Kiesbesluit voor de Kamers van Koophandel en Nijverheid BES
Artikel 1a
In dit besluit wordt verstaan onder «openbaar lichaam»: het openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba.
Artikel 1b
In dit Reglement wordt verstaan onder:
a. Wet: Wet op de Kamers van Koophandel en Nijverheid BES ;
b. de Kamer: de Kamer van Koophandel en Nijverheid;
c. den Secretaris: de Secretaris der Kamer van Koophandel en Nijverheid;
d. het Bestuurscollege: het Bestuurscollege van het openbaar lichaam waar de Kamer is gevestigd;
e. de Verkiezingscommissie: de Commissie bedoeld in art. 9 van de wet.
Artikel 2
De Kamer is belast met de samenstelling van de kiezerslijsten bedoeld in artikel 5 van dit Reglement.
Artikel 3
Aan de Verkiezingscommissie is opgedragen de voorbereiding van het verkiezingswerk, de behandeling van de candidatenopgave bedoeld in artikel 20 van dit Reglement, de werkzaamheden verbonden aan de stemming en de bekendmaking van den uitslag van de verkiezing, een en ander volgens regelen hieronder gesteld.
1.
De verkiezing van leden van de Kamer overeenkomstig de regelen van verkiesbaarheid in de wet neergelegd, geschiedt:
a. bij periodieke verkiezing; en
b. bij tusschentijdsche verkiezing.
2.
Een verkiezing geschiedt bij candidaatstelling, of indien daarbij meer personen candidaat worden gesteld dan zetels beschikbaar zijn, bij stemming ten overstaan van de verkiezingscommissie.
1.
De kiezerslijsten, ingericht volgens de hierbij gevoegde modellen A1 en A2, vermelden aan het hoofd respectievelijk de woorden: «Lijst van kiezers voor het grootbedrijf/voor het klein-bedrijf, allen ingeschreven in het handelsregister en overigens voldoende aan de eischen van kiesbevoegdheid ingevolge het bepaalde bij art. 3 van de Wet op de Kamers van Koophandel en Nijverheid BES, met vermelding van het jaar waarvoor zij gelden en met bijvoeging van den naam van het gebied van de Kamer.
2.
Verder bevatten de kiezerslijsten het volgnummer, de namen der kiezers met hunne voornamen in alphabetisch-lexicografische volgorde gerangschikt, de plaats en de dagteekening hunner geboorte, het folionummer van het handelsregister waarop zij zijn ingeschreven, de straat, het woningnummer en de plaats hunner inwoning op een tijdstip zoo dicht mogelijk bij 1 Augustus van het jaar der vaststelling van de kiezerslijsten en den datum waarop hunne namen in het handelsregister zijn opgenomen.
Artikel 6
De lijsten worden uiterlijk op 1 augustus gedrukt openbaar gemaakt in een of meer in Bonaire, Sint Eustatius of Saba verschijnende nieuwsbladen, door aanplakking ter plaatse, waar zulks gebruikelijk is en verder voor een ieder ter inzage gelegd ter Secretarie van de Kamer.
Artikel 7
Tot en met 15 Augustus is een ieder die in het Handelsregister voorkomt bevoegd bij de Kamer verbetering van een door haar vastgestelde kiezerslijst te vragen op grond dat hijzelf of een ander in strijd met de wet daarop voorkomt, niet voorkomt, of niet behoorlijk voorkomt.
Artikel 8
Indien het verzoek om verbetering van een lijst niet den verzoeker betreft, wordt den belanghebbende door den voorzitter binnen vier en twintig uren schriftelijk hiervan mededeeling gedaan.
Artikel 9
Het verzoek om verbetering wordt ter secretarie der Kamer ter inzage neergelegd van een ieder die in het Handelsregister voorkomt.
Artikel 10
Vóór den 1sten September onderzoekt de Kamer de verzoeken om verbetering en neemt hare beslissing; overeenkomstig de beslissing worden door den Voorzitter en den Secretaris der Kamer de vereischte wijzigingen in de kiezerslijst/lijsten aangebracht en gewaarmerkt.
Artikel 11
De beslissing van de Kamer is met redenen omkleed en wordt ter Secretarie van de Kamer ter inzage gelegd van een ieder die in het Handelsregister voorkomt.
Artikel 12
De Voorzitter der Kamer doet ten spoedigste, uiterlijk op den 5den dag na dien der beslissing, schriftelijk mededeeling van de beslissing aan hem wien de wijziging betreft. Gelijke mededeeling geschiedt, wanneer het verzoek om verbetering geheel of ten deele niet is toegewezen, aan den verzoeker, zoo de gevraagde verbetering der lijst niet hemzelf betrof.
Artikel 13
Gedurende 5 dagen, te rekenen van den dag der in artikel 12 bedoelde mededeeling, kan door ieder, die niet in de door de Kamer genomen beslissing berust, de zaak bij een met redenen omkleed verzoek, vergezeld van bewijsstukken en een afschrift der beslissing van de Kamer, worden onderworpen aan de beslissing van het Gerecht in eerste aanleg van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba dat zittingsplaats heeft in het openbaar lichaam waar de kamer is gevestigd.
Artikel 14
Het Gerecht bedoel in artikel 13 beslist op het verzoek vóór de eerste oktober. De beslissing is met redenen omkleed en wordt in afschrift medegedeeld aan dengene, wien ze betreft, en, zoo deze niet de verzoeker is, ook aan den verzoeker, terwijl een afschrift ter inzage van ieder die in het Handelsregister voorkomt aan de Secretarie der Kamer wordt toegezonden.
Artikel 15
De volgnummers, namen en verdere aanteekeningen omtrent hen, die tengevolge van verbetering eener lijst door de Kamer of na hooger beroep op een lijst worden gebracht, worden gesteld aan den voet van de bladzijden van de lijst, waarop zij naar alfabetische volgorde behooren voor te komen. Aan den voet van elke bladzijde wordt daartoe voldoende ruimte opengelaten. De volgnummers van hen, die aldus op de lijst zijn gebracht worden aangeduid door het nummer, geplaatst vóór den naar alfabetische volgorde onmiddellijk voorafgaanden naam met toevoeging van de letters a, b, c enz.
Artikel 16
Volgnummers en namen van hen, die ten gevolge van verbetering eener lijst door de Kamer of na hooger beroep van een lijst worden afgevoerd, worden doorgehaald met waarmerking door den Voorzitter en den Secretaris van de Kamer.
Artikel 17
Na den 15den Oktober kunnen geen wijzigingen meer in de kiezerslijsten worden aangebracht. De alsdan vastgestelde lijsten gelden voor een jaar.
1.
Voor de verkiezingen in het jaar 2011 kan worden afgeweken van de data en termijnen genoemd in de artikelen 5, tweede lid, 6, 7, 10, 13, 14 en 17.
2.
Het bestuur van de Kamer maakt de toepasselijke data en termijnen op passende wijze bekend.
Artikel 18
De candidaatstelling voor de verkiezing van de leden van de Kamer ter vervulling van de vacatures ontstaan door periodieke aftreding, geschiedt in de eerste helft van de maand November voorafgaande aan de periodieke aftreding gedurende een door de Kamer vast te stellen tijdperk van 14 dagen. De candidaatstelling voor de verkiezing van leden van de Kamer ter vervulling van plaatsen die door ontslag, overlijden of om andere redenen dan periodieke aftreding zijn ontstaan, zal plaats hebben binnen den termijn bedoeld bij artikel 8 der wet gedurende een door de Kamer vast te stellen tijdperk van 14 dagen.
1.
Onmiddellijk na de vaststelling van de in het voorgaand artikel genoemde tijdperken geeft de Kamer hiervan, onder vermelding tevens van het aantal te vervullen plaatsen, kennis aan de Verkiezingscommissie.
2.
Het tijdperk voor de candidaatstelling zal, onder vermelding van het aantal te vervullen plaatsen, ten minste een maand van te voren door den Voorzitter van de Kamer bekend gemaakt worden op de wijze als in artikel 6 omschreven.
1.
Gedurende het tijdperk van veertien dagen voor de candidaatstelling in het voorgaand artikel genoemd kunnen ter Secretarie der Kamer op werkdagen van des voormiddags negen uur tot 12 uur des middags candidaten worden opgegeven door indiening van eene opgave onderteekend door ten minste 15 kiezers voor de Kamer van Bonaire respectievelijk ten minste 5 kiezers voor de Kamer van Sint Eustatius en Saba, die bevoegd zijn deel te nemen aan de verkiezing waarvoor de candidaatstelling geschiedt, en vergezeld van eene schriftelijke verklaring van den candidaat dat deze bereid is een candidatuur te aanvaarden.
2.
Elke opgave mag slechts den naam van één candidaat bevatten.
Artikel 21
De opgaven van candidaten worden ingericht conform de bij dit Reglement gevoegde modellen B1 en B2.
Artikel 22
De formulieren voor de opgave van candidaten en voor de schriftelijke verklaringen van de candidaten zijn van den dag der in artikel 19 bedoelde bekendmaking af, kosteloos voor kiezers verkrijgbaar ter Secretarie van de Kamer.
Artikel 23
De inlevering van de opgaven van candidaten geschiedt persoonlijk door één der onderteekenaars. De Secretaris stelt een bewijs van ontvangst ter hand aan dengene die de opgave inleverde.
Artikel 24
Nadat de termijn van indiening der candidaten-opgaven is verstreken, zendt de Secretaris van de Kamer de ingekomen candidatenopgaven aan de Verkiezingscommissie.
1.
Indien eene opgave niet onderteekend is door ten minste het aantal kiezers, bedoeld in artikel 20, of indien ze niet vergezeld is van de schriftelijke verklaring als voorgeschreven bij evengemeld artikel zal de Verkiezingscommissie daarvan bij aangeteekenden brief kennis geven aan hem die de opgave inleverde.
2.
Deze kan binnen drie dagen na dagteekening van dien brief het verzuim herstellen door het doen aanvullen der onderteekening of door overlegging van de schriftelijke verklaring. Indien het verzuim binnen dien termijn niet hersteld is zal de Verkiezingscommissie de opgave ongeldig verklaren.
3.
De Verkiezingscommissie onderzoekt de opgaven van candidaten. Indien op eene opgave iemand als candidaat staat vermeld die de vereischten om te worden gekozen niet bezit, zal de Verkiezingscommissie de candidaatstelling van dien persoon ongeldig verklaren.
Artikel 26
Een opgave, die den naam van meer dan één candidaat bevat, wordt door de Verkiezingscommissie ongeldig verklaard.
1.
Van de ongeldigverklaring van eene opgave geeft de Verkiezingscommissie bij aangeteekenden brief kennis aan hem die de opgave inleverde.
2.
Deze kan binnen drie dagen na uitreiking of verzending van de brief in beroep komen bij het Gerecht, bedoeld in artikel 13.
Artikel 28
Het Gerecht bedoeld in artikel 13 beslist op dit beroep bij een met redenen omkleede uitspraak binnen vijf dagen na den dag waarop het beroep is ingekomen, en deelt zijne uitspraak mede aan hem, die het beroep heeft gedaan en aan de Verkiezingscommissie.
Artikel 29
Nadat de termijn van beroep is verstreken of, ingeval van beroep na de uitspraak het Gerecht bedoeld in artikel 13 plaatst de Verkiezingscommissie de namen der candidaten, wier candidatuur niet ongeldig is verklaard, in alfabetisch-lexicografische volgorde op een candidatenlijst met vermelding of zij candidaat gesteld zijn voor het grootbedrijf of voor het kleinbedrijf en stelt daarmede de candidatenlijs vast. Een afschrift van deze candidatenlijst wordt aan de Kamer toegezonden.
1.
De candidatenlijst wordt door de Kamer binnen drie dagen openbaar gemaakt op de wijze als in artikel 6 omschreven.
2.
Deze lijst wordt ook ter Secretarie der Kamer voor ieder die in het Handelsregister is ingeschreven ter inzage neergelegd.
1.
Nadat de vaststelling van de candidatenlijst heeft plaats gehad neemt de Verkiezingscommissie aan de hand van het onderstaande een der volgende beslissingen, te vermelden in het proces-verbaal der verkiezing, ingericht conform het bij dit Reglement gevoegd model C.
2.
Indien de aantallen der op de candidatenlijst respectievelijk voor het grootbedrijf en voor het kleinbedrijf voorkomende candidaten gelijk is aan de aantallen der voor beide categorieën te vervullen plaatsen, verklaart de verkiezingscommissie alle op de lijst geplaatste candidaten gekozen.
3.
Indien een der beide aantallen geringer is dan het aantal te vervullen plaatsen voor die categorie of beide aantallen geringer zijn, verklaart de verkiezingscommissie alle candidaten gekozen en geeft aan het Bestuurscollege onverwijld kennis van het aantal of de aantallen opengebleven plaatsen.
4.
In de vervulling van deze opengebleven plaatsen voorziet het Bestuurscollege door benoeming van leden uit de kiezers. Hetzelfde geschiedt indien tengevolge van het niet aannemen eener verkiezing bij candidaatstelling een aantal plaatsen onbezet blijft.
5.
Indien het aantal of de aantallen der candidaten op de candidatenlijst voorkomende het aantal of de aantallen te vervullen plaatsen overtreft of overtreffen, zal binnen 30 dagen na het tijdperk der candidaatstelling een stemming plaats hebben over de gestelde candidaten. De stemming zal dan plaatshebben in de maand December.
6.
Indien bovengenoemde gevallen zich eventueel ten aanzien van de beide categorieën candidaten verschillend voordoen, wordt ten aanzien van elke categorie de betrekkelijke beslissing, als vermeld genomen.
7.
Van de beslissingen wordt door de Verkiezingscommissie aan de Kamer mededeeling gedaan.
8.
De stemming wordt gehouden op een door de Kamer vast te stellen datum.
9.
Van een en ander wordt door de Kamer aan het Bestuurscollege kennis gegeven.
1.
Indien de Verkiezingscommissie heeft beslist dat verkiezing door stemming zal plaats hebben en voor de stemming één of meer der candidaten overlijdt of onbekwaam wordt voor het lidmaatschap van de Kamer en dientengevolge het aantal candidaten gelijk of minder wordt dan het aantal te vervullen zetels, wordt voor de vervallen candidatuur of candidaturen eene nieuwe candidatenstelling uitgeschreven.
2.
De Verkiezingscommissie vult alsdan met inachtneming van de artikelen 25, 26, 27 en 29 de door haar vastgestelde candidatenlijst aan.
3.
De Verkiezingscommissie doet aan de Kamer mededeeling van de namen waarmede de candidatenlijst is aangevuld.
Artikel 33
De Voorzitter van de Kamer maakt den dag van de stemming, het uur van aanvang, den duur der stemming en het aantal der te vervullen plaatsen ten minste drie weken vóór den dag der stemming bekend op de wijze als in artikel 6 omschreven.
1.
Ten minste zes dagen vóór den voor de verkiezing bepaalden dag ontvangt elke kiezer die bevoegd is deel te nemen aan de verkiezing, van de Kamer eene kaart, bevattende eene oproeping voor de stemming.
2.
Deze kaart is ingericht overeenkomstig het bij dit Reglement gevoegd model D en is verschillend gekleurd voor de oproeping van kiezers van elk der beide bedrijfscategorieën.
3.
Zij bevat den naam en de voorletters van den kiezer, het volgnummer waaronder hij op de kiezerslijst voorkomt, de plaats en tijd der stemming, en de namen van de candidaten in alfabetisch-lexicografische volgorde gerangschikt.
Artikel 35
Aan den tot deelneming aan de stemming bevoegden kiezer, wordt op zijn aanvraag door de Verkiezingscommissie een nieuwe kaart dan wel eene kaart uitgereikt, mits hij zijne identiteit voldoende bewijst.
1.
De stemming vangt aan des voormiddags om 9 uur en duurt tot des middags 12 uur.
2.
Op den dag voor de stemming bepaald opent de Voorzitter van de Verkiezingscommissie op het uur voor den aanvang aangewezen de zitting van de Verkiezingscommissie en laat de kiesbevoegden in het lokaal toe.
3.
Gedurende de zitting zijn steeds de Voorzitter en twee leden van de Verkiezingscommissie aanwezig.
4.
Bij ziekte of noodzakelijke verhindering van den Voorzitter treden die leden naar volgorde der benoeming als zoodanig op.
5.
De tijdelijke vervanging der leden wordt zoo daaraan behoefte bestaat door den Voorzitter van de Verkiezingscommissie geregeld.
6.
Zijn geen plaatsvervangende leden beschikbaar, dan worden door den Voorzitter, uit de in het lokaal aanwezige kiezers, een of meer der leden benoemd voor den tijd der ontstentenis van de plaatsvervangende leden.
7.
Van alle verwisselingen in de samenstelling van de Verkiezingscommissie wordt op het proces-verbaal aanteekening gehouden met opgave van de reden daarvoor en van den tijd der vervanging.
1.
Op de tafel, voor de Verkiezingscommissie staande, liggen een exemplaar van de wet, een exemplaar van dit Reglement en een exemplaar van de lijst der kiezers.
2.
Ieder der twee leden van de Verkiezingscommissie heeft een exemplaar van de eventueel bijgewerkte gedrukte kiezerslijst voor zich liggen.
Artikel 38
De tafel is zoodanig geplaatst, dat de kiezers de verrichtingen van de Verkiezingscommissie kunnen gadeslaan.
1.
Nevens of op die tafel staat een blikken stembus.
2.
De stembus is een ronde bus, van boven eenigszins schuin oploopend, gedekt met een rond deksel, in welks midden een sleuf ter lengte van 0,106 meter, ter breedte van 0.008 meter; het deksel vastgehecht aan de eene zijde der bus met een van binnen geklonken scharnier en hebbende twee lippen, passende op twee insgelijks in de bus geklonken oogen waardoor twee hangsloten kunnen worden gehangen; de sleuf gedekt met een op het deksel vastgehecht plaatje, waaraan twee naar binnen uitspringende veeren zijn bevestigd, welke plaatje van buiten toegedrukt zijnde, niet dan door middel van drukking aan de binnenzijde van het deksel kan worden geopend; aan de beide zijden van het de sleuf dekkende plaatje, twee platte oogjes en aan de beide zijden der bus in dezelfde richting, ter plaatse waar het schuin oploopen der bus begint, insgelijks twee platte oogjes; de oogjes van genoegzame breedte dat daardoor een stuk band kan worden gehaald; boven op het deksel, achter het plaatje, een beugeltje met een scharnier in het deksel vastgehecht en geschikt om over het plaatje, wanneer dit geopend is, gelegd en in een oogje door middel van een pennetje bevestigd te worden, ten einde het toeslaan van het plaatje te beletten; een hengsel, aan twee kanten der bus waar het schuinoploopen begint, vastgehecht.
3.
De bus wordt gesloten door zoodanige drukking op het de sleuf dekkende plaatje, dat de aan het plaatje bevestigde twee veeren binnen de bus uitspringen en het openen van het plaatje aan de bovenzijde van het deksel onmogelijk maken.
1.
De Voorzitter van de Verkiezingscommissie draagt zorg dat uiterlijk een uur voor het tijdstip van aanvang der stemming aanwezig zijn stembiljetten voor elke bedrijfscategorie verschillend gekleurd en voor elk tot een aantal bedragende tien ten honderd meer dan het getal der kiesbevoegden, benevens een voldoend aantal duplicaat-oproepingskaarten.
2.
Andere stembiljetten mogen bij het stemmen niet worden gebruikt.
3.
Nadat de Voorzitter en de twee leden van de Verkiezingscommissie zich overtuigd hebben dat de stembus volkomen ledig is sluit de eerstgenoemde de stembus en geeft aan elk lid van de Verkiezingscommissie een der sleutels in bewaring.
Artikel 41
Tot de stembus wordt niemand toegelaten dan de kiesbevoegden.
1.
De stemmen moeten worden uitgebracht op het stembiljet door den Voorzitter van de Verkiezingscommissie aan den kiezer tegen inlevering van de oproepingskaart te overhandigen.
2.
Op het stembiljet zijn aan de eene zijde in alfabetische volgorde de namen gedrukt van de candidaten over wie de stemming geschiedt; op de keerzijde is de handteekening van den voorzitter van de Kamer gestempeld.
3.
De verdere inrichting van het stembiljet geschiedt overeenkomstig het bij dit Reglement gevoegd model E.
1.
De kiezer overhandigt aan den voorzitter van de Verkiezingscommissie de kaart vermeld in lid 1 van artikel 42, die den naam van den kiezer en het nummer, waaronder deze op de kiezerslijst voorkomt, overluid voorleest.
2.
De 2 leden van de Verkiezingscommissie strepen ieder de namen van de kiezers, die door den voorzitter voorgelezen worden op de kiezerslijst aan.
3.
De kiezer ontvangt daarop uit handen van den Voorzitter het stembiljet.
1.
De kiezer begeeft zich na ontvangst van het stembiljet onverwijld naar een schrijftafel en stemt aldaar door met een daarvoor bestemd potlood het stemvak achter den naam van den candidaat of de candidaten zijner keuze te vullen.
2.
Hij vouwt het stembiljet dicht naar de zijde waarop de naam van den candidaat of de candidaten zijn gesteld en begeeft zich daarmede onmiddellijk naar de stembus. De kiezer steekt vervolgens het stembiljet persoonlijk in de stembus.
1.
Een kiezer kan wanneer hij zich bij de invulling van zijn stembiljet vergist eenmaal een nieuw stembiljet aanvragen, mits het eerst overhandigde door hem wordt teruggegeven,* hetwelk door den Voorzitter onbruikbaar wordt gemaakt.
2.
De onbruikbaarmaking van teruggegeven stembiljetten geschiedt door het afstempelen van het woord «onbruikbaar» op het stembiljet.
Artikel 46
Wanneer blijkt dat een kiezer lichamelijk hulpbehoevend is, kan de Voorzitter van de Verkiezingscommissie toestaan dat hij zich doet bijstaan.
Artikel 47
De 2 leden van de Verkiezingscommissie houden ieder door het stellen hunner paraaf naast den naam van den kiezer op het eventueel bijgewerkte gedrukte exemplaar van de kiezerslijst aanteekening, dat de kiezer aan de stemming heeft deelgenomen.
Artikel 48
Gedurende den tijd, dat de Verkiezingscommissie zitting houdt, zijn de kiezers bevoegd in het stemlokaal te vertoeven.
1.
De in het stemlokaal aanwezige kiezers kunnen, zoo de stemming niet overeenkomstig dit Reglement geschiedt, bezwaren inbrengen, op welke bezwaren door de Verkiezingscommissie wordt beslist.
2.
Hiervan wordt door de Verkiezingscommissie in het proces-verbaal der stemming melding gemaakt.
Artikel 50
De Voorzitter van de Verkiezingscommissie is belast met de handhaving der orde in het stemlokaal.
Artikel 51
Zoodra de voor de stemming bepaalde tijd verstreken is, wordt dit door den Voorzitter van de Verkiezingscommissie aangekondigd en worden alleen de op het ogenblik dezer aankondiging in of aan de deur van het stemlokaal aanwezige kiezers nog tot de stemming toegelaten.
Artikel 52
Onmiddellijk nadat de stemming is afgeloopen, wordt de stembus geopend en de inhoud op de tafel leeggestort. De Voorzitter en de 2 leden van de Verkiezingscommissie overtuigen zich wederom dat de stembus ledig is. Vervolgens worden de stembiljetten dooreengemengd en geteld.
Artikel 53
De Voorzitter opent de stembiljetten. Hij deelt, na opening van elk stembiljet, den naam mede van den candidaat, op wien eene stem is uitgebracht. De beide leden van de Verkiezingscommissie zien elk stembiljet na voorlezing na en houden aanteekening van iedere uitgebrachte stem.
Artikel 54
Van onwaarde zijn:
a. andere stembiljetten dan volgens dit Reglement mogen worden gebruikt;
b. stembiljetten, waarop geen enkel stemvak is ingevuld of waarop de stemvakken achter den naam van een grooter aantal candidaten, dan er plaatsen te vervullen zijn, ingevuld zijn;
c. de stembiljetten die eene aanduiding van den kiezer bevatten; en
d. stembiljetten die niet voorzien zijn van den bij artikel 42 bedoelden stempel.
1.
De Verkiezingscommissie beslist over de waarde van het stembiljet terstond nadat het geopend is.
2.
De Voorzitter van de Verkiezingscommissie maakt de reden van ongeldigverklaring en van twijfel en de beslissing onmiddellijk bekend.
3.
Indien een der in het lokaal aanwezige kiezers dit verlangt, moet het stembiljet aan hem worden vertoond.
4.
Van een en ander geschiedt aanteekening in het proces-verbaal der stemming.
1.
Terstond nadat alle stembiljetten zijn geopend en de daarop uitgebrachte stemmen opgenomen, wordt het aantal stembiljetten na aftrek der van onwaarde verklaarde stembiljetten vastgesteld.
2.
Vervolgens maakt de Voorzitter van de Verkiezingscommissie bekend zoowel het aantal uitgebrachte geldige stemmen als het aantal op iedere candidaat uitgebrachte stemmen. De candidaat of candidaten met het hoogst aantal stemmen in iedere categorie is of zijn gekozen. Hebben twee candidaten een gelijk aantal stemmen op zich vereenigd, en is slechts één plaats voor hen beschikbaar, dan beslist het lot, door den Voorzitter te trekken.
3.
Vervolgens wordt het aantal kiezers dat blijkens het aantal ingeleverde kaarten aan de verkiezing heeft deelgenomen en het aantal niet-gebruikte teruggegeven en onbruikbaar gemaakte stembiljetten vastgesteld.
4.
Daarna worden de twee exemplaren van de kiezerslijst met opgave van het aantal daarop gestelde parafen der 2 leden van de verkiezingscommissie door den Voorzitter en de twee leden van deze Commissie gewaarmerkt.
5.
Het totaal aantal uitgebrachte stembiljetten en het aantal kiezers dat blijkens de parafen op de kiezerslijst aan de stemming heeft deelgenomen, worden met elkaar vergeleken.
6.
De 2 gewaarmerkte exemplaren van de kiezerslijst, de geldige, de van onwaarde verklaarde en de niet-gebruikte teruggegeven en onbruikbaar gemaakte stembiljetten alsmede de ingeleverde oproepingskaarten, worden elke soort afzonderlijk in een verzegeld pak gesloten en blijven met het proces-verbaal berusten onder den Voorzitter van de Verkiezingscommissie.
7.
Vervolgens wordt het proces-verbaal der stemming, opgemaakt door een door den Voorzitter van de Verkiezingscommissie aan te wijzen lid en ingericht overeenkomstig het bij dit Reglement gevoegd model F, door alle leden van de Verkiezingscommissie geteekend.
8.
Nadat de noodige afschriften van en uittreksels uit het proces-verbaal zijn gemaakt, doch niet later dan 48 uren na de stemming, worden de evengenoemde stukken met het proces-verbaal ingediend bij de Kamer.
9.
Door de secretaris worden deze stukken binnen 24 uren aan het Bestuurscollege gezonden.
Artikel 57
Het Bestuurscollege bewaart het proces-verbaal. Hij vernietigt de twee gewaarmerkte exemplaren van de kiezerslijst, de stembiljetten en de oproepingskaarten na één jaar.
Artikel 58
De Voorzitter van de Kamer doet terstond afschrift van het proces-verbaal van de zitting van de Verkiezingscommissie ter Secretarie der Kamer voor een ieder ter inzage leggen, en maakt den uitslag der stemming bekend op de wijze als in artikel 6 omschreven.
Artikel 59
Personen bij wie en bestuurders van ondernemingen en instellingen waarbij kiesgerechtigde personen in dienstbetrekking zijn, zijn verplicht te zorgen dat ieder van deze personen die bevoegd is tot de keuze mede te werken, daartoe gelegenheid krijgt.
1.
De candidaat die ingevolge het 2e en 3e lid van artikel 31 van dit Reglement verkozen is, ontvangt van den Voorzitter van de Verkiezingscommissie onverwijld van zijne verkiezing eene schriftelijke mededeeling.
2.
Hij die na stemming tot lid der Kamer is verkozen ontvangt van den Voorzitter van de Verkiezingscommissie onverwijld een uittreksel uit het proces-verbaal.
3.
Een en ander geschiedt bij aangeteekenden brief met bewijs van ontvangst.
1.
De gekozene geeft bij ontvangst van de kennisgeving of van het uittreksel, bedoeld in het voorgaand artikel, het bewijs, bedoeld in artikel 60, lid 3, af, waarvan door de zorg van den voorzitter van de verkiezingscommissie onverwijld een afschrift wordt toegezonden aan den Voorzitter der Kamer en zendt voorts evengemelde stukken binnen 5 dagen aan den Voorzitter der Kamer, vergezeld van een uittreksel uit zijn geboorteakte en een uit zijn inschrijving in het bevolkingsregister van Bonaire, Sint Eustatius, of Saba.
2.
Een en ander strekt den gekozene tot geloofsbrief.
3.
Bij benoeming door het Bestuurscollege als bedoeld in artikel 31 moet het benoemingsbesluit als geloofsbrief aangemerkt worden.
4.
De tijdige inzending van den geloofsbrief aan den Voorzitter der Kamer geldt als aanvaarding van het lidmaatschap.
Artikel 62
Bij gebreke van tijdige inzending van den geloofsbrief als bedoeld in het vorige artikel wordt de gekozene geacht zijne verkiezing niet te hebben aangenomen.
Artikel 63
De Kamer geeft na afloop van de termijn in artikel 61, lid 1, van dit Reglement aan het Bestuurscollege schriftelijke mededeling of de gekozene zijn verkiezing al dan niet heeft aanvaard.
1.
De Kamer onderzoekt in de eerste op de verkiezing volgende vergadering de geloofsbrieven.
2.
Ingeval van verkiezing tengevolge van periodieke aftreding ingevolge art. 6, 2e lid der wet heeft deze vergadering plaats voor het einde van het jaar, waarin de verkiezing geschiedde. Ingeval van tusschentijdsche verkiezing moet het onderzoek van den geloofsbrief binnen een maand na de verkiezing plaats hebben.
Artikel 65
De nieuwe gekozen of benoemde leden nemen aan het onderzoek en de beoordeeling hunner geloofsbrieven geen deel en wonen de daarvoor te houden beraadslagingen niet bij.
Artikel 66
Tevens geschiedt kennisgeving aan het Bestuurscollege en de Verkiezingscommissie.
Artikel 67
De gekozene of benoemde kan tegen een beslissing tot niet-toelating binnen acht dagen na de dagteekening, bedoeld in het vorig artikel, beroep instellen bij het Gerecht, bedoeld in artikel 13.
Artikel 68
Het gerecht, bedoeld in artikel 13, beslist op het beroepschrift binnen acht dagen na ontvangst daarvan en zendt een kennisgeving van zijn beslissing aan de gekozene of benoemd, onder toezending van een afschrift van de beslissing aan de Verkiezingscommissie en de Kamer.
1.
Onmiddellijk, nadat eene beslissing tot niet-toelating onherroepelijk is geworden, geschiedt een nieuwe verkiezing of – zoo de verkiezing bij candidaatstelling heeft plaats gehad – benoeming overeenkomstig art. 31. Zulks geschiedt eveneens ingeval tengevolge van het niet aanvaarden van het lidmaatschap een vacature is ontstaan of in het geval, bedoeld in artikel 62, tenzij een gelijk aantal gekozenen overblijft als er plaatsen te vervullen zijn.
2.
Indien eene beslissing tot niet-toelating van een of meer gekozenen wegens onjuistheid van de vaststelling van den uitslag der stemming onherroepelijk is geworden, belegt de Voorzitter van de Verkiezingscommissie zoo spoedig mogelijk een zitting van deze Commissie ter herziening van de vaststelling van den uitslag der stemming met inachtneming van de beslissing.
Artikel 69a
De benoeming van de bestuursleden in de jaren 2011 en 2012 geschiedt voor een termijn van 1, 2, of 3 jaar, op basis van het op grond van 6, vijfde lid, van de wet opgestelde aftreedrooster.
Artikel 70
Dit besluit wordt aangehaald als: Kiesbesluit voor de Kamers van Koophandel en Nijverheid BES.
Artikel 71
[vervallen]
Artikel 72
[vervallen]
Inhoudsopgave
+ § 1. Algemeene bepalingen
+ § 2. De samenstelling van de kiezerslijsten
+ § 3. De verkiezing van de leden der Kamer
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht