3.
Indien degene aan wiens vermissing het wordt ontleend in leven blijkt te zijn, eindigt het op grond daarvan toegekende nabestaandenpensioen met ingang van een door Onze Minister te bepalen dag. Op grond van het tweede lid vervallen pensioenen of verhogingen worden met ingang van die dag opnieuw toegekend.
Inhoudsopgave
+ Paragraaf . Algemene bepalingen
+ Paragraaf 2. Aanspraken op eigen pensioen
+ Paragraaf 3. De aanspraken op nabestaandenpensioen
- Paragraaf 4. Gemeenschappelijke bepalingen
+ Paragraaf 5. Overgangsbepalingen
+ Paragraaf 6. Andere voorzieningen in verband met de invaliditeit met dienstverband
+ Paragraaf 7. Slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken