Beschikking van 14 Mei 1954, houdende instelling van een tweede enkelvoudige kamer voor de behandeling van burgerlijke kinderzaken, tevens belast met de behandeling van kinderstrafzaken bij de Arrondissements-Rechtbank te Zwolle
De Minister van Justitie,
Gelet op artikel 49, lid 4 en 5 van de Wet op de Rechterlijke Organisatie en het Beleid der Justitie en op artikel 467 van het Wetboek van Strafvordering;
Mede gelet op de Wet van 16 Augustus 1951, Stb. 385, houdende regelen tot bevordering van grotere specialisering van de kinderrechters en op het Koninklijk besluit van 5 Juni 1952, Stb. 329;
Heeft goedgevonden te bepalen:
Enig artikel
Bij de Arrondissements-Rechtbank te Zwolle een tweede uit één lid bestaande (enkelvoudige) kamer voor de behandeling van burgerlijke kinderzaken, tevens belast met de behandeling van kinderstrafzaken, in te stellen.
Deze beschikking zal worden geplaatst in het Staatsblad en afschrift zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer.
's-Gravenhage, 14 Mei 1954.
De Minister van Justitie,
Uitgegeven de vijf en twintigste Mei 1954.
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Enig artikel
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht