikel 14
Artikel 15
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht