4.5. Het voeren van een adequate administratie op verzekerdenniveau voor persoonsgebonden budget (taak 10)
In deze paragraaf van de bestuurlijke verantwoording beschrijft de concessiehouder de wijze waarop hij invulling heeft gegeven aan de inrichting van een adequate cliëntvolgende bedrijfsadministratie voor het persoonsgebonden budget (pgb, artikel 3 sub c van de Aanwijzing zorgkantoren 2014). Een adequate cliëntvolgende bedrijfsadministratie voor het pgb houdt in dat het zorgkantoor voor elke budgethouder op overzichtelijke wijze in het geautomatiseerde systeem vastlegt:
het indicatiebesluit;
de voorlopige budgettoekenning (beschikking) met het bruto toegekende pgb en de ingehouden eigen bijdrage;
de ontvangen verantwoordingsformulieren en eventuele onderliggende facturen en dergelijke;
de definitieve budgettoekenning;
de uitbetalingen en terugvorderingen van voorlopige en definitieve pgb-bedragen.
De concessiehouder beschrijft of zijn administratie hieraan voldoet.
Verder beschrijft de concessiehouder in de bestuurlijke verantwoording de volgende aspecten:
De wijze waarop hij de juiste vaststelling van het pgb heeft geborgd (in de geautomatiseerde systemen en/of door het uitvoeren van interne controles).
De wijze waarop hij de juiste berekening van de voorlopige en definitieve eigen bijdrage heeft geborgd.
De concessiehouder moet volgens artikel 2.6.14 van de Regeling subsidies AWBZ de door budgethouders ingediende verantwoordingsformulieren pgb controleren. Deze controle moet plaatsvinden op basis van het door Zorginstituut opgestelde Controle- en incassoprotocol pgb-AWBZ 2014. De concessiehouder verantwoordt zich in de bestuurlijke verantwoording over de uitvoering van de controles zoals opgenomen in het Controle- en incassoprotocol. Hij beschrijft in ieder geval:
Of een controleplan aanwezig is dat is gebaseerd op risicoanalyse en het ‘risicoprofiel budgethouders voor huisbezoeken’ van het Protocol Huisbezoeken pgb-AWBZ.
De controles die zijn uitgevoerd bij de aanvraag van een pgb (screening) en welke acties zijn ondernomen als deze screening tot bevindingen leidde.
Of de globale controle voor alle verantwoordingsformulieren is uitgevoerd en of de globale controle de in het Controle- en incassoprotocol genoemde werkzaamheden dekt. Ook beschrijft de concessiehouder welke acties hij heeft ondernomen als de globale controle tot bevindingen leidde.
Of bestandsanalyses zijn uitgevoerd en welke acties zijn ondernomen op de bevindingen uit de bestandsanalyse.
De uitvoering van het administratieve vooronderzoek voor de huisbezoeken, op welke wijze de budgethouders voor dit onderzoek zijn geselecteerd, en of in dit vooronderzoek de controlepunten uit het Controle- en incassoprotocol zijn geraakt.
De uitvoering van de huisbezoeken, de voortgang naar de stand van eind 2014 en de bevindingen.
Of de concessiehouder de geconstateerde fouten heeft opgenomen in een foutevaluatie en of naar aanleiding van deze foutevaluatie vervolgacties zijn ondernomen. Als de concessiehouder bepaalde in het Controle- en incassoprotocol vereiste controles niet heeft uitgevoerd, beschrijft de concessiehouder welke controles dat betreft en wat de reden is voor het niet uitvoeren van die controles.
De uitvoering van het pgb bij verblijf in het buitenland langer dan zes weken.
Als bij de vaststelling van het pgb blijkt dat er gelden moeten worden teruggevorderd, stelt de concessiehouder een vordering in op de budgethouder. De concessiehouder neemt hierbij het Controle- en incassoprotocol pgb-AWBZ 2014 in acht. De concessiehouder moet bij de budgethouder het bedrag terugvorderen. De concessiehouder kan echter pas overgaan tot verrekening als de budgethouder niet aan zijn verplichtingen voldoet en de vordering opeisbaar wordt. De concessiehouder verantwoordt zich in de bestuurlijke verantwoording over de uitvoering van het incassobeleid en beschrijft conform het incassoprotocol:
De eerste fase van het incassoproces: de aanmaningen.
Beëindiging van de bevoorschotting van het lopende pgb.
De overdracht aan de incassopartner en de werkwijze van de incassopartner.
Het beleid van afboekingen.
De omvang van de in 2014 afgeboekte bedragen ten laste van de subsidieregeling, uitgesplitst naar de subsidiejaren waarop zij betrekking hebben.
Het aandeel hierin van de oninbaar gebleken incassokosten.
Als een concessiehouder financieel rendement heeft behaald op tijdelijk overtollige voorschotten pgb dient hij het financieel rendement op grond van artikel 1.10.3 van de Regeling subsidies AWBZ als baten in de subsidieverantwoording op te nemen. De concessiehouder vermeldt het bedrag van het in het boekjaar gerealiseerde financieel rendement op tijdelijk overtollige middelen pgb en vermeldt onder welke post hij dit bedrag heeft verantwoord in de exploitatierekening.
De concessiehouder neemt in de bestuurlijke verantwoording de volgende kengetallen op over de uitvoering van het pgb. Tabel 17. Kengetal: terug te vorderen percentage pgb
Registratie code Kengetal Toelichting
VE10 Aan het eind van het jaar van budgethouders terug te vorderen percentage van het totale budget toegekende pgb’s Het totaal te vorderen bedrag (budget boekjaar) van pgb-budgethouders aan het eind van het jaar, gedeeld door het totaal budget toegekende pgb’s ten laste van het verslagjaar. Het totale budget toegekende pgb’s betreft het bedrag ten laste van het verslagjaar, na aftrek van de eigen bijdragen.

Bron: NZa Tabel 18. Kengetal: budget pgb boekjaar
Registratie code Kengetal Toelichting
ZC 03 Totale budget aan toegekende pgb’s Het gaat hier om toegekende pgb-budgetten waarvan de kosten (na eliminatie van de eigen bijdragen) ten laste van het verslagjaar komen.

Bron: NZa
Inhoudsopgave
Verantwoordingsplicht concessiehouders over de uitvoering AWBZ
Vooraf
1. Verantwoordingsstructuur AWBZ
1.1. Inleiding
1.2. Wettelijk kader verantwoording
1.3. Normenkader verantwoording
1.4. Verantwoordingsstructuur
1.5. Mededeling in Staatscourant
2. De taken van zorgkantoren en de relatie met het begrip rechtmatigheid
2.1. Inleiding
2.2. Financiële en procedurele rechtmatigheid
2.3. Taken van de zorgkantoren
2.3.1. Taak 1: Het verstrekken van informatie
2.3.2. Taak 2: Het bewaken van tijdige zorgverlening
2.3.3. Taak 3: Het zijn van aanspreekpunt voor AWBZ-verzekerden, zorgaanbieders en gemeenten in de zorgregio
2.3.4. Taak 4: Het op cliëntgerichte wijze uitvoeren van de subsidieregeling persoonsgebonden budget (pgb)
2.3.5. Taak 5: het behandelen van klachten
2.3.6. Taak 6: Het inkopen van zorg
2.3.7. Taak 7: het leveren van doelmatige zorg binnen de contracteerruimte
2.3.8. Taak 8: Het stimuleren van innovatie en kwaliteit zorgverlening
2.3.9. Taak 9: Het voeren van een adequate administratie op verzekerdenniveau voor zorg in natura
2.3.10. Taak 10: Het voeren van een adequate administratie op verzekerdenniveau voor pgb
2.3.11. Taak 11: Het bewaken van de continuïteit van zorgverlening
2.3.12. Taak 12: Het uitvoeren van materiële controles
2.3.13. Taak 13: het bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik van AWBZ-gelden
2.3.14. Taak 14: Het onderhouden van adequate administratieve organisatie en interne beheersing
2.3.15. Taak 15: Het betalen van zorgaanspraken AWBZ
2.3.16. Taak 16: Het bij het Zorginstituut Nederland in rekening brengen van schaden AWBZ
2.3.17. Taak 17: Het vaststellen van de volledigheid en juistheid van de renteopbrengsten Algemeen Fonds bijzondere Ziektekosten (AFBZ)
2.3.18. Taak 18: Het toerekenen van beheerskosten AWBZ
2.3.19. Taak 19: het zorgdragen voor een jaarlijkse verantwoording over de uitvoering van de AWBZ
2.4. Relatie taken, rechtmatigheid en verantwoording
2.5. Betrouwbaarheid en nauwkeurigheid
2.6. Foutentabel
3. Uitvoeringsverslag
3.1. Inleiding
3.2. Algemene informatie
3.2.1. Bestuursverklaring bij het uitvoeringsverslag
3.2.2. Typering organisatie
3.2.3. Strategie en ontwikkelingen
3.2.4. Gedragscode
3.3. Service aan cliënten
3.3.1. Het verstrekken van informatie (taak 1)
3.3.2. Het bewaken van tijdige zorgverlening (taak 2)
3.3.3. Het zijn van aanspreekpunt voor AWBZ-verzekerden, zorgaanbieders en gemeenten in de zorgregio (taak 3)
3.3.4. Het op cliëntgerichte wijze uitvoeren van de subsidieregeling persoonsgebonden budget (taak 4)
3.3.5. Het behandelen van klachten (taak 5)
3.4. Zorginkoop- en contractering
3.4.1. Het inkopen van zorg (taak 6)
3.4.2. Het stimuleren van innovatie en kwaliteit zorgverlening (taak 8)
3.5. Outcome-indicatoren uitvoeringsverslag
3.5.1. Outcome-indicatoren: Het bewaken van tijdige zorgverlening (taak 2)
3.5.1.1. Indicator Wachtlijsten (behoort bij taak 2):
3.5.1.2. Indicator Levering binnen de treeknorm (behoort bij taak 2):
3.5.1.3. Indicator Spoedzorg (behoort bij taak 2), inventariserend:
3.5.2. Outcome-indicator: Het zijn van aanspreekpunt voor AWBZ-verzekerden, zorgaanbieders en gemeenten in de zorgregio (taak 3)
3.5.2.1. Indicator Telefonische bereikbaarheid (behoort bij taak 3):
3.5.3. Outcome-indicatoren: Het op cliëntgerichte wijze uitvoeren van de subsidieregeling persoonsgebonden budget (taak 4)
3.5.3.1. Indicator Cliënttevredenheid pgb (behoort bij taak 4):
3.5.3.2. Indicator Tijdige afhandeling pgb (behoort bij taak 4):
3.5.4. Outcome-indicatoren: Het behandelen van klachten (taak 5)
3.5.4.1. Indicator Tijdige ontvangstbevestiging klachten (behoort bij taak 5):
3.5.4.2. Indicator Tijdige afhandeling klachten (behoort bij taak 5):
3.5.4.3. Indicator Inbreng verzekerden bij klachten (behoort bij taak 5):
3.5.4.4. Indicator Verwijzing naar Nationale ombudsman bij klachten (behoort bij taak 5):
4. Bestuurlijke verantwoording
4.1. Inleiding
4.2. Bestuursverklaring bij de bestuurlijke verantwoording
4.3. Het leveren van doelmatige zorg binnen de contracteerruimte (taak 7)
4.4. Het voeren van een adequate administratie op verzekerdenniveau voor zorg in natura (taak 9)
4.5. Het voeren van een adequate administratie op verzekerdenniveau voor persoonsgebonden budget (taak 10)
4.6. Het bewaken van de continuïteit van zorgverlening (taak 11)
4.7. Het uitvoeren van materiële controles (taak 12)
4.8. Het bestrijden van misbruik en oneigenlijk van AWBZ-gelden (taak 13)
4.9. Het onderhouden van een adequate administratieve organisatie en interne beheersing (taak 14)
4.10. Het betalen van zorgaanspraken AWBZ (taak 15)
4.11. Het bij het Zorginstituut Nederland in rekening brengen van schaden AWBZ (taak 16)
4.12. Het vaststellen van de volledigheid en juistheid van de renteopbrengsten AFBZ (taak 17)
4.13. Het toerekenen van beheerskosten AWBZ (taak 18)
4.14. Outcome-indicatoren bestuurlijke verantwoording
4.14.1. Outcome-indicatoren: Het voeren van een administratie op verzekerdenniveau voor zorg in natura (taak 9)
4.14.1.1. Indicator tijdige aanbieding declaraties (behoort bij taak 9):
4.14.1.2. Indicator juiste aanbieding declaraties (behoort bij taak 9):
4.14.1.3. Indicator tijdige afhandeling declaraties (behoort bij taak 9):
4.14.1.4. Indicator juiste afhandeling declaraties (behoort bij taak 9):
4.14.1.5. Indicator volledige afhandeling declaraties (behoort bij taak 9):
4.14.2. Outcome-indicator: Het bewaken van de continuïteit van zorgverlening (taak 11)
4.14.2.1. Indicator continuïteit van zorgverlening (behoort bij taak 11), inventariserend:
5. Financiële verantwoording
5.1. Inleiding
5.2. Bestuursverklaring bij de financiële verantwoording
5.3. Inrichtingsvoorschriften
5.3.1. Titel 9 Boek 2 Burgerlijk Wetboek (BW)
5.3.2. Baten en lasten
5.3.3. Te hanteren modellen
6. Aanleverprocedure en vertrouwelijkheid gegevens
6.1. Aanleverprocedure
6.2. Vertrouwelijkheid van bedrijfsgegevens
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht