Let op. Deze wet is vervallen op 1 december 2005. U leest nu de tekst die gold op 30 november 2005.

Besluit houdende bepaling data geen gelegenheid meer tot afleggen examens Overgangswet W.V.O.

Uitgebreide informatie
Besluit van 23 november 1984, houdende bepaling van de data, waarna geen gelegenheid meer wordt gegeven tot het afleggen van een aantal examens gebaseerd op de Overgangswet W.V.O.
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen, mede namens Onze Minister van Landbouw en Visserij, van 6 november 1984, nr. 5666/4530, centrale directie Wetgeving en Juridische Zaken;
Gelet op de artikelen 115, eerste lid, en 116, eerste lid, van de Overgangswet W.V.O. ( Stb. 1967, 386);
Hebben goedgevonden en verstaan:
1.
Met ingang van het vijfde kalenderjaar na de datum van inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 17 maart 1989 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet inzake bepalingen met betrekking tot het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ( Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ) wordt geen gelegenheid meer gegeven het examen af te leggen ter verkrijging van de hierna volgende akten van bekwaamheid tot het geven van middelbaar onderwijs, met dien verstande dat zij die in het laatste jaar waarin op grond van het vorenstaande het examen kon worden afgenomen het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in het daaropvolgende jaar voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Deze akten van bekwaamheid zijn:
a.
1°. wiskunde A;
2°. natuur- en scheikunde A;
3°. Nederlands A;
4°. Frans A;
5°. Engels A;
6°. Duits A;
7°. boekhouden;
8°. tekenen A;
b. alsmede de akten van bekwaamheid tot het geven van middelbaar onderwijs in andere levende talen dan bovenstaande.
1°. handelswetenschappen;
2°. lichamelijke oefening;
3°. schrijven;
4°. schoonschrijven;
5°. staatsinrichting;
6°. plant- en dierkunde;
7°. wiskunde B;
8°. natuurkunde B;
9°. scheikunde B;
10°. tekenen B;
11°. aardrijkskunde;
12°. geschiedenis;
13°. staathuishoudkunde en statistiek;
14°. Nederlands B;
15°. Frans B;
16°. Engels B;
17°. Duits B,
2.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van degenen die een bewijs willen behalen van met gunstig gevolg afgelegd examen in aardrijkskunde of geschiedenis.
Artikel 2. Aanvullend examen in de handelsbriefwisseling
Met ingang van het vijfde kalenderjaar na de datum van inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 17 maart 1989 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet inzake bepalingen met betrekking tot het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ( Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ) wordt aan degene die bevoegd is tot het geven van middelbaar onderwijs in de Nederlandse taal, de Franse taal, de Engelse taal, de Duitse taal of in een andere levende taal, geen gelegenheid meer gegeven tot het afleggen van een aanvullend examen in de handelsbriefwisseling in de taal waarvoor hij die bevoegdheid bezit, met dien verstande dat zij, die in het laatste jaar waarin op grond van het vorenstaande het examen kon worden afgenomen het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in het daaropvolgende jaar voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Artikel 3. Aanvullend examen kosmografie
Met ingang van 1 januari 1991 wordt aan de bezitters van de akten van bekwaamheid B tot het geven van middelbaar onderwijs in de wiskunde en de natuurkunde geen gelegenheid meer gegeven tot het afleggen van een aanvullend examen ter verkrijging van de bevoegdheid tot het geven van onderwijs in de kosmografie, met dien verstande dat zij, die in 1990 het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in 1991 voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Artikel 4. Examens ter verkrijging van een bewijs van pedagogische en didactische voorbereiding m.o.
Met ingang van het vijfde kalenderjaar na de datum van inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 17 maart 1989 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet inzake bepalingen met betrekking tot het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ( Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ) wordt geen gelegenheid meer gegeven het examen af te leggen ter verkrijging van een bewijs van pedagogische en didactische voorbereiding als bedoeld in artikel 68, eerste lid, van de middelbaar-onderwijswet, met dien verstande dat zij, die in het laatste jaar waarin op grond van het vorenstaande het examen kon worden afgenomen het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in het daaropvolgende jaar voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
1.
Met ingang van 1 januari 1988 wordt geen gelegenheid meer gegeven het examen af te leggen ter verkrijging van de hierna volgende akten van bekwaamheid tot het geven van nijverheidsonderwijs, met dien verstande dat zij, die in 1987 het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in 1988 voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Deze akten van bekwaamheid zijn:
N gy;
Nq;
N VI;
N XVII;
N XVIII.
2.
Met ingang van het vijfde kalenderjaar na de datum van inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 17 maart 1989 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet inzake bepalingen met betrekking tot het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ( Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ) wordt geen gelegenheid meer gegeven het examen af te leggen ter verkrijging van de akte van bekwaamheid tot het geven van nijverheidsonderwijs Nht (handvaardigheid/tekenen), met dien verstande dat zij die in het laatste jaar waarin op grond van het vorenstaande het examen kon worden afgenomen het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in het daaropvolgende jaar voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Artikel 6. Examens ter verkrijging van het pedagogisch getuigschrift NO
Met ingang van 1 januari 1988 wordt geen gelegenheid meer gegeven een examen af te leggen ter verkrijging van het pedagogisch getuigschrift voor het nijverheidsonderwijs, met dien verstande dat zij, die in 1987 het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in 1988 voor de laatste maal gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Artikel 7. Examens ter verkrijging van l.o.-akten
Met ingang van 1 januari 1990 wordt geen gelegenheid meer gegeven examen af te leggen ter verkrijging van de hierna genoemde akten van bekwaamheid, bedoeld in artikel 129 bis , eerste lid onder b , van de Lager-onderwijswet 1920, met dien verstande dat zij, die in 1989 het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in 1990 voor de laatste maal de gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Deze akten van bekwaamheid zijn:
akte i (tekenen);
akte j (lichamelijke oefening);
akte k (nuttige handwerken voor meisjes);
akte l (Frans);
akte m (Duits);
akte n (Engels);
akte o (wiskunde);
akte p (handelskennis);
akte r (handenarbeid);
akte s (landbouwkunde);
akte t (tuinbouwkunde);
akte u (vrouwelijke handwerken);
akte w (Fries);
akte x (Spaans);
akte ij (Esperanto).
Artikel 8. Examens landbouwonderwijs
Met ingang van 1 januari 1987 wordt geen gelegenheid meer gegeven examen af te leggen ter verkrijging van de hierna genoemde akten van bekwaamheid tot het geven van landbouwonderwijs, met dien verstande dat zij, die in 1986 het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in 1987 voor de laatste maal de gelegenheid krijgen dit examen af te leggen.
Deze akten van bekwaamheid zijn:
akte m.o. landbouwkunde;
akte van bekwaamheid tot het geven van lager landbouwonderwijs (L I);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager tuinbouwonderwijs (L II);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager landbouwpraktijkonderwijs in de richting akker- en weidebouw (L III);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager landbouwpraktijkonderwijs in de richting veeteelt (L IV);
getuigschrift van tuinbouwvakonderwijzer, verkregen op grond van het desbetreffende examen, afgenomen door een daartoe door Onze Minister, belast met de zaken van het landbouwonderwijs, benoemde examencommissie;
akte van bekwaamheid tot het geven van lager tuinbouw- en tuinbouwpraktijkonderwijs (L V);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs in landbouwtechnologie (L VI);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs in tropische landbouw (L VII);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs in bosbouw (L VIII);
akte van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs in cultuurtechniek (L IX).
Artikel 9. Staatsexamens muziek
Met ingang van het vijfde kalenderjaar na de datum van inwerkingtreding van het bij koninklijke boodschap van 17 maart 1989 aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden voorstel van wet inzake bepalingen met betrekking tot het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ( Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek ) wordt geen gelegenheid meer gegeven de hierna volgende examens af te leggen, met dien verstande dat zij, die in het laatste jaar waarin op grond van het vorenstaande het examen kon worden afgenomen het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in het daaropvolgende jaar voor de laatste maal gelegenheid krijgen deze examens af te leggen.
Deze examens zijn:
het examen ter verkrijging van een akte muziekonderwijs A;
het examen ter verkrijging van een akte muziekonderwijs B;
het examen ter verkrijging van een diploma voor orkestspel, alsmede het examen ter verkrijging van een praktijkdiploma, als bedoeld in de beschikking van de staatssecretaris van onderwijs, kunsten en wetenschappen van 21 december 1964, nr. 63287/1 afd. Kunsten, bureau M. D.
Artikel 10. Staatsexamens voor de danskunst
Met ingang van 1 januari 1988 wordt geen gelegenheid meer gegeven de hierna volgende examens af te leggen, met dien verstande dat zij, die in 1987 het examen hebben afgelegd en zijn afgewezen, in 1988 voor de laatste maal gelegenheid krijgen deze examens af te leggen.
Deze examens zijn:
het examen ter verkrijging van het diploma toneeldanser;
het examen ter verkrijging van het diploma pedagoog op het gebied van de danskunst, als bedoeld in de beschikking van de staatssecretaris van onderwijs, kunsten en wetenschappen van 10 september 1959, afd. k., onderafd. M.D., nr. 26897.
Artikel 11. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Onze Ministers van Onderwijs en Wetenschappen en van Landbouw en Visserij zijn belast met de uitvoering van dit besluit, dat in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 23 november 1984
De Minister van Onderwijs en Wetenschappen,
De Minister van Landbouw en Visserij,
Uitgegeven de zeventwintigste december 1984
De Minister van Justitie a.i.,
Inhoudsopgave
Artikel 1. Examens ter verkrijging van m.o.-akten
Artikel 2. Aanvullend examen in de handelsbriefwisseling
Artikel 3. Aanvullend examen kosmografie
Artikel 4. Examens ter verkrijging van een bewijs van pedagogische en didactische voorbereiding m.o.
Artikel 5. Examens ter verkrijging van N-akten
Artikel 6. Examens ter verkrijging van het pedagogisch getuigschrift NO
Artikel 7. Examens ter verkrijging van l.o.-akten
Artikel 8. Examens landbouwonderwijs
Artikel 9. Staatsexamens muziek
Artikel 10. Staatsexamens voor de danskunst
Artikel 11. Inwerkingtreding
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht