1.
Het verzoek, bedoeld in de artikelen D 3 en D 3a, wordt niet eerder ingediend dan zes maanden voor de dag van stemming.
2.
Het verzoek dient uiterlijk zes weken voor de dag van stemming te zijn ontvangen door het orgaan waarbij het moet worden ingediend.
3.
Het verzoek wordt beoordeeld naar de vermoedelijke toestand op de dag van de kandidaatstelling.
4.
Op het verzoek wordt uiterlijk op de zevende dag na ontvangst beslist.
5.
Uitsluitend bij burgemeester en wethouders van ’s-Gravenhage of bij de vertegenwoordiger van Nederland in Aruba, Curaçao of Sint Maarten kan het verzoek elektronisch worden ingediend.
6.
Bij algemene maatregel van bestuur wordt geregeld waar en wanneer de formulieren voor de verzoeken, kosteloos, voor de kiezers verkrijgbaar zijn. Bij ministeriële regeling wordt voor de formulieren een model vastgesteld.
Inhoudsopgave
+ Afdeling I. Algemene bepalingen
- Afdeling II. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van provinciale staten, van de algemene besturen en van de gemeenteraden
+ Afdeling III. De verkiezing van de leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
+ Afdeling IV. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal, provinciale staten, het algemeen bestuur en de gemeenteraad
+ Afdeling V. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement
+ Afdeling Va. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van de eilandsraden, van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en van het Europees Parlement in Bonaire, Sint Eustatius en Saba
+ Afdeling VI. Straf-, slot- en overgangsbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht