6.
Indien de in het vierde lid bedoelde inkomsten worden genoten door een inwoner van een van de landen en die inkomsten geen periodiek karakter dragen, mogen die inkomsten voor zover zij worden genoten ter zake van een in een van de andere landen vroeger uitgeoefende dienstbetrekking, tevens in dat andere land worden belast. Van genieten in vorenbedoelde zin is mede sprake indien de aanspraak op die inkomsten wordt afgekocht, vervreemd, overgedragen, of wanneer op andere wijze over die aanspraak wordt beschikt.
Inhoudsopgave
- Algemene bepaling
+ Hoofdstuk I. Begripsbepalingen
- Hoofdstuk II. Vermijding van dubbele belasting
+ Hoofdstuk III. Wederzijdse bijstand
+ Hoofdstuk IV. Slotbepalingen
Parlement
Documenten bij de totstandkoming van (deze versie van) de wet.

Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht