Dienst- en werktijdenbesluit brandweerkorps BES
1.
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. feestdagen: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 37, onderdeel j, van het Rechtspositiebesluit ambtenaren BES wordt verstaan;
b. diensturen: het totaal van de werk-, wacht- en beschikbaarheidsuren;
c. werkuren: uren waarop de brandweerman gehouden is werkzaamheden te verrichten ten behoeve van de dienst; deze uren hebben een waarderingsfactor van 100%;
d. wachturen: uren waarop de brandweerman op de werkplaats beschikbaar blijft ten behoeve van de dienst: deze uren hebben een waarderingsfactor van 50%;
e. beschikbaarheidsuren: uren waarop de brandweerman niet op de werkplaats hoeft te verblijven maar oproepbaar is ten behoeve van de dienst; deze uren hebben een waarderingsfactor van 25%;
f. arbeidsuren: het totaal van de gewogen werk-, wacht- en beschikbaarheidsuren;
g. ambtenaar in wachtdienst: ambtenaar wiens dienst bestaat uit een combinatie van werk-, wacht- en beschikbaarheiduren;
h. overwerk: arbeid door een ambtenaar verricht buiten de voor hem bij dienstrooster voorgeschreven diensturen;
i. werkzaamheden: activiteiten die voortvloeien uit de door de ambtenaar vervulde functie, alsmede andere opgedragen activiteiten die om redenen van de dienst dan wel in het algemeen belang noodzakelijk zijn;
j. dienstrooster: de staat waarop voor de werknemers geldende werktijden zijn aangegeven;
k. Onze Minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
2.
Dit besluit is alleen van toepassing op ambtenaren, bedoeld in artikel 33, tweede lid, onder a, van de Veiligheidswet BES.
1.
Onze Minister stelt de door de ambtenaren te verrichten diensten vast middels een dienstrooster.
2.
De ambtenaar dient te allen tijde, door de daartoe bestaande middelen, kennis te kunnen nemen van het voor hem geldende dienstrooster.
3.
Het opstellen van het dienstrooster geschiedt in beginsel op een zodanig tijdstip dat hij van een door hem op een bepaalde datum te verrichten dienst ten minste twee weken van tevoren kan kennisnemen.
4.
Het dienstrooster wordt telkenmale vastgesteld voor een periode van een maand. Het wordt gedurende ten minste vijf jaren bewaard.
1.
Het dienstrooster moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
a. de arbeidsuren bedragen gemiddeld 39,5 uren per week.
b. per periode van vier weken worden acht roostervrije dagen aangegeven;
c. bij de vaststelling van een roostervrije dag wordt zorggedragen dat ten minste 18 uren van een zelfde kalenderdag deel uitmaken van een onafgebroken rusttijd van ten minste 30 uren;
d. bij de vaststelling van twee of meer opeenvolgende roostervrije dagen wordt zorggedragen dat daarop aansluitend ten minste 6 uren volgen gedurende welke geen dienst behoeft te worden gedaan;
e. de tijdstippen van het begin en het einde van de dienst worden vermeld.
2.
De gezamenlijke dienstroosters geven in een kalenderjaar in totaal ten minste 22 vrije weekenden aan dan wel ten minste 22 periodes van twee aaneengesloten vrije dagen waarbij de aaneengesloten periode een zaterdag of zondag omvat.
Artikel 4
Aan de ambtenaar, die niet in wachtdienst werkzaam is, wordt in beginsel op zondagen en op feestdagen een rustdag toegekend. Behoudens uitzonderingen, te bepalen door Onze Minister, wordt hem op zaterdagen eveneens een rustdag toegekend.
Artikel 5
Aan de ambtenaar in wachtdienst wordt voor de in een kalenderjaar vallende feestdagen een gelijk aantal extra rustdagen toegekend als aan de ambtenaar bedoeld in artikel 4 rustdagen op feestdagen worden toegekend. Deze dagen worden zoveel mogelijk over dat kalenderjaar verdeeld.
1.
Overwerk wordt slechts bij uitzondering en alleen in die gevallen opgedragen, waarin de belangen van de dienst zulks onvermijdelijk maken.
2.
Van verricht overwerk wordt telkenmale aantekening gehouden op het dienstrooster alsmede op een daartoe bestemd formulier. Het formulier moet worden ondertekend door de ambtenaar die het overwerk verrichtte en door de ambtenaar die de opdracht tot het verrichten van het overwerk gaf.
3.
Indien het dienstbelang het onvermijdelijk maakt, dat aan een ambtenaar werk wordt opgedragen buiten de voor hem vastgestelde werktijden, wordt hem door Onze Minister een vergoeding toegekend conform het bepaalde in artikel 25 van het Rechtspositiebesluit ambtenaren BES.
Artikel 9
De ambtenaar op Bonaire die in de wachtdienst werkzaam is en meer uren dienst verricht dan een door onze Minister vast te stellen aantal, ontvangt, behoudens uitzonderingen te bepalen door Onze Minister, per maand telkenmale een meerurentoelage.
Artikel 10
Behoudens het bepaalde in het Besluit vakantie en vrijstelling van dienst ambtenaren BES kan onze Minster voor de ambtenaren in wachtdienst nadere regels stellen over het opnemen van vakantiedagen en snipperdagen en over vrijstelling van dienst in verband met bijzondere omstandigheden.
1.
Indien de ambtenaar als gevolg van brand of hulpverleningen meer dan vier uren aaneengesloten werkzaamheden dient te verrichten en daarbij niet in de gelegenheid is om op zijn post zijnde een maaltijd te kunnen nuttigen, wordt van dienstwege een maaltijd verschaft, dan wel een maaltijdbon verstrekt.
2.
Indien een ambtenaar aaneengesloten aan zijn dienst voor meer dan twee uren overwerk dient te verrichten, wordt van dienstwege een maaltijd verschaft, dan wel een maaltijdbon verstrekt.
Artikel 12
Bij ministeriële regeling kunnen ter uitvoering van dit besluit nadere regels worden gesteld.
Artikel 13
Dit besluit berust op de artikelen 42 en 43 van de Ambtenarenwet BES.
Artikel 14
Dit besluit wordt aangehaald als: Dienst- en werktijdenbesluit brandweerkorps BES.
Inhoudsopgave
+ Algemene bepalingen
+ Dienstrooster
+ Dienst- en werktijden
+ Rustdagen
+ Overwerk
+ Paraatheidstoelage
+ Continudiensttoelage
+ Meerurentoelage
+ Vakantie en snipperdagen en vrijstelling van dienst i.v.m. bijzondere omstandigheden ambtenaar in wachtdienst
+ Maaltijdvergoeding
+ Slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht