1.
De landen van het Koninkrijk wisselen zodanige inlichtingen uit als nodig zijn om uitvoering te geven aan deze Rijkswet of aan de wetgeving van elk van de landen met betrekking tot de belastingen waarop deze Rijkswet van toepassing is, voor zover de heffing van die belastingen niet in strijd is met deze Rijkswet.
2.
Voor bijzondere gevallen kunnen de bevoegde autoriteiten van de landen overeenkomen dat ambtenaren van de belastingdienst van een van de landen op het grondgebied van het andere land aanwezig mogen zijn in verband met een onderzoek dat wordt ingesteld door ambtenaren van het aangezochte land ten behoeve van de in het eerste lid van dit artikel genoemde doeleinden. De wijze waarop deze bepaling wordt toegepast, alsmede de bevoegdheden en verplichtingen van de betrokken ambtenaar, worden in onderling overleg door de bevoegde autoriteiten vastgesteld.
Inhoudsopgave
- Algemene bepaling
+ Hoofdstuk I. Begripsbepalingen
+ Hoofdstuk II. Vermijding van dubbele belasting
- Hoofdstuk III. Wederzijdse bijstand
+ Hoofdstuk IV. Slotbepalingen
Parlement
Documenten bij de totstandkoming van (deze versie van) de wet.

Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht