Wet van 11 maart 2010 tot aanpassing van een aantal wetten aan de Wet veiligheidsregio’s en enkele wijzigingen in de Wet veiligheidsregio’s (Aanpassingswet veiligheidsregio’s)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is in verband met de invoering van de Wet veiligheidsregio’s een aantal wetten aan te passen en enkele bepalingen van de Wet veiligheidsregio’s te wijzigen;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
[Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 4.]
Artikel II
[Wijzigt het Wetboek van Strafrecht.]
Artikel III
[Wijzigt de Wet op de economische delicten.]
Artikel IV
[Wijzigt de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden.]
Artikel V
[Wijzigt de Gemeentewet.]
Artikel VI
[Wijzigt de Politiewet 1993.]
Artikel VIa
[Wijzigt de Wet op het LSOP en het politieonderwijs.]
Artikel VII
[Wijzigt de Provinciewet.]
Artikel VIII
[Wijzigt de Wet rechtspositionele voorzieningen rampbestrijders.]
Artikel IX
[Wijzigt de Wet tegemoetkoming schade bij rampen en zware ongevallen.]
Artikel X
De Wet van 11 november 1993, houdende wijziging van de Brandweerwet 1985 in verband met de oprichting van het Nederlands bureau brandweerexamens ( Stb. 1994, 15), de Wet van 10 juli 1995, houdende wijziging van de Brandweerwet 1985, de Wet geneeskundige hulpverlening bij rampen en enige andere wetten in verband met wijziging van de opzet van de inspectie voor het brandweerwezen en regeling van enige andere onderwerpen ( Stb.1995, 431), de Wet van 6 december 1995, houdende wijziging van de Brandweerwet 1985 in verband met de oprichting van het Nederlands instituut voor brandweer en rampenbestrijding ( Stb.1995, 601), de Wet kwaliteitsbevordering rampenbestrijding en de Wet van 1 november 2007 tot wijziging van de Brandweerwet 1985 in verband met het verzekeren van de kwaliteit van brandweerpersoneel en de verbreding van de wettelijke taken van het Nederlands instituut fysieke veiligheid (Stb. 2007, 481) worden ingetrokken.
1.
[Wijzigt de Wet herindeling gemeenten Horst aan de Maas, Meerlo-Wanssum, Sevenum en Venray, de Wet samenvoeging gemeenten Reiderland, Scheemda en Winschoten, de Wet samenvoeging gemeenten Helden, Kessel, Maasbree en Meijel, de Wet samenvoeging gemeenten Arcen en Velden en Venlo en een deel van het grondgebied van de gemeente Bergen Lb en de Wet samenvoeging gemeenten Moordrecht, Nieuwerkerk aan den IJssel en Zevenhuizen-Moerkapelle.]
2.
[Wijzigt de Wet tot samenvoeging van de gemeenten Abcoude, Breukelen, De Ronde Venen en Loenen (Kst. 31 840).]
3.
[Wijzigt de Wet herindeling gemeenten Rotterdam en Rozenburg.]
Artikel XI
[Wijzigt de Wet veiligheidsregio's.]
Artikel XII
[Wijzigt de Belemmeringenwet Landsverdediging.]
Artikel XIII
[Wijzigt de Kernenergiewet.]
Artikel XIV
[Wijzigt de Wet milieubeheer.]
Artikel XV
De Wet van 25 februari 1999 tot wijziging van de Wet milieubeheer, de Wet rampen en zware ongevallen en de Arbeidsomstandighedenwet ter uitvoering van de EG-richtlijn betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (Seveso-II) ( Stb. 1999, 122) wordt ingetrokken.
Artikel XVI
[Wijzigt de Havenbeveiligingswet.]
Artikel XVII
[Wijzigt de Luchtvaartwet.]
Artikel XVIII
[Wijzigt de Scheepvaartverkeerswet.]
Artikel XIX
[Wijzigt de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels.]
Artikel XX
[Wijzigt de Waterstaatswet 1900.]
Artikel XXI
[Wijzigt de Waterwet.]
Artikel XXII
[Wijzigt de Wet bestrijding ongevallen Noordzee.]
Artikel XXIII
[Wijzigt de Wet op de strandvonderij.]
Artikel XXIV
[Wijzigt de Wet vervoer gevaarlijke stoffen.]
Artikel XXV
[Wijzigt de Vorderingswet.]
Artikel XXVI
[Wijzigt de Arbeidstijdenwet.]
Artikel XXVII
[Wijzigt de Noodwet Arbeidsvoorziening.]
Artikel XXVIII
[Wijzigt de Werkloosheidswet.]
Artikel XXIX
[Wijzigt de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.]
Artikel XXX
[Wijzigt de Ziektewet.]
Artikel XXXI
[Wijzigt de Wet ambulancevervoer.]
Artikel XXXII
[Wijzigt de Wet ambulancezorg.]
Artikel XXXIII
[Red: Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2014/540.]
[Wijzigt de Wet veiligheidsregio's.]
Artikel XXXIV
[Wijzigt de Wet publieke gezondheid.]
1.
Op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XI, onderdelen G tot en met I, zijn de personeelsleden van de baten-lastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding van wie naam en functie zijn vermeld op een door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vastgestelde lijst, van rechtswege ontslagen en aangesteld als ambtenaar in dienst van het Nederlands instituut fysieke veiligheid.
2.
De personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XI, onderdelen G tot en met I, krachtens een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht behoren tot het personeel van de baten-lastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding, en van wie naam en functie zijn vermeld op een door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vastgestelde lijst, zijn op dat tijdstip van rechtswege ontslagen en aangesteld in dienst van het Nederlands instituut fysieke veiligheid met een rechtspositie die in totaliteit ten minste gelijkwaardig is aan die welke voor elk van hen gold bij de baten-lastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding.
1.
Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bepaalt in overeenstemming met Onze Minister van Financiën welke vermogensbestanddelen van de Staat die aan de baten-lastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding worden toegerekend, worden toebedeeld aan het Nederlands instituut fysieke veiligheid.
2.
De in het eerste lid bedoelde vermogensbestanddelen gaan met ingang van de datum van inwerkingtreding van artikel XI, onderdelen G tot en met I, onder algemene titel over op het Nederlands instituut fysieke veiligheid tegen een door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in overeenstemming met Onze Minister van Financiën te bepalen waarde.
3.
Ingeval krachtens het eerste en het tweede lid registergoederen overgaan, doet Onze Minister van Financiën de overgang van die registergoederen onverwijld inschrijven in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. Artikel 24, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is niet van toepassing.
Artikel XXXVII
Archiefbescheiden van de baten-lastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding betreffende zaken die op de datum van inwerkingtreding van artikel XI, onderdelen G tot en met I, nog niet zijn afgedaan, worden overgedragen aan het Nederlands instituut fysieke veiligheid, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.
1.
In wettelijke procedures en rechtsgedingen waarbij de baten-lastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding is betrokken, treedt met ingang van de datum van inwerkingtreding van artikel XI, onderdelen G tot en met I, het Nederlands instituut fysieke veiligheid dan wel het bestuur van het Nederlands instituut fysieke veiligheid in de plaats van de Staat dan wel Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
2.
In zaken waarin voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XI, onderdelen G tot en met I, aan de Nationale ombudsman is verzocht een onderzoek te doen dan wel de Nationale ombudsman een onderzoek heeft ingesteld naar een gedraging die kan worden toegerekend aan de batenlastendienst Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding, treedt het bestuur van het Nederlands instituut fysieke veiligheid op dat tijdstip als bestuursorgaan in de zin van de Wet Nationale ombudsman in de plaats van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
1.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit draagbare blustoestellen 1997 op artikel 30, eerste lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
2.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 , voor zover het berustte op de Brandweerwet 1985 en de Wet rampen en zware ongevallen , op de artikelen 31, vierde lid, 48, zesde lid, 49, eerste lid, en artikel 61, tweede lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
3.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit informatie inzake rampen en zware ongevallen , voor zover het berustte op de Wet rampen en zware ongevallen , op de artikelen 7, vierde lid, 46, vijfde lid, 47, derde lid, 48, zesde lid, 49, eerste lid en 50, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
4.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit rijksbijdragen bijstands- en bestrijdingskosten op artikel 55, zesde lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
5.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Warenwetbesluit drukapparatuur , voor zover het berustte op artikel 17, eerste lid, van de Brandweerwet 1985, op artikel 30, eerste lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
6.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit Nederlands instituut voor brandweer en rampenbestrijding op artikel 71 van de Wet veiligheidsregio’s.
7.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit Nederlands bureau brandweerexamens op artikel 75, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
8.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust het Besluit van 3 november 2008, houdende wijziging van het Besluit draagbare blustoestellen 1997 (Stb. 2008, 444) op artikel 30, eerste lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
9.
Na de inwerkingtreding van deze wet berust de Regeling provinciale risicokaart op artikel 45, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s.
Artikel XL
Deze wet wordt aangehaald als: Aanpassingswet veiligheidsregio’s.
Artikel XLI
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te
’s-Gravenhage, 11 maart 2010
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Uitgegeven de eerste april 2010
De Minister van Justitie
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Ministerie van Justitie
+ Hoofdstuk II. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
+ Hoofdstuk III. Ministerie van Defensie
+ Hoofdstuk IV. Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Milieubeheer
+ Hoofdstuk V. Ministerie van Verkeer en Waterstaat
+ Hoofdstuk VI. Ministerie van Economische Zaken
+ Hoofdstuk VII. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
+ Hoofdstuk VIII. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
+ Hoofdstuk IX. Overgangs- en slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht