4.
Tenzij zijn pensioen met toepassing van het vorige lid nader is vastgesteld, heeft de rechthebbende op een partnerpensioen of een tijdelijk partnerpensioen tot de dag waarop hij de leeftijd van 65 jaar bereikt recht op een toeslag ten bedrage van 15 procent van het ingevolge het eerste, tweede en derde lid gevonden pensioenbedrag. Deze toeslag bedraagt niet meer dan 15 procent van € 32 812,76 en behoort voor de verdere toepassing van dit besluit tot het partnerpensioen of het tijdelijk partnerpensioen.
Inhoudsopgave
+ Paragraaf . Algemene bepalingen
+ Paragraaf 2. Aanspraken op eigen pensioen
- Paragraaf 3. De aanspraken op nabestaandenpensioen
+ Paragraaf 4. Gemeenschappelijke bepalingen
+ Paragraaf 5. Overgangsbepalingen
+ Paragraaf 6. Andere voorzieningen in verband met de invaliditeit met dienstverband
+ Paragraaf 7. Slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken