Wet van 28 januari 2013 inzake implementatie van richtlijn nr. 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen door aanbestedende diensten van bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied, en tot wijziging van richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG (Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is om te voorzien in wettelijke regels om uitvoering te geven aan richtlijn nr. 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen door aanbestedende diensten van bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied, en tot wijziging van richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG (PbEU L 216);
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1.1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
aanbestedende dienst: de staat, een provincie, een gemeente, een waterschap of een publiekrechtelijke instelling dan wel een samenwerkingsverband van deze overheden of publiekrechtelijke instellingen;
aanbestedingsstukken: alle documenten in een aanbestedingsprocedure die door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in de procedure zijn gebracht;
aankoopcentrale: een aanbestedende dienst of een openbare instantie van de Europese Unie, die voor aanbestedende diensten onderscheidenlijk speciale-sectorbedrijven bestemde leveringen of diensten verwerft of met betrekking tot voor aanbestedende diensten of speciale-sectorbedrijven bestemde werken, leveringen of diensten opdrachten plaatst;
aannemer: een ieder die de uitvoering van werken op de markt aanbiedt;
Autoriteit Consument en Markt: de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt;
CPV: de Gemeenschappelijke Woordenlijst Overheidsopdrachten, vastgesteld bij verordening (EG) nr. 2195/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 5 november 2002 betreffende de gemeenschappelijke woordenlijst overheidsopdrachten (CPV) (PbEG L 340);
crisissituatie: een gewapend conflict, een oorlog of een andere situatie als gevolg waarvan zich een schadelijke gebeurtenis voordoet die de omvang van een schadelijke gebeurtenis van het dagelijks leven duidelijk overstijgt en die een ernstige bedreiging of belemmering vormt voor het leven of de gezondheid van mensen, of substantiële gevolgen heeft voor materiële goederen van grote waarde, of maatregelen vereist om de bevolking van eerste levensbehoeften te voorzien, dan wel een situatie waarbij een dergelijke schadelijke gebeurtenis zich naar verwachting op zeer korte termijn zal voordoen;
dienstverlener: een ieder die diensten op de markt aanbiedt;
eigen verklaring: een verklaring als bedoeld in artikel 2.74, eerste lid;
elektronisch systeem voor aanbestedingen: het elektronisch systeem voor aanbestedingen, bedoeld in artikel 4.13 van de Aanbestedingswet 2012;
elektronische veiling: een zich herhalend elektronisch proces voor de presentatie van nieuwe, verlaagde prijzen of van nieuwe waarden voor bepaalde elementen van de inschrijvingen, dat plaatsvindt na de eerste volledige beoordeling van de inschrijvingen en dat klassering op basis van elektronische verwerking mogelijk maakt;
gedragsverklaring aanbesteden: een verklaring als bedoeld in artikel 4.1 van de Aanbestedingswet 2012;
gegadigde: een ondernemer die bij toepassing van de niet-openbare procedure, de procedure van de concurrentiegerichte dialoog of de onderhandelingsprocedure heeft verzocht om toegelaten te worden tot de procedure;
gerubriceerde gegevens: gegevens of materiaal, ongeacht de vorm, aard, of wijze van verzending ervan, waaraan een bepaald niveau van veiligheidsclassificatie of een beveiligingsniveau is toegekend en die in het belang van de nationale veiligheid en uit hoofde van wettelijke voorschriften, van bindende aanwijzingen gegeven vanwege het Rijk of van bestuursrechtelijke besluiten, beschermd moeten worden tegen ontvreemding, vernietiging, verwijdering, onthulling, verlies of toegang tot die gegevens of dat materiaal door een onbevoegde, of tegen enige andere vorm van compromittering;
gevoelig materiaal: materiaal bestemd voor veiligheidsdoeleinden dat op gerubriceerde gegevens betrekking heeft, dat gerubriceerde gegevens noodzakelijk maakt, of dat zelf gerubriceerde gegevens bevat;
gevoelig werk: een werk bestemd voor veiligheidsdoeleinden dat op gerubriceerde gegevens betrekking heeft, dat gerubriceerde gegevens noodzakelijk maakt, of dat zelf gerubriceerde gegevens bevat;
gevoelige dienst: een dienst bestemd voor veiligheidsdoeleinden die op gerubriceerde gegevens betrekking heeft, dat gerubriceerde gegevens noodzakelijk maakt, of dat gerubriceerde gegevens bevat;
gunningsbeslissing: de keuze van de aanbestedende dienst of het speciale sectorbedrijf voor de ondernemer met wie hij voornemens is de overeenkomst waarop de procedure betrekking had te sluiten, waaronder mede wordt verstaan de keuze om geen overeenkomst te sluiten;
inschrijver: een ondernemer die een inschrijving heeft ingediend;
levenscyclus: de opeenvolgende fasen die een product doorloopt, bestaande uit onderzoek en ontwikkeling, industriële ontwikkeling, productie, reparatie, modernisering, aanpassing, onderhoud, logistiek, opleiding, testen, buiten gebruik stellen en afstoting;
leverancier: een ieder die producten op de markt aanbiedt;
lidstaat: lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte;
mededeling van de gunningsbeslissing: een schriftelijke kennisgeving die voldoet aan de in artikel 2.121 gestelde eisen;
militair materiaal: materiaal dat specifiek is ontworpen voor of aangepast aan militaire doeleinden en dat bedoeld is voor gebruik als wapen, munitie of oorlogsmateriaal;
niet-openbare procedure: procedure waarbij alle ondernemers een verzoek mogen doen tot deelneming, maar alleen de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf geselecteerde ondernemers mogen inschrijven;
onderhandelingsprocedure: procedure waarbij de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf met door hem geselecteerde ondernemers overleg pleegt en door middel van onderhandelingen met een of meer van hen de voorwaarden voor de opdracht vaststelt;
ondernemer: een aannemer, leverancier of dienstverlener;
onderzoek en ontwikkeling: alle activiteiten die fundamenteel onderzoek, toegepast onderzoek en experimentele ontwikkeling inhouden, waarbij experimentele ontwikkeling de totstandkoming kan omvatten van technologische demonstratiemodellen, inhoudende middelen om de prestaties te tonen van een nieuw concept of een nieuwe technologie in een relevante of een representatieve omgeving;
Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken;
opdracht: een opdracht voor werken, een opdracht voor leveringen, een opdracht voor diensten of een raamovereenkomst;
opdracht voor diensten: een schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel die is gesloten tussen een of meer dienstverleners en een of meer aanbestedende diensten of speciale-sectorbedrijven en die:
a. uitsluitend betrekking heeft op het verrichten van in bijlage I of II van richtlijn nr. 2009/81/EG aangewezen diensten,
b. betrekking heeft op het leveren van producten en het verrichten van diensten als bedoeld in onderdeel a, indien de waarde van die diensten hoger is dan de waarde van de te leveren producten, of
c. betrekking heeft op het verrichten van in bijlage I of II van richtlijn nr. 2009/81/EG aangewezen diensten en die slechts zijdelings betrekking hebben op werkzaamheden die in het kader van afdeling 45 van de CPV zijn aangewezen;
opdracht voor leveringen: een schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel die is gesloten tussen een of meer leveranciers en een of meer aanbestedende diensten of speciale-sectorbedrijven en die betrekking heeft op:
a. de aankoop, leasing, huur of huurkoop, met of zonder koopoptie, van producten of
b. de levering van producten en die slechts zijdeling betrekking heeft op werkzaamheden voor het aanbrengen en installeren van die levering;
opdracht voor werken: een schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel die is gesloten tussen een of meer aannemers en een of meer aanbestedende diensten of specialesectorbedrijven en die betrekking heeft op:
a. de uitvoering of het ontwerp en de uitvoering van werken in het kader van in afdeling 45 van de CPV aangewezen werkzaamheden,
b. de uitvoering of het ontwerp en de uitvoering van een werk, of
c. het laten uitvoeren met welke middelen dan ook van een werk dat aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vastgestelde eisen voldoet;
opdracht in onderaanneming: een schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel die is gesloten tussen een inschrijver waaraan een opdracht is gegund en één of meer ondernemers ten behoeve van de uitvoering van die opdracht en die betrekking heeft op werken, leveringen van producten of het verrichten van diensten;
procedure van de concurrentiegerichte dialoog: procedure waarbij alle ondernemers een verzoek mogen doen tot deelneming en waarbij de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf een dialoog voert met de tot de procedure toegelaten ondernemers, teneinde een of meer oplossingen te zoeken die aan de behoeften van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf beantwoorden en op grond waarvan de geselecteerde ondernemers zullen worden uitgenodigd om in te schrijven;
publiekrechtelijke instelling: een instelling die specifiek ten doel heeft te voorzien in behoeften van algemeen belang, anders dan van industriële of commerciële aard, die rechtspersoonlijkheid bezit en waarvan:
a. de activiteiten in hoofdzaak door de staat, een provincie, een gemeente, een waterschap of een andere publiekrechtelijke instelling worden gefinancierd,
b. het beheer is onderworpen aan toezicht door de staat, een provincie, een gemeente, een waterschap of een andere publiekrechtelijke instelling of
c. de leden van het bestuur, het leidinggevend of toezichthoudend orgaan voor meer dan de helft door de staat, een provincie, een gemeente, een waterschap of een andere publiekrechtelijke instelling zijn aangewezen;
raamovereenkomst: een schriftelijke overeenkomst tussen een of meer aanbestedende diensten of speciale-sectorbedrijven en een of meer ondernemers met het doel gedurende een bepaalde periode de voorwaarden inzake te plaatsen opdrachten vast te leggen;
richtlijn nr. 2009/81/EG: richtlijn 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen door aanbestedende diensten van bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied, en tot wijziging van richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG (PbEU L 216);
schriftelijk: elk uit woorden of cijfers bestaand geheel dat kan worden gelezen, gereproduceerd en vervolgens medegedeeld, daaronder begrepen met elektronische middelen overgebrachte of opgeslagen informatie;
speciale-sectorbedrijf: een speciale-sectorbedrijf als bedoeld in artikel 1.1 van Aanbestedingswet 2012;
werk: het product van het geheel van bouwkundige of civieltechnische werken dat ertoe bestemd is als zodanig een economische of technische functie te vervullen.
1.
Een wijziging van bijlage I of bijlage II van richtlijn nr. 2009/81/EG gaat voor de toepassing van de in deze wet gegeven omschrijving van opdracht voor diensten gelden met ingang van de dag waarop het desbetreffende besluit van de Europese Commissie in werking treedt.
2.
Onze Minister doet mededeling in de Staatscourant van een besluit als bedoeld in het eerste lid.
1.
De bepalingen in dit hoofdstuk gelden voor aanbestedende diensten en speciale-sectorbedrijven bij het plaatsen van een opdracht die op grond van het bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 2.1 onder het toepassingsgebied en -bereik van deze wet valt.
2.
De bepalingen in dit hoofdstuk zijn van overeenkomstige toepassing op inschrijvers die een opdracht in onderaanneming bij een derde plaatsen met een duidelijk grensoverschrijdend belang ter uitvoering van een overeenkomst die als resultaat van een gunning voor een opdracht als bedoeld in het eerste lid, met hen is gesloten.
Artikel 1.4
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf behandelt ondernemers op gelijke en niet-discriminerende wijze.
1.
Een aanbestedende dienst,of een speciale-sectorbedrijf handelt transparant.
2.
Bij de toepassing van het eerste lid draagt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in ieder geval zorg voor een passende mate van openbaarheid van de aankondiging van het voornemen tot het plaatsen van een opdracht.
3.
Het tweede lid is niet van toepassing indien het bepaalde bij of krachtens deel 2 van deze wet niet verplicht tot het bekendmaken van een aankondiging van het voornemen tot het plaatsen van een opdracht.
4.
Onverminderd de overeenkomstige toepassing van de voorgaande leden op een opdracht in onderaanneming, is het tweede lid niet van toepassing op een opdracht in onderaanneming indien bij overeenkomstige toepassing van artikel 2.136 geen verplichting geldt tot het bekendmaken van een aankondiging van het voornemen tot het plaatsen van die opdracht.
Artikel 1.6
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf stelt bij de voorbereiding van en het tot stand brengen van een opdracht uitsluitend eisen, voorwaarden en criteria aan de inschrijvers en de inschrijvingen die in een redelijke verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht.
Artikel 1.7
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan ondernemers die niet binnen de Europese Unie gevestigd zijn van deelname aan een aanbestedingsprocedure uitsluiten, tenzij dit niet is toegestaan op grond van een voor Nederland verbindend verdrag of besluit.
1.
Het bepaalde bij of krachtens deze wet is van toepassing op het plaatsen van opdrachten voor:
a. de levering van militair materiaal, met inbegrip van de levering van onderdelen, componenten of assemblagedelen daarvan;
b. de levering van gevoelig materiaal, met inbegrip van de levering van onderdelen, componenten of assemblagedelen daarvan;
c. werken, leveringen en diensten die rechtstreeks verband houden met het materiaal, bedoeld in onderdeel a of b, voor alle fasen van de levenscyclus ervan;
d. werken en diensten specifiek voor militaire doeleinden, of gevoelige werken of gevoelige diensten.
2.
Het eerste lid laat de toepasselijkheid van de artikelen 36, 51, 52, 62 en 346 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie onverlet.
1.
Het bepaalde bij of krachtens deze wet is van toepassing op het plaatsen van een opdracht die voor een deel binnen het toepassingsgebied van deze wet en voor een deel binnen dat van de Aanbestedingswet 2012 valt, indien de gunning er van als één geheel om objectieve redenen gerechtvaardigd is.
2.
Het bepaalde bij of krachtens deze wet is niet van toepassing op het plaatsen van een opdracht die voor een deel binnen het toepassingsgebied van deze wet valt en voor een deel zowel daarbuiten als buiten dat van de Aanbestedingswet 2012 , indien de gunning er van als één geheel om objectieve redenen gerechtvaardigd is.
3.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf plaatst een opdracht niet als één geheel met het oogmerk zich aan de toepassing van deze wet of de Aanbestedingswet 2012 te onttrekken.
1.
Het bepaalde bij of krachtens deze wet is van toepassing op opdrachten voor:
a. leveringen en diensten waarvan de geraamde waarde gelijk is aan of hoger is dan het in artikel 8, onderdeel a, van richtlijn nr. 2009/81/EG genoemde bedrag, exclusief omzetbelasting;
b. werken waarvan de geraamde waarde gelijk is aan of hoger is dan het in artikel 8, onderdeel b, van richtlijn nr. 2009/81/EG genoemde bedrag, exclusief omzetbelasting.
2.
Ongeacht de geraamde waarde van een opdracht als bedoeld in artikel 2.1 zijn de hoofdstukken 1.2 tot en met 1.4 van de Aanbestedingswet 2012 daarop niet van toepassing.
1.
Een wijziging van de bedragen, genoemd in artikel 8 van richtlijn nr. 2009/81/EG gaat voor de toepassing van artikel 2.3 gelden met ingang van de dag waarop het desbetreffende besluit van de Europese Commissie in werking treedt.
2.
Onze Minister doet mededeling in de Staatscourant van een besluit als bedoeld in het eerste lid.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan via een aankoopcentrale een opdracht plaatsen, mits de aankoopcentrale het bij of krachtens deze wet bepaalde met betrekking tot die opdracht naleeft of, indien de aankoopcentrale geen aanbestedende dienst is, met inachtneming van het bij of krachtens deze wet bepaalde handelt en efficiënte rechtsmiddelen ter beschikking staan tegen het plaatsen van opdrachten door de aankoopcentrale, die vergelijkbaar zijn met die, bedoeld in hoofdstuk 3.2.
2.
In het in het eerste lid bedoelde geval heeft de desbetreffende aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voldaan aan de voor hem geldende verplichtingen op grond van deze wet.
Artikel 2.6
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf raamt de waarde van de voorgenomen opdracht overeenkomstig de artikelen 2.7 tot en met 2.14.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf splitst de voorgenomen opdracht niet met het oogmerk om zich te onttrekken aan de toepassing van deze wet.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf maakt de keuze van de methode van berekening van de geraamde waarde niet met het oogmerk om zich aan de toepassing van deze wet te onttrekken.
1.
De waarde van een opdracht wordt geraamd naar de waarde op het tijdstip van verzending van de aankondiging van die opdracht of, indien een aankondiging niet is vereist, naar de waarde op het tijdstip waarop de procedure voor de gunning door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf wordt ingeleid.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf baseert de berekening van de geraamde waarde van een opdracht op het totale bedrag, exclusief omzetbelasting, met inbegrip van opties en verlengingen van het contract.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gaat bij de berekening van de waarde van een raamovereenkomst uit van de geraamde waarde van alle voor de duur van de raamovereenkomst voorgenomen opdrachten.
Artikel 2.9
Bij de raming van de waarde van een opdracht voor werken houdt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf rekening met de waarde van de werken en met de geraamde totale waarde van de voor de uitvoering van die werken noodzakelijke leveringen en diensten die door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf ter beschikking van de aannemer worden gesteld.
Artikel 2.10
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf raamt de waarde van een opdracht voor diensten:
a. indien het een verzekeringsdienst betreft: op de grondslag van de te betalen premie en andere vormen van beloning;
b. betreffende een ontwerp: op de grondslag van de te betalen honoraria, provisies en andere vormen van beloning;
c. waarin geen totale prijs is vermeld en die een vaste looptijd heeft die gelijk is aan of korter is dan 48 maanden: op de grondslag van de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd;
d. waarin geen totale prijs is vermeld en die voor onbepaalde duur is of een looptijd heeft die langer is dan 48 maanden: het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.
1.
Indien een voorgenomen werk of een voorgenomen aankoop van diensten kan leiden tot opdrachten die gelijktijdig in afzonderlijke percelen worden geplaatst, neemt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag.
2.
Indien de samengestelde waarde van de percelen, bedoeld in het eerste lid, gelijk is aan of groter is dan het in artikel 2.3 bedoelde bedrag, is het bij of krachtens deze wet bepaalde van toepassing op de plaatsing van elk perceel.
3.
Het tweede lid is niet van toepassing op:
a. opdrachten voor werken waarvan de geraamde waarde niet meer bedraagt dan € 1 000 000, exclusief omzetbelasting,
b. opdrachten voor diensten waarvan de geraamde waarde niet meer bedraagt dan € 80 000, exclusief omzetbelasting,
mits de totale geraamde waarde van de onder a of b bedoelde percelen gezamenlijk niet meer bedraagt dan 20% van de totale waarde van alle percelen.
1.
Indien een voorgenomen verkrijging van homogene leveringen kan leiden tot opdrachten die gelijktijdig in afzonderlijke percelen worden geplaatst, neemt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag voor de raming.
2.
Indien de samengestelde waarde van de percelen, bedoeld in het eerste lid, gelijk is aan of groter is dan het in artikel 2.3 bedoelde bedrag, is het bij of krachtens deze wet van toepassing op de plaatsing van elk perceel.
3.
Het tweede lid is niet van toepassing op percelen waarvan de geraamde waarde niet meer bedraagt dan € 80 000, exclusief omzetbelasting, mits de totale geraamde waarde van die percelen gezamenlijk niet meer bedraagt dan 20% van de totale waarde van alle percelen.
Artikel 2.13
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf raamt de waarde van opdrachten voor leveringen die betrekking hebben op leasing, huur of huurkoop van producten op de volgende grondslag:
a. bij opdrachten voor leveringen met een vaste looptijd: de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd indien die ten hoogste twaalf maanden bedraagt, dan wel de totale waarde indien de looptijd meer dan twaalf maanden bedraagt, met inbegrip van de geraamde restwaarde;
b. bij opdrachten voor leveringen voor onbepaalde duur of waarvan de looptijd niet kan worden bepaald: het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.
Artikel 2.14
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf raamt de waarde van opdrachten voor leveringen of voor diensten die met een zekere regelmaat worden verricht of die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gedurende een bepaalde periode wil hernieuwen, op de volgende grondslag:
a. de totale reële waarde van de tijdens het voorafgaande boekjaar of tijdens de voorafgaande twaalf maanden geplaatste soortgelijke opeenvolgende opdrachten voor leveringen of voor diensten, indien mogelijk gecorrigeerd voor verwachte wijzigingen in de hoeveelheid of de waarde gedurende de twaalf maanden die volgen op de eerste opdracht, of
b. de geraamde totale waarde van de soortgelijke opeenvolgende opdrachten voor leveringen of voor diensten over de twaalf maanden die volgen op de eerste levering of dienstverrichting of over het boekjaar van de eerste levering of dienstverrichting, indien dat boekjaar zich over meer dan twaalf maanden uitstrekt.
Artikel 2.15
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf past het in deze afdeling bepaalde niet toe om zich aan de toepassing van deze wet te onttrekken.
Artikel 2.16
In afwijking van de artikelen 2.1 tot en met 2.3 is het bepaalde bij of krachtens deze wet niet van toepassing op opdrachten:
a. waarvan de uitvoering leidt tot de verplichting voor de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf informatie te verstrekken waarvan openbaarmaking strijdig is met een essentieel veiligheidsbelang;
b. die betrekking hebben op activiteiten van inlichtingendiensten;
c. die worden geplaatst in het kader van een samenwerkingsprogramma tussen het Koninkrijk der Nederlanden en één of meer andere lidstaten dat is gebaseerd op onderzoek en ontwikkeling met het oog op de ontwikkeling van een nieuw product, waar toepasselijk, met inbegrip van de latere fasen van de volledige levenscyclus van dat product of een deel daarvan;
d. die worden geplaatst in een derde land, indien strijdkrachten zijn ingezet buiten het grondgebied van de Europese Unie en de operationele omstandigheden vereisen dat opdrachten worden gegund aan ondernemers die in het operatiegebied zijn gevestigd;
e. waarvoor andere procedurevoorschriften gelden en die worden geplaatst op grond van een tussen het Koninkrijk der Nederlanden en een of meer derde landen gesloten internationale overeenkomst of afspraak;
f. waarvoor andere procedurevoorschriften gelden en die worden geplaatst als gevolg van een in verband met de legering van strijdkrachten gesloten internationale overeenkomst of afspraak betreffende ondernemingen in een lidstaat of in een derde land;
g. waarvoor andere procedurevoorschriften gelden van een internationale organisatie die op grond daarvan aankopen doet voor eigen doeleinden of waarvoor deze andere procedurevoorschriften bij plaatsing door het Koninkrijk der Nederlanden gelden;
h. die door een Nederlandse overheidsinstantie aan een overheidsinstantie van een andere staat worden gegund en die vallen binnen de reikwijdte van artikel 2.1 onderdelen a, b, of c, voor zover die opdrachten betrekking hebben op werken of diensten, of d.
Artikel 2.17
In afwijking van de artikelen 2.1 tot en met 2.3 is het bepaalde bij of krachtens deze wet niet van toepassing op opdrachten voor diensten:
a. betreffende de verwerving of huur, ongeacht de financiële modaliteiten ervan, van grond, bestaande gebouwen of andere onroerende zaken of betreffende de rechten hierop;
b. betreffende arbitrage en bemiddeling;
c. van financiële aard, met uitzondering van verzekeringsdiensten;
d. inzake arbeidsovereenkomsten;
e. betreffende onderzoek en ontwikkeling, met uitzondering van die opdrachten waarvan de resultaten in hun geheel bestemd zijn voor de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voor gebruik ervan in de uitoefening van zijn eigen werkzaamheden, mits de dienstverlening volledig door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf wordt betaald.
Artikel 2.18
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf past voor het plaatsen van een opdracht de niet-openbare procedure of de onderhandelingsprocedure met aankondiging toe.
Artikel 2.19
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat de niet-openbare procedure toepast doorloopt de volgende stappen. De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. maakt een aankondiging van de opdracht bekend;
b. toetst of een gegadigde valt onder een door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde uitsluitingsgrond;
c. toetst of een niet-uitgesloten gegadigde voldoet aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde geschiktheidseisen;
d. beoordeelt de niet-uitgesloten of niet-afgewezen gegadigden aan de hand van de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde selectiecriteria;
e. nodigt de geselecteerde gegadigden uit tot inschrijving;
f. toetst of de inschrijvingen voldoen aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde technische specificaties, eisen en normen;
g. beoordeelt de geldige inschrijvingen aan de hand van het door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde gunningscriterium, bedoeld in artikel 2.105 en de nadere criteria, bedoeld in artikel 2.106;
h. maakt een proces-verbaal van de opdrachtverlening;
i. deelt de gunningsbeslissing mee;
j. kan de overeenkomst sluiten;
k. maakt de aankondiging van de gegunde opdracht bekend.
Artikel 2.20
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat de onderhandelingsprocedure met aankondiging toepast doorloopt de volgende stappen. De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. maakt een aankondiging van de opdracht bekend;
b. toetst of een gegadigde valt onder een door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde uitsluitingsgrond;
c. toetst of een niet-uitgesloten gegadigde voldoet aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde geschiktheidseisen;
d. beoordeelt de niet-uitgesloten of niet-afgewezen gegadigden aan de hand van de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde selectiecriteria;
e. nodigt de geselecteerde gegadigden uit tot inschrijving;
f. toetst of de inschrijvingen voldoen aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde technische specificaties, eisen en normen;
g. beoordeelt de geldige inschrijvingen aan de hand van het door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde gunningscriterium, bedoeld in artikel 2.105, en de nadere criteria, bedoeld in artikel 2.106;
h. onderhandelt met de inschrijvers;
i. maakt een proces-verbaal van de opdrachtverlening;
j. deelt de gunningsbeslissing mee;
k. kan de overeenkomst sluiten;
l. maakt de aankondiging van de gegunde opdracht bekend.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan, indien het naar zijn oordeel niet mogelijk is door toepassing van de niet-openbare procedure of de onderhandelingsprocedure met aankondiging een bijzonder complexe opdracht te plaatsen, de procedure van de concurrentiegerichte dialoog toepassen.
2.
Een opdracht is bijzonder complex indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf objectief gezien niet is staat is:
a. de technische middelen te bepalen waarmee aan de behoeften of het doel kan worden tegemoet gekomen, of
b. de juridische of financiële voorwaarden van een project te specificeren.
Artikel 2.22
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat de procedure van de concurrentiegerichte dialoog toepast doorloopt de volgende stappen. De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. maakt een aankondiging van de opdracht bekend;
b. toetst of een gegadigde valt onder een door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde uitsluitingsgrond;
c. toetst of een niet-uitgesloten gegadigde voldoet aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde geschiktheidseisen;
d. beoordeelt de niet-uitgesloten of niet-afgewezen gegadigden aan de hand van de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde selectiecriteria;
e. nodigt de geselecteerde gegadigden uit tot deelname aan de dialoog;
f. houdt met de geselecteerde gegadigden een dialoog met het doel te bepalen welke middelen geschikt zijn om zo goed mogelijk aan de behoeften van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf te voldoen en maakt een keuze welke oplossing of oplossingen aan zijn behoeften kunnen voldoen;
g. verzoekt de deelnemers aan de dialoog hun inschrijving in te dienen;
h. toetst of de inschrijvingen voldoen aan de tijdens de dialoog voorgelegde en gespecificeerde oplossing of oplossingen;
i. beoordeelt de geldige inschrijvingen aan de hand van het gunningscriterium de economische meest voordelige inschrijving en de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde nadere criteria, bedoeld in artikel 2:106;
j. maakt een proces-verbaal van de vergunningverlening;
k. deelt de gunningsbeslissing mee;
l. kan de overeenkomst sluiten;
m. maakt de aankondiging van de gegunde opdracht bekend.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepassen indien:
a. bij toepassing van de niet-openbare procedure, de onderhandelingsprocedure met aankondiging of de procedure van de concurrentiegerichte dialoog geen of geen geschikte inschrijvingen of geen verzoeken tot deelneming zijn ingediend, de oorspronkelijke voorwaarden van de opdracht niet wezenlijk worden gewijzigd en de Europese Commissie op haar verzoek een verslag van de oorspronkelijke procedure wordt overgelegd,
b. de opdracht om technische redenen of om redenen van bescherming van uitsluitende rechten slechts aan een bepaalde ondernemer kan worden toevertrouwd,
c. voor zover zulks strikt noodzakelijk is, ingeval de termijnen, bedoeld in artikel 2.57, van de niet-openbare procedure of de onderhandelingsprocedure met aankondiging wegens dwingende spoed niet in acht kunnen worden genomen als gevolg van gebeurtenissen die door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf niet konden worden voorzien en niet aan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf zijn te wijten,
d. ingeval de termijnen, bedoeld in artikel 2.57, van de niet-openbare procedure of de onderhandelingsprocedure met aankondiging wegens de urgentie van een crisissituatie niet in acht kunnen worden genomen, of
e. bij toepassing van de niet-openbare procedure, de onderhandelingsprocedure met aankondiging of de procedure van de concurrentiegerichte dialoog, inschrijvingen zijn ingediend die onregelmatig zijn, of indien inschrijvingen zijn gedaan die onaanvaardbaar zijn, mits de oorspronkelijke voorwaarden van de opdracht niet wezenlijk worden gewijzigd.
2.
Indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf toepassing heeft gegeven aan het eerste lid, onderdeel e, nodigt hij gelijktijdig en schriftelijk uitsluitend de inschrijvers uit die in de niet-openbare procedure, de onderhandelingsprocedure met aankondiging of de procedure van de concurrentiegerichte dialoog een inschrijving hebben gedaan die voldeed aan de geschiktheidscriteria en selectiecriteria, en die aan de formele eisen van de procedure voor het gunnen van opdrachten voldoen.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepassen:
a. voor opdrachten voor diensten betreffende onderzoek en ontwikkeling waarvan de resultaten in hun geheel bestemd zijn voor de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voor gebruik ervan in de uitoefening van zijn eigen werkzaamheden, mits de dienstverlening volledig door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf wordt betaald,
b. voor de levering van producten die uitsluitend voor onderzoek en ontwikkeling worden vervaardigd en waarvan de productie niet in grote hoeveelheden plaatsvindt met het doel de commerciële haalbaarheid van het product vast te stellen of de kosten van onderzoek en ontwikkeling te delgen,
c. voor door de oorspronkelijke leverancier verrichte aanvullende leveringen die bestemd zijn:
1°. voor gedeeltelijke vervanging van leveringen of installaties voor courant gebruik, of
2°. voor de uitbreiding van bestaande leveringen of installaties, indien verandering van leverancier de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf ertoe zou verplichten materiaal aan te schaffen met andere technische eigenschappen die niet verenigbaar zijn met de technische eigenschappen van reeds geleverd materiaal of zich bij gebruik en onderhoud van aan te schaffen materiaal onevenredige technische moeilijkheden voordoen,
d. voor op een grondstoffenmarkt genoteerde en aangekochte leveringen, of
e. voor de aankoop van leveringen tegen bijzonder gunstige voorwaarden bij een leverancier die definitief zijn handelsactiviteiten stopzet, bij curatoren of vereffenaars van een faillissement of bij de toepassing van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen of een in andere nationale regelgeving bestaande vergelijkbare procedure.
2.
De looptijd van de opdrachten en nabestellingen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, is niet langer dan vijf jaar, tenzij sprake is van uitzonderlijke omstandigheden op de vaststelling waarvan de verwachte levensduur van geleverde objecten, installaties of systemen en de technische moeilijkheden die een verandering van leverancier kan veroorzaken van invloed zijn.
Artikel 2.25
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan voor aanvullende werken of diensten de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepassen voor zover die diensten of werken noch in het oorspronkelijk gegunde ontwerp, noch in de oorspronkelijk gegunde opdracht waren opgenomen en technisch of economisch niet los van de oorspronkelijke opdracht kunnen worden uitgevoerd zonder dat dit tot grote ongemakken voor de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf leidt dan wel de aanvullende werken of diensten strikt noodzakelijk zijn om de oorspronkelijke opdracht te vervolmaken en:
1°. de aanvullende werken of diensten ten gevolge van een onvoorziene omstandigheid voor de uitvoering van deze opdracht noodzakelijk zijn geworden,
2°. de gunning geschiedt aan de aannemer of dienstverlener die de oorspronkelijke opdracht voor werken of opdracht voor diensten uitvoert, en
3°. het totale bedrag van de voor de aanvullende werken of diensten gegunde opdracht niet hoger is dan 50 procent van het bedrag van de oorspronkelijke opdracht.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan voor nieuwe werken of diensten tot vijf jaar volgend op de gunning van de oorspronkelijke opdracht de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepassen, voor zover die werken of diensten bestaan uit herhaling van soortgelijke werken of diensten die door dezelfde aanbestedende diensten of speciale-sectorbedrijven worden toevertrouwd aan de ondernemer waaraan de oorspronkelijke opdracht werd gegund en:
1°. deze werken of diensten overeenstemmen met een basisproject dat het voorwerp vormde van de oorspronkelijke opdracht die met toepassing van de niet-openbare procedure, de onderhandelingsprocedure met aankondiging of de procedure van de concurrentiegerichte dialoog is gegund,
2°. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf reeds in de aankondiging van de aanbesteding van het basisproject vermeldde dat een procedure zonder aankondiging kan worden toegepast, en
3°. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf bij toepassing van afdeling 2.1.2 het totale voor de volgende werken geraamde bedrag in aanmerking heeft genomen voor de raming van de waarde van de opdracht.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan in uitzonderlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 2.24, tweede lid, ook na de vijf jaar volgend op de gunning van de oorspronkelijke opdracht de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepassen.
Artikel 2.27
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan voor opdrachten in verband met de levering van vervoersdiensten in de lucht en ter zee voor de strijdkrachten of veiligheidsdiensten die in het buitenland zijn of zullen worden ingezet de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepassen, indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf zich genoodzaakt ziet een opdracht voor deze diensten te plaatsen bij ondernemers die de geldigheid van een inschrijving voor zodanig korte periodes garanderen dat de termijn, bedoeld in artikel 2.57, voor de niet-openbare procedure of de onderhandelingsprocedure met aankondiging van een opdracht niet kan worden nageleefd.
Artikel 2.28
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepast doorloopt de volgende stappen. De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. onderhandelt met de betrokken ondernemers;
b. maakt een proces-verbaal van de opdrachtverlening;
c. deelt de gunningsbeslissing mee;
d. kan de overeenkomst sluiten;
e. maakt de aankondiging van de gegunde opdracht bekend.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan voor een opdracht betreffende diensten die zijn opgenomen in bijlage II van richtlijn nr. 2009/81/EG de procedure voor bijlage II diensten toepassen.
2.
Indien de opdracht, bedoeld in het eerste lid, zowel betrekking heeft op diensten als bedoeld in bijlage I van richtlijn nr. 2009/81/EG als op diensten als bedoeld in bijlage II van richtlijn nr. 2009/81/EG kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de procedure voor bijlage II diensten toepassen indien de geraamde waarde van de bijlage II diensten gelijk is aan of hoger is dan die van de bijlage I diensten.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf die de procedure voor bijlage II diensten toepast doorloopt de volgende stappen. De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. toetst of de inschrijvingen voldoen aan de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gestelde technische specificaties, eisen en normen;
b. deelt de resultaten van de gunning mee aan de Europese Commissie;
c. kan een aankondiging van de gegunde opdracht bekend maken.
2.
Bij toepassing van de procedure voor bijlage II diensten zijn uitsluitend de paragrafen 2.3.3.1 en 2.3.8.9 van hoofdstuk 2.3 van toepassing.
3.
In afwijking van het tweede lid maakt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf een aankondiging van het voornemen tot het plaatsen van de opdracht bekend op het elektronische systeem voor aanbestedingen, indien die opdracht een duidelijk grensoverschrijdend belang heeft.
Artikel 2.31
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat een raamovereenkomst wil sluiten, past daartoe een van de volgende procedures toe:
a. de niet-openbare procedure;
b. de onderhandelingsprocedure met aankondiging;
c. indien dat op grond van artikel 2.21 is toegestaan, de procedure van de concurrentiegerichte dialoog;
d. indien dat op grond van de artikelen 2.23 tot en met 2.27 is toegestaan, de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging;
e. indien dat op grond van artikel 2.29 is toegestaan, de procedure voor bijlage II diensten.
1.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat een opdracht wil plaatsen met gebruikmaking van een raamovereenkomst die hij gesloten heeft met een enkele ondernemer, past de procedure voor het gunnen van een opdracht via een raamovereenkomst met een enkele ondernemer toe, indien deze raamovereenkomst overeenkomstig artikel 2.31 is gesloten.
2.
In het in het eerste lid bedoelde geval gunt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de opdracht op basis van de in de raamovereenkomst gestelde voorwaarden.
Artikel 2.33
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat een opdracht wil plaatsen met gebruikmaking van een raamovereenkomst die hij gesloten heeft met meerdere ondernemers, past de procedure voor het gunnen van een opdracht door middel van een raamovereenkomst met meerdere ondernemers toe, indien deze raamovereenkomst overeenkomstig artikel 2.31 is gesloten.
1.
In het in artikel 2.33 bedoelde geval past de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de voorwaarden van de raamovereenkomst toe, zonder de betrokken ondernemers opnieuw tot mededinging op te roepen.
2.
Indien niet alle voorwaarden in de raamovereenkomst zijn bepaald, doorloopt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de volgende stappen. De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. vraagt de betrokken ondernemers de inschrijvingen in te dienen;
b. beoordeelt de aangevulde inschrijvingen volgens de in de raamovereenkomst of aanbestedingsstukken vastgestelde gunningscriteria;
c. maakt een proces-verbaal van de opdrachtverlening;
d. kan de overeenkomst sluiten.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf wijst gegadigden of inschrijvers die krachtens de wetgeving van de lidstaat waarin zij zijn gevestigd, gerechtigd zijn de desbetreffende verrichting uit te voeren, niet af louter op grond van het feit dat zij een natuurlijke persoon of een rechtspersoon zijn.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan voor opdrachten voor diensten, voor opdrachten voor werken en voor opdrachten voor leveringen die bijkomende diensten of installatiewerkzaamheden inhouden, van een rechtspersoon verlangen dat deze in de inschrijving of in het verzoek tot deelneming de namen en de beroepskwalificaties vermeldt van de personen die met de uitvoering van de opdracht worden belast.
3.
Een samenwerkingsverband van ondernemers kan zich inschrijven of zich als gegadigde opgeven.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf verlangt voor het indienen van een inschrijving of een verzoek tot deelneming van een samenwerkingsverband van ondernemers niet dat het samenwerkingsverband van ondernemers een bepaalde rechtsvorm heeft.
5.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan van een samenwerkingsverband waaraan de opdracht wordt gegund, eisen dat het een bepaalde rechtsvorm aanneemt, indien dit voor de goede uitvoering van de opdracht noodzakelijk is.
1.
Een ondernemer kan inlichtingen vragen over een specifieke aanbesteding.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf beantwoordt de gestelde vragen in een nota van inlichtingen, die hij aan alle gegadigden of inschrijvers verzendt.
3.
Een ondernemer kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf verzoeken om bepaalde informatie niet in de nota van inlichtingen op te nemen indien openbaarmaking van deze informatie schade zou toebrengen aan de gerechtvaardigde economische belangen van de onderneming.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf verstrekt nadere inlichtingen over de aanbestedingsstukken uiterlijk zes dagen voor de uiterste datum voor het indienen van de inschrijvingen, mits het verzoek om inlichtingen tijdig voor de uiterste datum voor het indienen van de inschrijvingen is gedaan.
2.
In afwijking van het eerste lid bedraagt de in dat lid bedoelde termijn in geval van toepassing van de niet-openbare procedure of onderhandelingsprocedure, waarbij toepassing wordt gegeven aan artikel 2.57, vier dagen.
Artikel 2.38
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan een ondernemer vragen om zijn inschrijving of verzoek om deelneming nader toe te lichten of aan te vullen met inachtneming van de artikelen 2.74, 2.75 en 2.93.
1.
Een aanbestedende dienst of speciale-sectorbedrijf is niet gehouden gerubriceerde gegevens met betrekking tot een specifieke aanbesteding te verstrekken aan een ondernemer, indien die niet voldoet aan eisen die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf ter bescherming van die gegevens aan de verstrekking daarvan heeft gesteld.
2.
Een eis als bedoeld in het eerste lid kan inhouden dat een ondernemer er voor zorg dient te dragen dat door hem in te schakelen onderaannemers eveneens aan de eisen, bedoeld in het eerste lid, voldoen.
Artikel 2.40
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf neemt passende maatregelen om het verloop van een langs elektronische weg gevoerde procedure te documenteren.
1.
Onverminderd het in deze wet bepaalde maakt een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf informatie die hem door een ondernemer als vertrouwelijk is verstrekt niet openbaar.
2.
Onverminderd het in deze wet bepaalde maakt een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf geen informatie openbaar uit aanbestedingsstukken of andere documenten die de dienst heeft opgesteld in verband met een aanbestedingsprocedure, indien die informatie kan worden gebruikt om de mededinging te vervalsen.
Artikel 2.42
Een aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan een vooraankondiging bekendmaken waarin wordt vermeld:
a. het overeenkomstig afdeling 2.1.2 geraamde bedrag en de hoofdkenmerken van de opdrachten voor werken die hij voornemens is te plaatsen of te sluiten;
b. het overeenkomstig afdeling 2.1.2 geraamde totale bedrag per productgroep van de opdrachten voor leveringen die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voornemens is in de loop van de komende twaalf maanden te plaatsen;
c. het overeenkomstig afdeling 2.1.2 geraamde totale bedrag per dienstencategorie van de opdrachten voor diensten voor elk van de dienstencategorieën, die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voornemens is in de loop van de komende twaalf maanden te plaatsen.
1.
De bekendmaking van de vooraankondiging geschiedt langs elektronische weg, met gebruikmaking van het elektronisch systeem voor aanbestedingen.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gebruikt voor de bekendmaking van de vooraankondiging het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
Artikel 2.44
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf zendt de vooraankondiging, bedoeld in artikel 2.42, zo spoedig mogelijk nadat de beslissing is genomen tot goedkeuring van het programma voor de opdrachten of de raamovereenkomsten die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voornemens is te plaatsen of te sluiten, met behulp van het elektronisch systeem voor aanbestedingen toe aan de Europese Commissie.
1.
In afwijking van artikel 2.44 kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de vooraankondiging ook bekend maken op zijn kopersprofiel.
2.
Een kopersprofiel als bedoeld in het eerste lid is langs elektronische weg toegankelijk en kan informatie bevatten inzake vooraankondigingen, lopende aanbestedingsprocedures, voorgenomen aankopen, gegunde opdrachten, geannuleerde procedures en nuttige algemene informatie, zoals een contactpunt, een telefoon- en faxnummer, een postadres en een e-mailadres.
3.
In het in het eerste lid bedoelde geval zendt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf een kennisgeving van de vooraankondiging langs elektronische weg met gebruikmaking van het elektronisch systeem voor aanbestedingen toe aan de Europese Commissie.
4.
De in het derde lid bedoelde kennisgeving geschiedt door middel van het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
5.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf maakt de vooraankondiging op zijn kopersprofiel niet eerder bekend dan nadat de kennisgeving van die bekendmaking aan de Europese Commissie is verzonden.
6.
De vooraankondiging op het kopersprofiel bevat de datum van de kennisgeving, bedoeld in het vierde lid.
1.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat voornemens is een opdracht te gunnen maakt hiertoe een aankondiging van de opdracht bekend.
2.
De bekendmaking van de aankondiging geschiedt langs elektronische weg met gebruikmaking van het elektronisch systeem voor aanbestedingen.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gebruikt voor de bekendmaking van de aankondiging het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
4.
Het eerste lid is niet van toepassing indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toepast.
Artikel 2.47
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf geeft in de aankondiging of in de uitnodiging tot inschrijving aan welke bewijsmiddelen hij van de ondernemer verlangt, waaronder die met betrekking tot de financiële en economische draagkracht en de technische- en beroepsbekwaamheid.
Artikel 2.48
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan met behulp van de bevestiging van ontvangst van de bekendmaking van de Europese Commissie aantonen dat hij een aankondiging heeft bekendgemaakt.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan de aankondiging of de inhoud ervan niet eerder op een andere wijze dan bedoeld in artikel 2.46 bekendmaken dan nadat deze aan de Europese Commissie is gezonden.
2.
Indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de aankondiging ook op een andere wijze dan met gebruikmaking van het elektronisch systeem voor aanbestedingen bekend maakt, bevat die aankondiging geen andere informatie dan die welke aan de Europese Commissie is gezonden of via het kopersprofiel is bekendgemaakt en bevat deze in ieder geval de datum van toezending aan de Europese Commissie dan wel de datum van de bekendmaking op het kopersprofiel.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf stelt de aanbestedingsstukken voor de opdracht op enigerlei wijze kosteloos ter beschikking.
2.
Indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de aanbestedingsstukken voor de opdracht ook op andere wijze dan ter uitvoering van het eerste lid beschikbaar stelt, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de kosten voor die wijze van verstrekking in rekening brengen bij degenen die om die andere wijze van verstrekking van de aanbestedingsstukken hebben gevraagd.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan een rectificatie van een eerder gedane aankondiging bekendmaken.
2.
De bekendmaking van de rectificatie geschiedt langs elektronische weg met gebruikmaking van het elektronisch systeem voor aanbestedingen.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gebruikt voor de bekendmaking van de rectificatie het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
Artikel 2.52
Indien de aanbestedingsstukken bij een andere instantie moeten worden opgevraagd vermeldt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in de uitnodiging tot deelname aan een niet-openbare procedure, de concurrentiegerichte dialoog of een onderhandelingsprocedure met aankondiging, het adres van deze instantie en, in voorkomend geval, de uiterste datum voor dit verzoek.
Artikel 2.53
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf stelt de termijn voor het indienen van verzoeken tot deelneming of inschrijvingen vast met inachtneming van het voorwerp van de opdracht, de voor de voorbereiding van het verzoek of de inschrijving benodigde tijd en de in deze paragraaf gestelde regels omtrent termijnen.
1.
Voor niet-openbare procedures, onderhandelingsprocedures met aankondiging en de concurrentiegerichte dialoog bedraagt de termijn voor het indienen van de verzoeken tot deelneming ten minste 30 dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht.
2.
Voor niet-openbare procedures bedraagt de termijn voor het indienen van de inschrijvingen ten minste 40 dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot inschrijving.
3.
Indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf een vooraankondiging als bedoeld in paragraaf 2.3.2.1 heeft gedaan, kan hij de termijn voor het indienen van de inschrijvingen, bedoeld in het tweede lid, inkorten tot 36 dagen, maar in geen geval tot minder dan 22 dagen.
4.
Het inkorten van de termijn, bedoeld in het derde lid, is uitsluitend toegestaan, indien de vooraankondiging alle informatie bevat die in de aankondiging van de opdracht, bedoeld in bijlage IV van richtlijn nr. 2009/81/EG, wordt verlangd, voor zover deze informatie beschikbaar is op het tijdstip dat de vooraankondiging wordt bekendgemaakt en mits deze vooraankondiging ten minste 52 dagen en ten hoogste 12 maanden voor de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht ter bekendmaking is verzonden.
Artikel 2.55
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan de termijnen voor het indienen van inschrijvingen, bedoeld in artikel 2.54, tweede lid, met vijf dagen inkorten indien hij met elektronische middelen en vanaf het doen van de aankondiging vrije, rechtstreekse en volledige toegang biedt tot de aanbestedingsstukken, met inachtneming van paragraaf 2.3.2.2, en in de aankondiging het internetadres vermeldt dat toegang biedt tot deze documenten.
Artikel 2.56
Indien de tijdig aangevraagde aanbestedingsstukken en de aanvullende stukken of nadere inlichtingen niet binnen de in artikel 2.37 gestelde termijn zijn verstrekt, of indien de inschrijvingen slechts na een bezichtiging ter plaatse, of na inzage ter plaatse van de bij de aanbestedingsstukken behorende stukken kunnen worden gedaan, verlengt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de termijn voor het indienen van de inschrijvingen zodanig dat alle betrokken ondernemers van alle nodige informatie voor de opstelling van de inschrijvingen kennis kunnen nemen.
Artikel 2.57
Indien om dringende redenen de in de artikelen 2.54 tot en met 2.56 bepaalde termijnen niet in acht kunnen worden genomen, kan een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf bij een niet-openbare procedure, de procedure van de concurrentiegerichte dialoog of een onderhandelingsprocedure met aankondiging, de volgende termijnen vaststellen:
a. een termijn voor het indienen van de verzoeken tot deelneming van ten minste vijftien dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de aankondiging van de opdracht, of tien dagen indien de aankondiging elektronisch is verzonden overeenkomstig het model in het derde punt van bijlage VI van richtlijn nr. 2009/81/EG;
b. in het geval van de niet-openbare procedure en de procedure van de concurrentiegerichte dialoog, een termijn voor het indienen van de inschrijvingen van ten minste tien dagen, te rekenen vanaf de verzenddatum van de uitnodiging tot het indienen van een inschrijving.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf neemt de door hem gestelde technische specificaties op in de aanbestedingsstukken.
2.
De technische specificaties bieden de inschrijvers gelijke toegang en leiden niet tot ongerechtvaardigde belemmeringen in de openstelling van opdrachten voor mededinging.
1.
Onverminderd technische eisen die verenigbaar zijn met het Unierecht en waarvan het gebruik bij of krachtens de wet verplicht is gesteld of aan welke op grond van internationale normalisatieovereenkomsten voldaan moet worden om de krachtens deze overeenkomsten vereiste interoperabiliteit te garanderen, formuleert een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf de technische specificaties:
a. door verwijzing naar technische specificaties en naar nationale civiele normen waarin Europese normen zijn omgezet, Europese technische goedkeuringen, gemeenschappelijke civiele technische specificaties, nationale civiele normen waarin internationale normen zijn omgezet, andere internationale civiele normen, andere door Europese normalisatie-instellingen opgestelde technische referentiesystemen of, bij ontstentenis daarvan, andere nationale civiele normen, nationale technische goedkeuringen, dan wel nationale technische specificaties inzake het ontwerpen, berekenen en uitvoeren van werken en het gebruik van producten, civiele technische specificaties die binnen de sector algemeen erkend zijn, of nationale defensienormen en soortgelijke specificaties voor defensiemateriaal,
b. in termen van prestatie-eisen en functionele eisen, die milieukenmerken kunnen bevatten, waarbij de eisen zodanig nauwkeurig zijn bepaald dat de inschrijvers het voorwerp van de opdracht kunnen bepalen en de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de opdracht kan gunnen,
c. in termen van prestatie-eisen en functionele eisen als bedoeld in onderdeel b, waarbij onder vermoeden van overeenstemming met deze prestatie-eisen en functionele eisen wordt verwezen naar de specificaties, bedoeld in onderdeel a, of
d. door verwijzing naar de specificaties, bedoeld in onderdeel a, voor bepaalde kenmerken, en verwijzing naar de prestatie-eisen en functionele eisen, bedoeld in onderdeel b, voor andere kenmerken.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf doet een verwijzing als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, vergezeld gaan van de woorden «of gelijkwaardig».
3.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf die milieukenmerken voorschrijft door verwijzing naar prestatie-eisen of functionele eisen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, kan gebruik maken van de gedetailleerde specificaties of van gedeelten daarvan, zoals vastgesteld in milieukeurmerken, voor zover:
a. die geschikt zijn voor de omschrijving van de kenmerken van de leveringen of diensten waarop de opdracht betrekking heeft,
b. de vereisten voor de keurmerken zijn ontwikkeld op grond van wetenschappelijke gegevens,
c. de milieukeurmerken zijn aangenomen via een proces waaraan alle betrokkenen, zoals regeringsinstanties, consumenten, fabrikanten, kleinhandel en milieuorganisaties kunnen deelnemen, en
d. de keurmerken toegankelijk zijn voor alle betrokken partijen.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan aangeven dat van een milieukeurmerk voorziene producten of diensten voldoen aan de technische specificaties van de aanbestedingsstukken.
5.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf verwijst in de technische specificaties niet naar een bepaald fabrikaat, een bepaalde herkomst of een bijzondere werkwijze, een merk, een octrooi of een type, een bepaalde oorsprong of een bepaalde productie, waardoor bepaalde ondernemingen of bepaalde producten worden bevoordeeld of uitgesloten, tenzij dit door het voorwerp van de opdracht gerechtvaardigd is.
6.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan de melding of verwijzing, bedoeld in het vijfde lid, opnemen in de technische specificatie indien:
a. een voldoende nauwkeurige en begrijpelijke beschrijving van het voorwerp van de opdracht door toepassing van het eerste lid, of van artikel 2.60, eerste lid, niet mogelijk is en
b. deze melding of verwijzing vergezeld gaat van de woorden «of gelijkwaardig».
1.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat verwijst naar de specificaties, bedoeld in artikel 2.59, eerste lid, onderdeel a, wijst een inschrijving niet af omdat de aangeboden producten en diensten niet voldoen aan de specificaties waarnaar hij heeft verwezen, indien de inschrijver in zijn inschrijving tot voldoening van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aantoont dat de door hem voorgestelde oplossingen op gelijkwaardige wijze voldoen aan de eisen in die technische specificaties.
2.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat prestatie-eisen of functionele eisen stelt als bedoeld in artikel 2.59, eerste lid, onderdelen b en c, wijst een inschrijving voor werken, producten of diensten niet af indien die inschrijving voldoet aan:
a. een nationale norm waarin een Europese norm is omgezet,
b. aan een Europese technische goedkeuring,
c. aan een gemeenschappelijke technische specificatie,
d. aan een internationale norm, of
e. aan een door een Europese normalisatie-instelling opgesteld technisch referentiesysteem,
indien de in de onderdelen a tot en met e bedoelde specificaties betrekking hebben op de prestatie-eisen of functionele eisen die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf heeft voorgeschreven.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aanvaardt, indien hij gebruik maakt van de in artikel 2.59, vierde lid, bedoelde mogelijkheid, elk ander passend bewijsmiddel, zoals een technisch dossier van de fabrikant of een testverslag van een erkende organisatie.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf aanvaardt certificaten van in andere lidstaten van de Europese Unie gevestigde erkende organisaties.
Artikel 2.61
Een inschrijver toont in zijn inschrijving aan dat het product, de dienst of het werk in overeenstemming is met de norm en voldoet aan de functionele en prestatie-eisen van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan de gegadigden die worden uitgenodigd tot inschrijving voor een opdracht verzoeken in hun inschrijving te vermelden of zij voornemens zijn een gedeelte van de opdracht aan derden in onderaanneming te geven.
2.
Bij een verzoek als bedoeld in het eerste lid kan een inschrijver tevens worden verzocht te vermelden:
a. welke onderaannemers hij wil inschakelen,
b. waarop de opdrachten in onderaanneming betrekking hebben waarvoor hij de onderaannemers, bedoeld onder a, wil inschakelen, of
c. dat hij iedere wijziging in onderaannemers zal melden die gedurende de uitvoering van de opdracht plaatsvindt.
3.
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing, indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf artikel 2.63 toepast.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan de gegadigden die worden uitgenodigd tot inschrijving voor een opdracht verzoeken in hun inschrijving te vermelden dat zij een percentage van de waarde van de opdracht aan derden in onderaanneming zullen uitbesteden dat niet ligt buiten een door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vastgesteld bereik waarvan een minimum- en maximumpercentage van de waarde van de opdracht de uitersten zijn.
2.
Het door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vast te stellen maximumpercentage, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten hoogste 30 procent.
3.
Het door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vast te stellen minimum- en maximumpercentage, bedoeld in het eerste lid, is proportioneel gelet op de inhoud en de waarde van de opdracht en de aard van de desbetreffende sector, met inbegrip van het mededingingspeil op de desbetreffende markt en de technische capaciteit van de industrie op dit gebied.
4.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat een eis als bedoeld in het eerste lid stelt, verzoekt de inschrijvers tevens om in hun inschrijving te specificeren welk deel of welke delen van de opdracht zij voornemens zijn aan derden uit te besteden als opdracht in onderaanneming binnen de percentages, bedoeld in het eerste lid.
1.
Het is een inschrijver toegestaan in zijn inschrijving voor te stellen een deel van de totale waarde van de opdracht dat uitstijgt boven het door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vastgestelde maximumpercentage, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid, aan derden in onderaanneming uit te besteden.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan een inschrijver verzoeken het deel van de opdracht te specificeren dat boven het vastgestelde maximumpercentage, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid, uitstijgt en, in voorkomend geval, aan te geven welke onderaannemers daarvoor reeds zijn gekozen.
1.
Een samenwerkingsverband van ondernemingen dat gevormd is om een opdracht te verwerven, of met dit samenwerkingsverband verbonden ondernemingen, worden niet als derden als bedoeld in deze paragraaf of in afdeling 2.4.2, beschouwd.
2.
Onder verbonden onderneming in de zin van dit artikel wordt verstaan een onderneming:
a. waarop de inschrijver direct of indirect een overheersende invloed kan uitoefenen,
b. die een overheersende invloed kan uitoefenen op de inschrijver, of
c. die tezamen met de inschrijver onderworpen is aan de overheersende invloed van een andere onderneming uit hoofde van eigendom, financiële deelneming of op haar van toepassing zijnde voorschriften.
3.
Overheersende invloed als bedoeld in het tweede lid wordt vermoed indien een onderneming, al dan niet rechtstreeks, ten aanzien van een ander bedrijf:
a. de meerderheid van het geplaatste kapitaal bezit,
b. over de meerderheid van de stemmen beschikt die aan de door het bedrijf uitgegeven aandelen zijn verbonden of
c. meer dan de helft van de leden van het bestuurs-, leidinggevend of toezichthoudend orgaan van het bedrijf kan benoemen.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan gedurende de fase van selectie of gunning van een opdracht de in een inschrijving opgenomen keuzes van onderaannemers afwijzen, mits die afwijzing is gebaseerd op selectiecriteria, technische specificaties, eisen of normen, of oplossingen die aan de uitvoering van de opdracht zijn gesteld.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan onderaannemers afwijzen die gedurende de uitvoering van een opdracht worden gekozen, mits die afwijzing is gebaseerd op selectiecriteria, technische specificaties, eisen of normen, of oplossingen die aan de uitvoering van de opdracht zijn gesteld.
3.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat een onderaannemer afwijst, verstrekt de inschrijver die voornemens was deze onderaannemer in te schakelen een schriftelijke motivering van die afwijzing met een opgaaf van de selectiecriteria, technische specificaties, eisen of normen, of oplossingen waaraan die onderaannemer niet voldoet.
4.
Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op een afwijzing als bedoeld in het tweede lid.
Artikel 2.67
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vermeldt in de aankondiging de eisen die hij op grond van de artikelen 2.62 tot en met 2.66 stelt.
1.
Bij een opdracht die op gerubriceerde gegevens betrekking heeft, die gerubriceerde gegevens noodzakelijk maakt, of die gerubriceerde gegevens bevat, vermeldt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in de aanbestedingsstukken de maatregelen en eisen die noodzakelijk zijn om het vereiste beveiligingsniveau van deze gegevens te waarborgen.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan voor het bereiken van het vereiste beveiligingsniveau van de gerubriceerde gegevens onder meer eisen dat van een inschrijving deel uitmaakt:
a. een verklaring van de inschrijver en van reeds bekende onderaannemers dat zij met inachtneming van op hen van toepassing zijnde wettelijke voorschriften ten aanzien van veiligheid, passende maatregelen zullen nemen ter bescherming van de vertrouwelijkheid van alle gerubriceerde gegevens die in hun bezit zijn of die hun ter kennis komen tijdens de hele looptijd van de opdracht of na het einde of de afsluiting daarvan;
b. een verklaring van de inschrijver dat hij zal bewerkstelligen dat hij de verklaring, bedoeld onder a, zal verkrijgen van andere onderaannemers die hij tijdens de uitvoering van de opdracht opdrachten in onderaanneming wil gunnen;
c. gegevens over de reeds bekende in te schakelen onderaannemers, die toereikend zijn voor de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf om te kunnen vaststellen dat elk van hen over de vereiste bekwaamheden beschikt om naar behoren de vertrouwelijkheid te beschermen van de gerubriceerde gegevens waartoe zij toegang hebben of die zij in het kader van hun onderaannemingsactiviteiten dienen te verstrekken;
d. een verklaring van de inschrijver om aan een eerder niet bekende onderaannemer niet eerder een opdracht in onderaanneming te gunnen dan nadat over die onderaannemer de informatie, bedoeld onder c, is verstrekt.
3.
Indien een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf van een inschrijver een verklaring eist:
a. die afkomstig is van een door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aangewezen instantie en
b. waaruit blijkt dat volgens die aangewezen instantie de inschrijver voldoet aan het door die aanbestedende dienst of dat speciale-sectorbedrijf vereiste algemene beveiligingsniveau voor de uitvoering van opdrachten,
erkent die aanbestedende dienst of dat speciale-sectorbedrijf ook een daarmee gelijkwaardige verklaring van een instantie uit een ander land overeenkomstig de afspraken die daarover met dat land zijn gemaakt, onverminderd de mogelijkheid op basis van eigen onderzoek van die erkenning te kunnen afzien indien die afspraken daarin voorzien.
4.
Alvorens de verklaring, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet veiligheidsonderzoeken, wordt afgegeven ten aanzien van de persoon die een inschrijver of onderaannemer wenst te belasten met een functie die is aangewezen als vertrouwensfunctie als bedoeld in die wet, kan in afwijking van artikel 7 van die wet het aldaar bedoelde veiligheidsonderzoek geheel of gedeeltelijk achterwege blijven indien die persoon beschikt over een verklaring uit een andere lidstaat die op een gelijkwaardig veiligheidsonderzoek berust.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf specificeert in de aanbestedingstukken zijn eisen op het gebied van bevoorradingszekerheid.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan eisen dat een inschrijving op het gebied van bevoorradingszekerheid onder meer het volgende bevat:
a. certificering of documentatie die tot tevredenheid van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aantoont dat de inschrijver in staat zal zijn de uit de overeenkomst voortvloeiende verplichtingen inzake de uitvoer, overbrenging en doorvoer van goederen na te komen, waaronder aanvullende documentatie ontvangen van de betrokken lidstaat of lidstaten;
b. opgave van elke beperking voor de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf inzake openbaarmaking, overdracht of gebruik van de producten en diensten of van een resultaat van deze producten en diensten, als gevolg van uitvoercontrole of veiligheidsbepalingen;
c. certificering of documentatie die aantoont dat de organisatie en locatie van de bevoorradingsketen van de inschrijver hem in staat zullen stellen te voldoen aan de eisen van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf op het gebied van bevoorradingszekerheid die in de aanbestedingsstukken zijn opgenomen, en een verklaring van de inschrijver er voor te zorgen dat mogelijke veranderingen in zijn bevoorradingsketen tijdens de uitvoering van de opdracht geen negatieve gevolgen voor de naleving van deze vereisten zullen hebben;
d. de verklaring van de inschrijver dat hij in staat is capaciteit te realiseren of te handhaven die vereist is om eventuele aanvullende behoeften van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf als gevolg van een crisissituatie op te vangen, onder overeen te komen voorwaarden;
e. ondersteunende documentatie die de inschrijver heeft ontvangen van zijn nationale instanties over het kunnen vervullen van aanvullende behoeften van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf als gevolg van een crisissituatie;
f. de verklaring van de inschrijver dat hij het onderhoud, de modernisering of de aanpassingen van de leveringen die het voorwerp van de opdracht uitmaken, uit zal voeren;
g. de verklaring van de inschrijver dat hij de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf tijdig kennis zal geven van iedere verandering in zijn organisatie,
bevoorradingsketen of bedrijfsstrategie die van invloed kan zijn op zijn verplichtingen jegens de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf;
h. de verklaring van de inschrijver dat hij de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf onder overeen te komen voorwaarden alle specifieke middelen zal verstrekken die nodig zijn voor de vervaardiging van reserveonderdelen, componenten, assemblagedelen en speciale testapparatuur, inclusief technische tekeningen, licenties en gebruiksaanwijzingen, voor het geval dat hij deze benodigdheden niet langer kan leveren.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf eist niet van een inschrijver dat van zijn inschrijving onderdeel uitmaakt een verklaring van een lidstaat die de vrijheid van die lidstaat zou inperken om in overeenstemming met de desbetreffende internationale of communautaire wetgeving zijn nationale vergunningscriteria voor uitvoer, overbrenging of doorvoer toe te passen in de omstandigheden die op het moment van het verlenen van een vergunning gelden.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan bijzondere voorwaarden verbinden aan de uitvoering van een opdracht, mits dergelijke voorwaarden met het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie verenigbaar zijn en in de aanbestedingsstukken vermeld zijn.
2.
De voorwaarden waaronder een opdracht wordt uitgevoerd, kunnen betrekking hebben op onderaanneming of ten doel hebben de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf overeenkomstig de artikelen 2.68 en 2.69 vereiste beveiliging van gerubriceerde gegevens en bevoorradingszekerheid te waarborgen, dan wel met sociale of milieuoverwegingen verband houden.
1.
In de aanbestedingsstukken kan een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf aangeven bij welk orgaan de inschrijvers informatie kunnen verkrijgen over verplichtingen omtrent de bepalingen inzake belastingen, milieubescherming, arbeidsbescherming en arbeidsvoorwaarden die gelden in Nederland of, indien de verrichtingen buiten Nederland worden uitgevoerd, die gelden in het gebied of de plaats waar de verrichtingen worden uitgevoerd en die gedurende de uitvoering van de opdracht op die verrichtingen van toepassing zullen zijn.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf verzoekt de inschrijvers aan te geven dat zij bij het opstellen van hun inschrijving rekening hebben gehouden met de verplichtingen uit hoofde van de bepalingen inzake de arbeidsbescherming en de arbeidsvoorwaarden die gelden op de plaats waar de verrichting wordt uitgevoerd.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan de deelneming aan een procedure voor de gunning van een opdracht of de uitvoering ervan voorbehouden aan sociale werkplaatsen in het kader van programma’s voor beschermde arbeid indien de meerderheid van de betrokken werknemers personen met een handicap zijn die wegens de aard of de ernst van hun handicaps geen beroepsactiviteit in normale omstandigheden kunnen uitvoeren.
2.
De aankondiging van de opdracht vermeldt een voorbehoud als bedoeld in het eerste lid.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan de inschrijvers toestaan varianten voor te stellen, indien hij voor de gunning het criterium van de economisch meest voordelige inschrijving hanteert.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf vermeldt in de aankondiging van de opdracht of hij varianten toestaat. Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf staat alleen varianten toe indien hij in de aankondiging heeft vermeld dat deze zijn toegestaan.
3.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat varianten toestaat, vermeldt in de aanbestedingsstukken aan welke eisen deze varianten ten minste voldoen, en hoe zij worden ingediend.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf neemt uitsluitend de varianten in overweging die aan de gestelde eisen voldoen.
5.
Bij procedures voor het gunnen van opdrachten voor leveringen of opdrachten voor diensten wijst een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf die varianten heeft toegestaan, een variant niet af uitsluitend omdat deze variant, indien deze werd gekozen, veeleer tot een opdracht voor diensten dan tot een opdracht voor leveringen, dan wel veeleer tot een opdracht voor leveringen dan tot een opdracht voor diensten zou leiden.
1.
Een eigen verklaring is een verklaring van een ondernemer waarin deze aangeeft of uitsluitingsgronden op hem van toepassing zijn, of hij voldoet aan de in de aankondiging of in de aanbestedingsstukken gestelde geschiktheidseisen en op welke wijze hij voldoet aan de selectiecriteria.
2.
De gegevens en inlichtingen die in een verklaring kunnen worden verlangd worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf verlangt van een ondernemer dat hij bij zijn verzoek tot deelneming of zijn inschrijving een eigen verklaring indient en geeft daarbij aan welke gegevens en inlichtingen in de eigen verklaring moeten worden verstrekt.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf verlangt niet dat een ondernemer bij zijn verzoek tot deelneming of inschrijving gegevens en inlichtingen op een andere wijze verstrekt, indien deze gegevens en inlichtingen in de eigen verklaring gevraagd kunnen worden.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan een ondernemer uitsluitend verzoeken bewijsstukken bij zijn eigen verklaring te voegen die geen betrekking hebben op gegevens en inlichtingen die in de eigen verklaring gevraagd kunnen worden, tenzij het bewijsstukken betreft die genoemd zijn in artikel 2.83, eerste lid, onder a of b.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf sluit een gegadigde of inschrijver jegens wie bij een onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak een veroordeling als bedoeld in het tweede lid is uitgesproken waarvan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kennis heeft, uit van deelneming aan een opdracht of een aanbestedingsprocedure.
2.
Voor de toepassing van het eerste lid worden aangewezen veroordelingen ter zake van:
a. deelneming aan een criminele organisatie in de zin van artikel 2, eerste lid, van Gemeenschappelijk Optreden 98/733/JBZ van de Raad, (PbEG 1998, L 351);
b. omkoping in de zin van artikel 3 van het besluit van de Raad van 26 mei 1997 (PbEG L 195) respectievelijk artikel 2, eerste lid, van het Kaderbesluit van de Raad (PbEU 2003, L 192);
c. fraude in de zin van artikel 1 van de overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Gemeenschap (PbEG 1995, C 316);
d. terroristisch misdrijf of strafbaar feit in verband met terroristische activiteiten in de zin van respectievelijk de artikelen 1 en 3 van het Kaderbesluit van de Raad inzake terrorismebestrijding (PbEG 2002, L 164), dan wel uitlokking van, medeplichtigheid aan of poging tot het plegen van een dergelijk misdrijf of strafbaar feit als bedoeld in artikel 4 van dat Kaderbesluit;
e. witwassen van geld en financiering van terrorisme in de zin van artikel 1 van richtlijn nr. 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 oktober 2005 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme (PbEU L 309).
3.
Als veroordelingen als bedoeld in het tweede lid worden in ieder geval aangemerkt veroordelingen op grond van artikel 134a, 140, 140a, 177, 178, 225, 226, 227, 227a, 227b, 285, derde lid, of 323a, 328ter, tweede lid, 420bis, 420ter of 420quater van het Wetboek van Strafrecht of veroordelingen wegens overtreding van de in artikel 83 van het Wetboek van Strafrecht bedoelde misdrijven, indien aan het bepaalde in dat artikel is voldaan.
4.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf betrekt bij de toepassing van het eerste lid uitsluitend rechterlijke uitspraken die in de vier jaar voorafgaand aan het tijdstip van het indienen van het verzoek tot deelneming of de inschrijving onherroepelijk zijn geworden.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan een inschrijver of gegadigde uitsluiten van deelneming aan een opdracht of een aanbestedingsprocedure op de volgende gronden:
a. de inschrijver of gegadigde verkeert in staat van faillissement of liquidatie, diens werkzaamheden zijn gestaakt, jegens hem geldt een surseance van betaling of een (faillissements-) akkoord, of de gegadigde of inschrijver verkeert in een andere vergelijkbare toestand ingevolge een soortgelijke procedure die voorkomt in de op hem van toepassing zijnde wet- of regelgeving;
b. jegens de gegadigde of inschrijver is een onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak gedaan op grond van de op hem van toepassing zijnde wet- en regelgeving wegens overtreding van een voor hem relevante beroepsgedragsregel;
c. de inschrijver of gegadigde heeft in de uitoefening van zijn beroep een ernstige fout begaan die door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aannemelijk kan worden gemaakt;
d. de inschrijver of gegadigde heeft niet voldaan aan verplichtingen op grond van op hem van toepassing zijnde wettelijke bepalingen met betrekking tot betaling van sociale zekerheidspremies of belastingen;
e. de gegadigde of inschrijver heeft zich in ernstige mate schuldig gemaakt aan valse verklaringen bij het verstrekken van inlichtingen die door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf van hem waren verlangd of hij heeft die inlichtingen niet verstrekt;
f. jegens de gegadigde of inschrijver is vastgesteld dat hij niet over de betrouwbaarheid beschikt die nodig is om risico’s voor de nationale veiligheid uit te sluiten.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf betrekt bij de toepassing van het eerste lid, onderdeel b, uitsluitend onherroepelijke uitspraken die in de vier jaar voorafgaand aan het tijdstip van het indienen van het verzoek tot deelneming of de inschrijving onherroepelijk zijn geworden en bij de toepassing van het eerste lid, onderdeel c, uitsluitend ernstige fouten die zich in de vier jaar voorafgaand aan het genoemde tijdstip hebben voorgedaan.
Artikel 2.78
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan afzien van toepassing van artikel 2.76 of artikel 2.77:
a. om dwingende redenen van algemeen belang;
b. indien de gegadigde of inschrijver naar het oordeel van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voldoende maatregelen heeft genomen om het geschonden vertrouwen te herstellen;
c. indien naar het oordeel van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf uitsluiting niet proportioneel is met het oog op de tijd die is verstreken sinds de veroordeling en gelet op het voorwerp van de opdracht.
1.
Een gegadigde of inschrijver kan door middel van een uittreksel uit het handelsregister, dat op het tijdstip van het indienen van het verzoek tot deelneming of de inschrijving niet ouder is dan zes maanden, aantonen dat de uitsluitingsgrond van artikel 2.77, onderdeel a, op hem niet van toepassing is.
2.
Een gegadigde of inschrijver kan door middel van een gedragsverklaring aanbesteden, die op het tijdstip van het indienen van het verzoek tot deelneming of de inschrijving niet ouder is dan twee jaar, aantonen dat de uitsluitingsgronden, bedoeld in de artikelen 2.76 en 2.77, onderdelen b en c, voor zover het een onherroepelijke veroordeling of een onherroepelijke beschikking wegens overtreding van mededingingsregels betreft, op hem niet van toepassing zijn.
3.
Een gegadigde of inschrijver kan door middel van een verklaring van de belastingdienst, die op het tijdstip van het indienen van het verzoek tot deelneming of de inschrijving, niet ouder is dan zes maanden, aantonen dat de uitsluitingsgrond, bedoeld in artikel 2.77, onderdeel d, niet op hem van toepassing is.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf aan welke een gegadigde of inschrijver gegevens overlegt ten bewijze dat de uitsluitingsgronden, bedoeld in artikel 2.76 of artikel 2.77, niet op hem van toepassing zijn, aanvaardt ook gegevens en bescheiden uit een andere lidstaat die een gelijkwaardig doel dienen of waaruit blijkt dat de uitsluitingsgrond niet op hem van toepassing is.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan geschiktheidseisen stellen aan gegadigden en inschrijvers.
2.
De geschiktheidseisen, bedoeld in het eerste lid, kunnen betreffen:
a. de financiële en economische draagkracht;
b. technische bekwaamheid en beroepsbekwaamheid;
c. beroepsbevoegdheid.
3.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf stelt bij de voorbereiding en het tot stand brengen van een overeenkomst uitsluitend eisen aan de inschrijver en de inschrijving die verband houden met en in een redelijke verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht.
1.
Een ondernemer kan zijn financiële en economische draagkracht in ieder geval aantonen door een of meer van de volgende middelen:
a. passende bankverklaringen of een bewijs van een verzekering tegen beroepsrisico’s,
b. overlegging van balansen of van balansuittreksels, indien de wetgeving van het land waar de ondernemer is gevestigd, de bekendmaking van balansen voorschrijft, of
c. een verklaring betreffende de totale omzet en de omzet van de bedrijfsactiviteit die het voorwerp van de opdracht is, over ten hoogste de laatste drie beschikbare boekjaren, afhankelijk van de oprichtingsdatum van de onderneming of van de datum waarop de ondernemer met zijn bedrijvigheid is begonnen, voor zover de betrokken omzetcijfers beschikbaar zijn.
2.
Indien de ondernemer om gegronde redenen niet in staat is de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gevraagde bewijsstukken over te leggen, kan hij zijn economische en financiële draagkracht aantonen met andere bescheiden die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf geschikt acht.
1.
Een ondernemer kan zich voor een bepaalde opdracht beroepen op de financiële en economische draagkracht van andere natuurlijke personen of rechtspersonen, ongeacht de juridische aard van zijn banden met die natuurlijke personen of rechtspersonen. Een ondernemer toont in dat geval bij de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aan dat hij daadwerkelijk kan beschikken over de voor de uitvoering van de opdracht noodzakelijke middelen van die natuurlijke personen of rechtspersonen.
2.
Onder de voorwaarden, genoemd in het eerste lid, kan een samenwerkingsverband van ondernemers zich beroepen op de draagkracht van de deelnemers aan het samenwerkingsverband of van andere natuurlijke personen of rechtspersonen.
1.
Een ondernemer kan zijn technische bekwaamheid of beroepsbekwaamheid op een of meer van de volgende manieren aantonen, afhankelijk van de aard, de hoeveelheid of omvang en het doel van de werken, leveringen of diensten:
a. door middel van een lijst van de werken die de afgelopen vijf jaar zijn verricht, welke lijst vergezeld gaat van certificaten die bewijzen dat de belangrijkste werken naar behoren zijn uitgevoerd en waarin het bedrag van de werken, de plaats en het tijdstip waarop deze zijn uitgevoerd vermeld wordt, en waarin wordt aangegeven of de werken volgens de regels der kunst zijn uitgevoerd en tot een goed einde zijn gebracht en die in voorkomend geval door de bevoegde instantie rechtstreeks aan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf worden toegezonden;
b. door middel van een lijst van de voornaamste leveringen of diensten die gedurende de afgelopen vijf jaar werden verricht, met vermelding van het bedrag en de datum en van de publiek- of privaatrechtelijke instanties waarvoor zij bestemd waren;
c. door middel van een opgave van de al dan niet tot de onderneming van de ondernemer behorende technici of technische organen, in het bijzonder van die welke belast zijn met de kwaliteitscontrole en, in het geval van opdrachten voor werken, van die welke de aannemer ter beschikking zullen staan om de werken uit te voeren;
d. door middel van een beschrijving van de technische uitrusting van de leverancier of de dienstverlener, van de maatregelen die hij treft om de kwaliteit te waarborgen en de mogelijkheden die hij biedt ten aanzien van ontwerpen en onderzoek, en van interne regels inzake intellectuele eigendom;
e. door middel van een controle door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf of, in diens naam, door een bevoegd officieel orgaan van het land waar de leverancier of de dienstverlener gevestigd is, onder voorbehoud van instemming door dit orgaan, welke controle betrekking heeft op de productiecapaciteit van de leverancier of op de technische capaciteit van de dienstverlener en, zo nodig, op diens mogelijkheden inzake ontwerpen en onderzoek en de maatregelen die hij treft om de kwaliteit te waarborgen;
f. in het geval van opdrachten voor werken, diensten of leveringen die ook betrekking hebben op diensten of werkzaamheden voor aanbrengen en installeren, door middel van de studie- en beroepsdiploma’s van de dienstverlener of de aannemer of het kaderpersoneel van de onderneming en in het bijzonder van degenen die met de dienstverlening of de leiding van de werken zijn belast;
g. voor opdrachten voor werken of opdrachten voor diensten, door middel van de vermelding van de maatregelen inzake milieubeheer die de ondernemer kan toepassen voor de uitvoering van de opdracht;
h. door middel van een verklaring betreffende de gemiddelde jaarlijkse personeelsbezetting van de onderneming van de dienstverlener of de aannemer en de omvang van het kaderpersoneel gedurende de laatste drie jaar;
i. door middel van een beschrijving van de outillage, het materieel, de technische uitrusting, het personeelsbestand en de kennis of de bevoorradingsbronnen, met inbegrip van een beschrijving van de geografische ligging ervan wanneer die buiten de Europese Unie is, waarover de ondernemer zal beschikken om de opdracht uit te voeren, om een eventuele toename in de behoefte van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf als gevolg van een crisissituatie op te vangen, of om het onderhoud, de modernisering of de aanpassingen van de leveringen die het voorwerp van de opdracht bepalen, te verzekeren;
j. wat de te leveren producten betreft door middel van monsters, beschrijvingen of foto’s, waarvan op verzoek van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de echtheid kan worden aangetoond of door middel van certificaten die door een erkende organisatie zijn afgegeven, waarin wordt verklaard dat duidelijk door referenties geïdentificeerde producten aan bepaalde specificaties of normen beantwoorden;
k. indien het opdrachten betreft die betrekking hebben op gerubriceerde gegevens of die dergelijke gegevens noodzakelijk maken of bevatten, door middel van bewijzen die aantonen dat de gerubriceerde gegevens met inachtneming van het door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vereiste beveiligingsniveau kunnen worden verwerkt, opgeslagen en verzonden.
2.
De leveringen en diensten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, worden aangetoond in het geval van leveringen of diensten voor een aanbestedende dienst of voor een speciale-sectorbedrijf, door certificaten die de bevoegde autoriteit heeft afgegeven of medeondertekend of in het geval van leveringen of diensten voor een particuliere afnemer, door certificaten van de afnemer of, bij ontstentenis daarvan, door een verklaring van de ondernemer.
3.
Indien als bewijs, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, van een gegadigde een verklaring als bedoeld in artikel 2.68, derde lid, onderdelen a en b, of een verklaring als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet veiligheidsonderzoeken, wordt geëist, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf op verzoek van die gegadigde aan hem meer tijd toekennen om die verklaring te verkrijgen, indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf van de mogelijkheid daartoe en van de extra te verkrijgen tijd in de aankondiging van de opdracht melding heeft gemaakt.
4.
Indien van een gegadigde een verklaring als bedoeld in artikel 2.68, derde lid, onderdelen a en b, wordt geëist, is op de erkenning van een daarmee gelijkwaardige verklaring de laatste zinsnede van dat derde lid van overeenkomstige toepassing.
5.
Indien een gegadigde een persoon wenst te belasten met een functie die is aangewezen als vertrouwensfunctie als bedoeld in de Wet veiligheidsonderzoeken is artikel 2.68, vierde lid, van overeenkomstige toepassing.
1.
Een ondernemer kan zich voor bepaalde opdrachten beroepen op de bekwaamheid van andere natuurlijke personen of rechtspersonen, ongeacht de juridische aard van zijn banden met die natuurlijke personen of rechtspersonen, mits hij aantoont dat hij kan beschikken over de voor de uitvoering van de opdracht noodzakelijke middelen.
2.
Onder de voorwaarden, genoemd in het eerste lid, kan een samenwerkingsverband van ondernemers zich beroepen op de bekwaamheid van de deelnemers aan het samenwerkingsverband of van andere natuurlijke personen of rechtspersonen.
Artikel 2.85
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan bij opdrachten voor werken, bij opdrachten voor leveringen waarvoor plaatsings- of installatiewerkzaamheden nodig zijn, en bij opdrachten voor diensten de geschiktheid van ondernemers om die diensten te verlenen of die installatiewerkzaamheden of werken uit te voeren, beoordelen op grond van met name hun praktische vaardigheden, technische kennis, efficiëntie, ervaring en betrouwbaarheid.
Artikel 2.86
Indien de ondernemer om gegronde redenen niet in staat is de door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gevraagde bewijsstukken over te leggen, kan hij zijn technische- en beroepsbekwaamheid aantonen met andere bescheiden die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf geschikt acht.
1.
Indien een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf de overlegging verlangt van een door een onafhankelijke geaccrediteerde instantie opgestelde verklaring dat de ondernemer aan bepaalde normen van kwaliteitsmanagementsystemen voldoet, verwijst hij naar kwaliteitsmanagementsystemen die op de Europese normenreeksen op dit terrein zijn gebaseerd en die zijn gecertificeerd door onafhankelijke geaccrediteerde instanties die voldoen aan de Europese normenreeks voor certificering.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf aanvaardt gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten van de Europese Unie gevestigde onafhankelijke geaccrediteerde instanties. Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf aanvaardt eveneens andere bewijzen inzake gelijkwaardige kwaliteitsmanagementsystemen.
1.
Indien een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf in een geval als bedoeld in artikel 2.83, eerste lid, onderdeel g, de overlegging verlangt van een door een onafhankelijk instantie opgestelde verklaring dat de ondernemer aan bepaalde normen inzake milieubeheer voldoet, verwijst hij naar het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem of naar normen inzake milieubeheer die gebaseerd zijn op de desbetreffende Europese of internationale normen die gecertificeerd zijn door erkende organisaties of organisaties die beantwoorden of aan de relevante Europese of internationale normen voor certificering.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf aanvaardt gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten gevestigde instanties. Hij aanvaardt eveneens andere bewijzen inzake gelijkwaardige maatregelen op het gebied van milieubeheer.
1.
Indien een gegadigde of inschrijver zijn beroepsactiviteit niet mag uitoefenen zonder ingeschreven te zijn in een beroeps- of handelsregister in zijn lidstaat van herkomst of vestiging, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf hem verzoeken aan te tonen dat hij in het desbetreffende register is ingeschreven, of een verklaring onder ede of een attest te verstrekken.
2.
Bij procedures voor het plaatsen van opdrachten voor diensten kan een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf, indien de gegadigden of de inschrijvers over een bijzondere vergunning dienen te beschikken of indien zij lid van een bepaalde organisatie dienen te zijn om in hun land van herkomst de betrokken dienst te kunnen verlenen, verlangen dat zij aantonen dat zij over deze vergunning beschikken, of lid van de bedoelde organisatie zijn.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan bij toepassing van de niet-openbare procedure, de onderhandelingsprocedure met aankondiging en de concurrentiegerichte dialoog het aantal gegadigden dat hij zal uitnodigen tot inschrijving, deelneming of onderhandeling beperken met inachtneming van hetgeen in deze paragraaf is bepaald.
2.
Een beperking van het aantal gegadigden als bedoeld in het eerste lid vindt op een objectieve en niet-discriminerende wijze plaats, met behulp van in de aankondiging vermelde regels of selectiecriteria en weging.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vermeldt in de aankondiging het aantal gegadigden dat hij voornemens is ten minste en, in voorkomend geval, ten hoogste uit te nodigen.
2.
Het aantal gegadigden dat de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voornemens is uit te nodigen bedraagt ten minste drie.
3.
Het aantal uitgenodigde gegadigden waarborgt een daadwerkelijke mededinging.
4.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf nodigt een aantal gegadigden uit dat ten minste gelijk is aan het in de aankondiging genoemde minimumaantal gegadigden, indien het aantal gegadigden dat niet wordt uitgesloten en dat aan de geschiktheidseisen en selectiecriteria voldoet daarvoor voldoende is.
5.
Indien het aantal gegadigden dat niet wordt uitgesloten en dat aan de geschiktheidseisen en selectiecriteria voldoet onder het aantal ligt dat de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in de aankondiging als minimum voor het aantal uit te nodigen gegadigden heeft vermeld, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de procedure voortzetten. In dat geval nodigt hij in afwijking van het vierde lid de gegadigde of gegadigden uit die niet worden uitgesloten en die aan de geschiktheidseisen voldoen.
1.
Indien het aantal gegadigden dat aan de geschiktheidseisen voldoet en waarop geen uitsluitingsgrond van toepassing is te laag is om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de procedure opschorten en maakt hij in dat geval de oorspronkelijke aankondiging van de opdracht opnieuw bekend met inachtneming van artikel 2.46, tweede en derde lid.
2.
Bij de toepassing van het eerste lid bevat de aankondiging een nieuwe termijn voor de indiening van verzoeken tot deelneming.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf nodigt met inachtneming van paragraaf 2.3.8.1 de gegadigden uit, die na de eerste en na de tweede bekendmaking van de aankondiging zijn geselecteerd.
4.
De mogelijkheid, bedoeld in het eerste lid, laat de mogelijkheid onverlet om de lopende procedure te beëindigen en een nieuwe procedure te starten.
5.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf nodigt geen ondernemers uit die niet om deelneming hebben verzocht, en evenmin ondernemers waarop een uitsluitingsgrond van toepassing is of die niet aan de geschiktheidseisen voldoen.
1.
De aanbestedende of het speciale-sectorbedrijf kan de juistheid nagaan van een of meer gegevens of inlichtingen in de eigen verklaring van de gegadigden die hij wil uitnodigen om een inschrijving in te dienen of van de inschrijvers bij welke hij voornemens is de opdracht te plaatsen.
2.
Bij toepassing van het eerste lid kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de ondernemer vragen de uit hoofde van de artikelen 2.75 en 2.79 en de artikelen 2.81 tot en met 2.88 overgelegde verklaringen en bescheiden nader toe te lichten en aan te vullen.
1.
Een aanbestedende dienst of speciale-sectorbedrijf deelt de afwijzing of uitsluiting van betrokken gegadigden en betrokken inschrijvers zo spoedig mogelijk schriftelijk mede.
2.
Op verzoek van een betrokken partij stelt een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf iedere afgewezen gegadigde zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vijftien dagen na ontvangst van zijn schriftelijk verzoek, in kennis van de redenen voor de afwijzing.
3.
Op verzoek van een betrokken partij stelt de aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf iedere afgewezen inschrijver zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vijftien dagen na ontvangst van zijn schriftelijk verzoek, in kennis van de redenen voor de afwijzing, inclusief voor de gevallen, bedoeld in de artikelen 2.60 en 2.61, de redenen voor zijn beslissing dat er geen gelijkwaardigheid voorhanden is of dat de werken, leveringen of diensten niet aan de functionele en prestatie-eisen voldoen.
4.
Indien de afwijzing betrekking heeft op de gevallen bedoeld in de artikelen 2.68 en 2.69, bevat de kennisgeving, bedoeld in het derde lid, de redenen dat niet aan de vereisten op het gebied van gegevensbeveiliging en bevoorradingszekerheid is voldaan.
Artikel 2.95
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat een mededeling als bedoeld in artikel 2.94, eerste lid, doet, verstrekt daarbij geen gegevens voor zover dat:
a. in strijd zou zijn met enig wettelijk voorschrift,
b. in strijd zou zijn met het openbare belang, in het bijzonder waar dit defensie- en veiligheidsbelangen zou kunnen schaden,
c. de rechtmatige commerciële belangen van ondernemers zou kunnen schaden, of
d. afbreuk zou kunnen doen aan de eerlijke mededinging tussen ondernemers.
Artikel 2.96
Bij toepassing van de niet-openbare procedure, de concurrentiegerichte dialoog of de onderhandelingsprocedure met aankondiging nodigt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf met inachtneming van paragraaf 2.3.6.3 de niet-uitgesloten en niet-afgewezen gegadigden gelijktijdig en schriftelijk uit tot inschrijving, tot deelneming aan de dialoog of tot onderhandelingen.
1.
De uitnodiging aan de gegadigden, bedoeld in artikel 2.96, bevat een exemplaar van de aanbestedingsstukken, of indien de aanbestedingstukken overeenkomstig artikel 2.55 langs elektronische weg beschikbaar zijn gesteld, vermeldt de wijze van toegang tot de aanbestedingsstukken.
2.
De uitnodiging, bedoeld in het eerste lid, bevat tevens:
a. een verwijzing naar de bekendgemaakte aankondiging van de opdracht,
b. de uiterste datum voor het indienen van de inschrijvingen, het adres waar deze kunnen worden ingediend en de taal of talen waarin zij dienen te worden gesteld,
c. indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de concurrentiegerichte dialoog toepast, de aanvangsdatum en het adres van de raadpleging, alsook de daarbij gebruikte taal of talen,
d. opgave van de stukken die met inachtneming van artikel 2.93 eventueel worden bijgevoegd, hetzij ter staving van een door de gegadigde verstrekte verklaring, hetzij ter aanvulling van de inlichtingen, bedoeld in artikel 2.37, en zulks onder dezelfde voorwaarden als gesteld in de artikelen 2.81 tot en met 2.88, en
e. het relatieve gewicht van de gunningscriteria van de opdracht of de afnemende volgorde van belangrijkheid van de criteria, indien dat gewicht of die volgorde niet in de aankondiging van de opdracht of de aanbestedingsstukken zijn vermeld.
1.
De inschrijving geschiedt schriftelijk.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf bepaalt de wijze van het indienen van de inschrijving.
Artikel 2.99
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf neemt geen kennis van de inhoud van de inschrijving voordat de uiterste termijn voor het indienen is verstreken.
1.
In geval van een storing van het elektronische systeem door middel waarvan de inschrijving ingediend moet worden, waardoor het indienen van de inschrijving kort voor het verstrijken van de uiterste termijn niet mogelijk is, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf deze termijn na afloop van de uiterste termijn verlengen, mits hij nog geen kennis heeft genomen van de inhoud van enige inschrijving.
2.
Alle niet-afgewezen gegadigden en inschrijvers worden door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in kennis gesteld van de verlenging, bedoeld in het eerste lid, en krijgen de gelegenheid om hun inschrijving binnen de verlenging te wijzigen of aan te vullen.
1.
Bij toepassing van de concurrentiegerichte dialoog geschiedt de gunning van de opdracht op basis van het criterium van de economisch meest voordelige inschrijving.
2.
Een aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vermeldt in de aankondiging van de opdracht de behoeften en eisen die door hem in die aankondiging of het beschrijvend document worden omschreven.
3.
Een aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf opent met de overeenkomstig paragraaf 2.3.6.3 geselecteerde gegadigden een dialoog om te bepalen welke middelen geschikt zijn om zo goed mogelijk aan zijn behoeften te voldoen.
4.
Tijdens de dialoog kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf met de geselecteerde gegadigden alle aspecten van de opdracht bespreken.
5.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf waarborgt tijdens de dialoog de gelijke behandeling van alle inschrijvers en verstrekt geen informatie die een of meer inschrijvers kan bevoordelen boven andere.
6.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf deelt de voorgestelde oplossingen of andere door een deelnemer aan de dialoog verstrekte vertrouwelijke inlichtingen niet aan de andere deelnemers mee zonder de instemming van de desbetreffende deelnemer.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan bepalen dat de procedure van de concurrentiegerichte dialoog in opeenvolgende fasen verloopt, zodat het aantal in de dialoogfase te bespreken oplossingen kan worden beperkt door middel van de gunningscriteria die in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken zijn vermeld.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf draagt er zorg voor dat in de slotfase het aantal oplossingen zodanig is dat daadwerkelijke mededinging kan worden gegarandeerd, voor zover er een voldoende aantal geschikte oplossingen of gegadigden is.
3.
Het eerste lid vindt slechts toepassing indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de mogelijkheid in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken heeft vermeld.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf zet de dialoog voort totdat hij, zo nodig na vergelijking, kan aangeven welke oplossingen aan zijn behoeften kunnen voldoen.
5.
Nadat een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf de dialoog heeft beëindigd en de deelnemers daarvan op de hoogte heeft gesteld, verzoekt hij de deelnemers om hun definitieve inschrijvingen in te dienen op basis van de tijdens de dialoog voorgelegde en gespecificeerde oplossingen.
6.
De uitnodiging tot het indienen van een inschrijving bevat de uiterste datum voor het indienen van de inschrijvingen, het adres waar deze kunnen worden ingediend en de taal of talen waarin zij dienen te worden gesteld.
7.
De inschrijver voorziet er in dat de inschrijving, bedoeld in het vijfde lid, alle vereiste en noodzakelijke elementen voor de uitvoering van het project bevat.
8.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan een inschrijver verzoeken om de inschrijving toe te lichten of nauwkeuriger te omschrijven.
9.
Indien een verzoek als bedoeld in het achtste lid wordt gedaan wijzigt de inschrijver de basiselementen van de inschrijving of de aanbesteding niet wezenlijk.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf beoordeelt de ontvangen inschrijvingen op basis van de in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken bepaalde gunningscriteria en kiest de economisch voordeligste inschrijving overeenkomstig artikel 2.106.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan de inschrijver waarvan de inschrijving is aangewezen als de economisch meest voordelige inschrijving, verzoeken aspecten van zijn inschrijving te verduidelijken of in de inschrijving opgenomen verbintenissen te bevestigen, mits dit de inhoudelijke aspecten van de inschrijving of van de uitnodiging tot inschrijving ongewijzigd laat en niet leidt of dreigt te leiden tot concurrentievervalsing of discriminatie.
3.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan voorzien in prijzen of betalingen aan de deelnemers aan de dialoog.
Artikel 2.104
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf toetst de inschrijvingen aan de door hem in de aankondiging of de aanbestedingsstukken gestelde normen, functionele eisen en eisen aan de prestatie.
Artikel 2.105
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gunt een opdracht op grond van een van de volgende gunningscriteria:
a. de naar het oordeel van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf economisch meest voordelige inschrijving;
b. de laagste prijs.
1.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat het criterium «economisch meest voordelige inschrijving» toepast, maakt in de aankondiging van de opdracht bekend welke nadere criteria hij stelt met het oog op de toepassing van dit criterium.
2.
De in het eerste lid bedoelde nadere criteria kunnen onder meer betreffen:
a. kwaliteit;
b. prijs;
c. technische waarde;
d. functionele kenmerken;
e. milieukenmerken;
f. gebruikskosten;
g. rentabiliteit;
h. klantenservice en technische bijstand;
i. datum van levering;
j. termijn voor de levering of uitvoering;
k. kosten tijdens de levensduur;
l. de bevoorradingszekerheid;
m. de interoperabiliteit;
n. de operationele kenmerken.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf specificeert in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken het relatieve gewicht van elk van de door hem gekozen criteria voor de bepaling van de economisch meest voordelige inschrijving. Dit gewicht kan worden uitgedrukt door middel van een marge met een passend verschil tussen minimum en maximum.
4.
Indien naar het oordeel van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf om aantoonbare redenen geen weging mogelijk is, vermeldt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken dan wel, bij de concurrentiegerichte dialoog, in het beschrijvend document, de criteria in afnemende volgorde van belang.
1.
Indien een inschrijving voor een opdracht wordt gedaan die in verhouding tot de te verrichten werken, leveringen of diensten abnormaal laag lijkt, verzoekt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf, voordat hij deze inschrijving afwijst, schriftelijk om de door hem noodzakelijk geachte verduidelijkingen over de samenstelling van de desbetreffende inschrijving.
2.
De verduidelijkingen, bedoeld in het eerste lid, kunnen onder meer verband houden met:
a. de doelmatigheid van het bouwproces, van het productieproces van de producten of van de dienstverlening;
b. de gekozen technische oplossingen of uitzonderlijk gunstige omstandigheden waarvan de inschrijver bij de uitvoering van de werken, de levering van de producten of het verlenen van de diensten kan profiteren;
c. de originaliteit van het ontwerp van de inschrijver;
d. de naleving van de bepalingen inzake arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden die gelden op de plaats waar de opdracht wordt uitgevoerd;
e. de ontvangst van staatssteun door de inschrijver.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf onderzoekt in overleg met de inschrijver de samenstelling van de desbetreffende inschrijving aan de hand van de ontvangen toelichting.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf die constateert dat een inschrijving abnormaal laag is omdat de inschrijver staatssteun heeft gekregen, kan de inschrijving uitsluitend op enkel die grond afwijzen, indien de inschrijver desgevraagd niet binnen een door de aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf bepaalde voldoende lange termijn kan aantonen dat de betrokken steun niet in strijd met de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is toegekend.
5.
Indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in een geval als bedoeld in het vierde lid een inschrijving afwijst, stelt hij de Europese Commissie daarvan in kennis.
1.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan bij de niet-openbare procedure en de onderhandelingsprocedure met aankondiging de gunningsbeslissing vooraf laten gaan door een elektronische veiling, indien:
a. hij dit heeft gemeld in de aankondiging,
b. hij in de aanbestedingsstukken de informatie heeft opgenomen met betrekking tot de elektronische veiling, en
c. nauwkeurige specificaties voor de opdracht kunnen worden opgesteld.
2.
Het eerste lid is niet van toepassing voor de aanbesteding van werken of diensten voor intellectuele prestaties.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf maakt geen misbruik van de methode van elektronische veiling, noch gebruikt hij de methode om concurrentie te beletten, te beperken of vervalsen of om wezenlijke wijzigingen aan te brengen in het voorwerp van de opdracht zoals omschreven in de aankondiging en vastgelegd in de aanbestedingsstukken.
Artikel 2.109
In het kader van een raamovereenkomst die met meerdere ondernemers is gesloten als bedoeld in artikel 2.132, tweede lid, onderdeel b, onder 2, kan een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf de gunning van de opdracht vooraf laten gaan door een elektronische veiling, indien nauwkeurige specificaties voor de opdracht kunnen worden opgesteld.
Artikel 2.110
De aanbestedingsstukken over een elektronische veiling bevatten in ieder geval de volgende informatie:
a. de elementen waarvan de waarden vallen onder de elektronische veiling, voor zover deze elementen kwantificeerbaar zijn zodat ze kunnen worden uitgedrukt in cijfers of procenten;
b. de eventuele limieten van de waarden die kunnen worden ingediend, zoals zij voortvloeien uit de specificaties van het voorwerp van de opdracht;
c. de informatie die tijdens de elektronische veiling ter beschikking van de inschrijvers zal worden gesteld en het tijdstip waarop die informatie ter beschikking zal worden gesteld;
d. relevante informatie betreffende het verloop van de elektronische veiling;
e. de voorwaarden waaronder de inschrijvers een bod kunnen doen en met name de vereiste minimumverschillen die voor de biedingen vereist zijn;
f. relevante informatie betreffende het gebruikte elektronische systeem en de nadere technische bepalingen en specificaties voor de verbinding.
Artikel 2.111
Alvorens over te gaan tot de elektronische veiling, verricht een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf een eerste, volledige beoordeling van de inschrijvingen aan de hand van de vastgestelde gunningscriteria en de vastgestelde weging daarvan.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf waarborgt dat alle inschrijvers die een aan de functionele en prestatie-eisen beantwoordende inschrijving hebben gedaan, tegelijkertijd langs elektronische weg worden uitgenodigd om nieuwe prijzen of nieuwe waarden in te dienen.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf waarborgt dat het verzoek, bedoeld in het eerste lid, alle relevante informatie bevat voor de individuele verbinding met het gebruikte elektronische systeem en de datum en het aanvangsuur van de elektronische veiling preciseert.
Artikel 2.113
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan de elektronische veiling in verschillende fasen laten verlopen.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf verstuurt de uitnodigingen voor een elektronische veiling uiterlijk twee werkdagen voor de aanvang van de veiling.
2.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat voor de gunning het criterium van de economisch meest voordelige inschrijving hanteert, voegt bij de uitnodiging:
a. het resultaat van de volledige beoordeling van de inschrijving van de betrokken inschrijver, en
b. de wiskundige formule die tijdens de elektronische veiling de automatische herklasseringen naar gelang van de ingediende nieuwe prijzen of nieuwe waarden zal bepalen.
3.
In de formule, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, verwerkt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf het gewicht dat aan alle vastgestelde criteria wordt toegekend om de economisch meest voordelige inschrijving te bepalen. Eventuele marges worden daartoe door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf vooraf in een bepaalde waarde uitgedrukt.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf die varianten toestaat, verstrekt voor iedere variant de afzonderlijke formule.
1.
Tijdens alle fasen van de elektronische veiling deelt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf onverwijld aan alle inschrijvers in ieder geval de informatie mee die hen de mogelijkheid biedt op elk moment hun respectieve klassering te kennen. Indien dat in de aanbestedingsstukken vermeld is, kan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf ook andere informatie betreffende andere ingediende prijzen of waarden meedelen.
2.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan tevens op ieder ogenblik aan de inschrijvers meedelen hoeveel inschrijvers aan de fase van de veiling deelnemen.
3.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf deelt tijdens het verloop van de elektronische veiling in geen geval de identiteit van de inschrijvers mee.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf sluit de elektronische veiling op een of meer van de onderstaande wijzen af:
a. hij kan in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling een vooraf vastgestelde datum en een vooraf vastgesteld tijdstip voor de sluiting aangeven;
b. hij kan de veiling afsluiten indien hij geen nieuwe prijzen of waarden meer ontvangt die beantwoorden aan de vereisten betreffende de minimumverschillen, indien hij in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling de termijn vermeldt die hij na ontvangst van de laatste aanbieding in acht zal nemen alvorens de veiling te sluiten;
c. hij kan de veiling afsluiten indien alle fasen van de veiling die in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling zijn vermeld, afgehandeld zijn.
2.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat besloten heeft om de elektronische veiling overeenkomstig het eerste lid, onderdeel c, af te sluiten in combinatie met de toepassing van het eerste lid, onderdeel b, vermeldt in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling het tijdschema voor elk van de fasen van de veiling.
3.
Na de sluiting van de elektronische veiling gunt een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf de opdracht overeenkomstig artikel 2.105 op basis van de resultaten van de elektronische veiling.
1.
Bij toepassing van de onderhandelingsprocedure met aankondiging onderhandelt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf met de inschrijvers over de door hen ingediende inschrijvingen, teneinde deze aan te passen aan de eisen die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf in de aankondiging van de opdracht, de aanbestedingsstukken en de eventuele aanvullende documenten heeft gesteld en teneinde het beste bod voor de gunning van de opdracht te zoeken.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf waarborgt tijdens de onderhandelingen de gelijke behandeling van alle inschrijvers en verstrekt geen informatie die een of meer inschrijvers kan bevoordelen boven andere.
3.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf kan bepalen dat de procedure van gunning door onderhandelingen in opeenvolgende fasen verloopt, zodat het aantal inschrijvingen waarover onderhandeld wordt, door toepassing van de gunningscriteria die in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken zijn vermeld, verminderd wordt.
4.
Het derde lid vindt slechts toepassing indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf deze mogelijkheid heeft vermeld in de aankondiging van de opdracht of in de aanbestedingsstukken.
5.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf draagt er zorg voor dat in de slotfase het aantal oplossingen zodanig is dat daadwerkelijke mededinging kan worden gegarandeerd, voor zover er een voldoende aantal geschikte oplossingen of gegadigden is.
1.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf neemt een opschortende termijn in acht voordat hij de met de gunningsbeslissing beoogde overeenkomst sluit.
2.
De opschortende termijn, bedoeld in het eerste lid, vangt aan op de dag na de datum waarop de mededeling van de gunningsbeslissing is verzonden aan de betrokken inschrijvers en betrokken gegadigden.
3.
De opschortende termijn, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten minste vijftien kalenderdagen.
4.
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf behoeft geen toepassing te geven aan het eerste lid indien:
a. deze wet geen bekendmaking van de aankondiging van de opdracht door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen vereist;
b. de enige betrokken inschrijver degene is aan wie de opdracht wordt gegund en er geen betrokken gegadigden zijn;
c. het gaat om opdrachten op grond van een raamovereenkomst.
1.
Een betrokken inschrijver als bedoeld in 2 118, tweede lid, is iedere inschrijver die niet definitief is uitgesloten. De uitsluiting is definitief wanneer de betrokken inschrijvers daarvan in kennis zijn gesteld en wanneer de uitsluiting rechtmatig is bevonden door een rechter, dan wel er niet langer een rechtsmiddel kan worden aangewend tegen de uitsluiting.
2.
Een betrokken gegadigde als bedoeld in 2 118, tweede lid, is iedere gegadigde aan wie de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf geen informatie over de afwijzing van hun verzoek tot deelneming ter beschikking heeft gesteld voordat de betrokken inschrijvers in kennis werden gesteld van de gunningsbeslissing.
Artikel 2.120
De mededeling van de gunningsbeslissing van een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf houdt geen aanvaarding in als bedoeld in artikel 217, eerste lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek van een aanbod van een ondernemer.
1.
De mededeling van de gunningsbeslissing aan iedere betrokken inschrijver of betrokken gegadigde bevat de relevante redenen voor die beslissing, alsmede een nauwkeurige omschrijving van de opschortende termijn, bedoeld in artikel 2.118, eerste lid, die van toepassing is.
2.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder relevante redenen in ieder geval verstaan de kenmerken en voordelen van de uitgekozen inschrijving alsmede de naam van de begunstigde of de partijen bij de raamovereenkomst.
3.
De mededeling, bedoeld in het eerste lid, wordt in ieder geval elektronisch of per fax verzonden.
Artikel 2.122
Indien gedurende de opschortende termijn, bedoeld in artikel 2.118, eerste lid, een onmiddellijke voorziening bij voorraad wordt verzocht met betrekking tot de desbetreffende gunningsbeslissing, sluit de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de met die beslissing beoogde overeenkomst niet eerder dan nadat de rechter dan wel het scheidsgerecht een beslissing heeft genomen over het verzoek tot voorlopige maatregelen en de opschortende termijn is verstreken.
Artikel 2.123
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf stelt over de gunning van een opdracht een proces-verbaal op dat, indien van toepassing, in ieder geval de volgende gegevens bevat:
a. naam en adres van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf;
b. voorwerp en waarde van de opdracht;
c. namen van de uitgekozen gegadigden met motivering van die keuze;
d. de namen van de uitgesloten en afgewezen gegadigden met motivering van die uitsluiting of afwijzing;
e. de namen van de afgewezen inschrijvers met motivering van die afwijzing;
f. de redenen voor de afwijzing van inschrijvingen;
g. de naam van de uitgekozen inschrijver en motivering voor die keuze en, indien bekend het gedeelte van de opdracht dat de uitgekozen inschrijver voornemens of verplicht is aan derden in onderaanneming te geven;
h. de gevolgde aanbestedingsprocedure;
i. in geval van de procedure van de concurrentie gerichte dialoog, de omstandigheden, bedoeld in artikel 2.21 die de toepassing van deze procedure rechtvaardigen;
j. in geval van de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging, de in paragraaf 2.2.2.2 genoemde omstandigheden die de toepassing van de procedure rechtvaardigen en, indien van toepassing een motivering voor de overschrijding:
1°. van de termijn van vijf jaren, bedoeld in artikel 2.24, tweede lid of artikel 2.26, tweede lid;
van de 50 procent van het bedrag van de oorspronkelijke opdracht, bedoeld in artikel 2.25, ten derde;
k. in geval van uitzonderlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 2.129, derde lid, een motivering voor een langere looptijd van een raamovereenkomst dan zeven jaar;
l. in voorkomend geval de redenen waarom de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf besloten heeft een opdracht niet te gunnen.
Artikel 2.124
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf zendt het proces-verbaal, bedoeld in artikel 2.123, op haar verzoek aan de Europese Commissie.
1.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat een opdracht heeft gegund maakt de aankondiging van de gegunde opdracht bekend met behulp van het elektronisch systeem voor aanbestedingen binnen 48 dagen na de gunning van die opdracht.
2.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gebruikt voor de mededeling van het resultaat van de procedure het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
Artikel 2.126
Artikel 2.125 is niet van toepassing op opdrachten die op basis van een overeenkomstig afdeling 2.4.1 gesloten raamovereenkomst gegund worden.
Artikel 2.127
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf maakt bepaalde gegevens betreffende de gunning van een opdracht niet bekend, indien openbaarmaking van die gegevens:
a. in strijd zou zijn met enig wettelijk voorschrift;
b. in strijd zou zijn met het openbaar belang, in het bijzonder waar dit defensie- en veiligheidsbelangen zou kunnen schaden;
c. de rechtmatige commerciële belangen van ondernemers zou kunnen schaden;
d. afbreuk zou kunnen doen aan de eerlijke mededinging tussen ondernemers.
Artikel 2.128
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat een raamovereenkomst sluit na toepassing van een procedure als bedoeld in de afdelingen 2.2.1 of 2.2.2, kan op basis van die raamovereenkomst opdrachten plaatsen overeenkomstig de procedures, bedoeld in artikel 2.131 of artikel 2.132.
1.
De procedures, bedoeld in de artikelen 2.131 en 2.132, kunnen uitsluitend worden toegepast tussen een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf en de ondernemers die oorspronkelijk bij de raamovereenkomst partij zijn.
2.
Bij de plaatsing van opdrachten die op een raamovereenkomst zijn gebaseerd, mogen de partijen geen substantiële wijzigingen aanbrengen in de in de raamovereenkomst gestelde voorwaarden.
3.
De looptijd van een raamovereenkomst is niet langer dan zeven jaar, behalve in uitzonderingsgevallen voor het bepalen waarvan rekening wordt gehouden met de verwachte levensduur van geleverde objecten, installaties of systemen, en met de technische moeilijkheden die een verandering van leverancier kunnen veroorzaken.
Artikel 2.130
Een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf gebruikt een raamovereenkomst niet om de mededinging te hinderen, te beperken of te vervalsen en maakt geen oneigenlijk gebruik van een raamovereenkomst.
1.
Indien een raamovereenkomst is gesloten met een enkele ondernemer worden de op die raamovereenkomst gebaseerde opdrachten gegund volgens de in de raamovereenkomst gestelde voorwaarden.
2.
Opdrachten op basis van raamovereenkomsten met een enkele ondernemer kunnen worden gegund door die ondernemer schriftelijk te raadplegen en hem indien nodig te verzoeken zijn inschrijvingen aan te vullen.
1.
Als een raamovereenkomst wordt gesloten met meerdere ondernemers, wordt deze raamovereenkomst met ten minste drie ondernemers gesloten, mits het aantal ondernemers dat aan de selectiecriteria voldoet, of het aantal inschrijvingen dat aan de gunningscriteria voldoet, voldoende groot is.
2.
Opdrachten op basis van raamovereenkomsten met meerdere ondernemers kunnen worden gegund:
a. door toepassing van de in de raamovereenkomst bepaalde voorwaarden, zonder de partijen opnieuw tot mededinging op te roepen, of
b. indien niet alle voorwaarden in de raamovereenkomst zijn bepaald, door de partijen opnieuw tot mededinging op te roepen onder de in de raamovereenkomst of in de aanbestedingsstukken van de raamovereenkomst bepaalde voorwaarden, volgens de onderstaande procedure:
1°. voor een te gunnen opdracht raadpleegt de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf schriftelijk de ondernemers die in staat zijn de opdracht uit te voeren,
2°. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf stelt een voldoende lange termijn vast voor het indienen van inschrijvingen voor een specifieke opdracht, waarbij hij rekening houdt met elementen zoals de complexiteit van het voorwerp van de opdracht en de benodigde tijd voor de toezending van de inschrijvingen,
3°. de inschrijvingen worden schriftelijk ingediend en de inhoud ervan blijft vertrouwelijk totdat de vastgestelde indieningstermijn is verstreken,
4°. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gunt een opdracht aan de inschrijver die op grond van de in de aanbestedingsstukken van de raamovereenkomst vastgestelde gunningscriteria de beste inschrijving heeft ingediend.
1.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat als resultaat van een gunning met een inschrijver een overeenkomst sluit, belemmert die inschrijver bij het plaatsen van opdrachten in onderaanneming niet zijn onderaannemers vrij te kiezen en stelt in het bijzonder geen vereisten waardoor de inschrijver bij het plaatsen van opdrachten mogelijke onderaannemers op grond van nationaliteit discrimineert.
2.
Indien op het plaatsen van een opdracht in onderaanneming de paragrafen 2.4.2.2 tot en met 2.4.2.4 van toepassing zijn, is het eerste lid van toepassing voor zover deze paragrafen zich daar niet tegen verzetten.
1.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat als resultaat van een gunning een overeenkomst sluit met een inschrijver die op grond van artikel 2.62, eerste lid, zijn voornemens tot het plaatsen van opdrachten in onderaanneming in de inschrijving heeft vermeld, kan hem in die overeenkomst verplichten alle of delen van die voornemens met inachtneming van de paragrafen 2.4.2.2 tot en met 2.4.2.4 uit te voeren.
2.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat als resultaat van een gunning een overeenkomst sluit met een inschrijver die op grond van artikel 2.63, eerste lid, zijn voornemens tot het plaatsen van opdrachten in onderaanneming in de inschrijving heeft vermeld, verplicht hem in die overeenkomst zijn voornemens met inachtneming van de paragrafen 2.4.2.2 tot en met 2.4.2.4 uit te voeren voor het in die inschrijving genoemde percentage van de waarde van de opdracht met een maximum gelijk aan het maximumpercentage, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf kan een inschrijver als bedoeld in het tweede lid, die op grond van artikel 2.64 tevens zijn voornemens tot het plaatsen van opdrachten in onderaanneming boven het vastgestelde maximumpercentage, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid, in zijn inschrijving heeft vermeld, in de overeenkomst die als resultaat van de gunning met hem wordt gesloten tevens verplichten alle of delen van de voornemens die boven dat percentage uitstijgen met inachtneming van de paragrafen 2.4.2.2 tot en met 2.4.2.4 uit te voeren.
4.
De aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat uitvoering wenst te geven aan het eerste of derde lid, vermeldt in de aankondiging van de opdracht zijn voornemens daartoe.
5.
Een aanbestedende dienst die of een speciale-sectorbedrijf dat als resultaat van de gunning een overeenkomst sluit met een inschrijver waarin die wordt verplicht zijn voornemens tot het plaatsen van opdrachten in onderaanneming met inachtneming van de paragrafen 2.4.2.2 tot en met 2.4.2.4 uit te voeren, waarborgt dat die inschrijver de in deze paragrafen gestelde eisen bij het plaatsen van die opdrachten in acht neemt.
1.
Een inschrijver met wie een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf als resultaat van een gunning een overeenkomst sluit, is anders dan op grond van artikel 2.134 niet verplicht de paragrafen 2.4.2.2 tot en met 2.4.2.4 in acht te nemen bij de uitvoering van zijn voornemens tot het plaatsen van opdrachten in onderaanneming.
2.
Indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst sluit met een inschrijver die zelf een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf is, is deze afdeling niet van toepassing op het plaatsen van opdrachten in onderaanneming door die inschrijver. Op die opdrachten zijn de delen 1 en 2 van deze wet van toepassing.
1.
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst is gesloten en die voornemens is een opdracht in onderaanneming te gunnen, maakt hiertoe een aankondiging bekend, indien de geraamde waarde van die opdracht ten minste gelijk is aan het drempelbedrag, bedoeld in artikel 2.3, dat op die opdracht van toepassing is.
2.
Afdeling 2.1.2 is van overeenkomstige toepassing op het berekenen van de geraamde waarde van een opdracht in onderaanneming.
3.
Het eerste lid is niet van toepassing indien de inschrijver voornemens is de onderhandelingsprocedure zonder aankondiging toe te passen.
1.
Een aankondiging van een opdracht in onderaanneming als bedoeld in artikel 2.136, eerste lid, bevat de informatie, bedoeld in bijlage V van richtlijn nr. 2009/81/EG en, indien nodig met goedkeuring van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf, alle andere informatie die de inschrijver nuttig acht.
2.
Een aankondiging van een opdracht in onderaanneming wordt opgesteld door middel van het formulier dat door de Europese Commissie overeenkomstig de in artikel 67, tweede lid, van richtlijn nr. 2009/81/EG bedoelde procedure is vastgesteld.
1.
Een aankondiging van een opdracht in onderaanneming wordt met gebruikmaking van het formulier, bedoeld in artikel 2.137, tweede lid, ter bekendmaking naar de Europese Commissie langs elektronische weg op de wijze, bedoeld in het derde punt van bijlage VI van richtlijn nr. 2009/81/EG of met andere middelen verzonden.
2.
De bekendmaking van de aankondiging, bedoeld in het eerste lid, kan geschieden door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen.
1.
Een door de Europese Commissie overeenkomstig de in artikel 67, tweede lid, van richtlijn nr. 2009/81/EG bedoelde procedure vastgestelde wijziging van het formulier, bedoeld in artikel 2.137, tweede lid, of van de wijze van verzending, bedoeld in artikel 2.138, eerste lid, gaat voor de toepassing van deze wet gelden met ingang van de dag waarop het desbetreffende besluit van de Europese Commissie in werking treedt.
2.
Onze Minister doet mededeling in de Staatscourant van een besluit als bedoeld in het eerste lid.
3.
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst is gesloten, verzendt eerst de aankondiging van een opdracht in onderaanneming ter bekendmaking naar de Europese Commissie met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 2.137, tweede lid, 2.138 en 2.139, alvorens op andere wijze de aankondiging of de inhoud ervan bekend te maken.
Artikel 2.140
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst is gesloten, kan een aankondiging van een opdracht in onderaanneming overeenkomstig artikel 2.138 bekendmaken, ook indien dit niet vereist is.
1.
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst is gesloten, kan een rectificatie van een eerder gedane aankondiging van een opdracht in onderaanneming bekendmaken.
2.
De bekendmaking van de rectificatie geschiedt langs dezelfde weg als de bekendmaking van de oorspronkelijke aankondiging.
3.
Indien voor de bekendmaking van de aankondiging voor een opdracht in onderaanneming gebruik is gemaakt van het elektronisch systeem voor aanbestedingen, kan voor de bekendmaking van een rectificatie van die aankondiging gebruik worden gemaakt van het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
1.
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst is gesloten vermeldt in de aankondiging voor een opdracht in onderaanneming de door hem toe te passen criteria met betrekking tot uitsluiting en geschiktheid.
2.
De criteria, bedoeld in het eerste lid, zijn objectief en non-discriminatoir.
3.
De criteria met betrekking tot uitsluiting en geschiktheid, bedoeld in het eerste lid, zijn in overeenstemming met de criteria die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf bij de aanbesteding van de opdracht heeft toegepast.
4.
De criteria met betrekking tot geschiktheid, bedoeld in het eerste lid, staan in redelijke verhouding tot de opdracht in onderaanneming en houden, zover die de bekwaamheid betreffen rechtstreeks verband met het voorwerp van de opdracht in onderaanneming.
Artikel 2.143
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst is gesloten, is niet gehouden opdrachten in onderaanneming te gunnen, indien hij tot tevredenheid van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf bewijst dat geen van de onderaannemers die aan de aanbesteding deelnemen voldoen aan uitsluitings- en geschiktheidscriteria of, indien één of meer onderaannemers daar wel aan voldoen, de inschrijvingen van die onderaannemers niet voldoen aan selectiecriteria, technische specificaties, eisen of normen, of oplossingen, die in de aankondiging van de opdracht in onderaanneming of in de aanbestedingsstukken zijn vermeld.
1.
De inschrijver met wie als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst wordt gesloten, kan een opdracht in onderaanneming plaatsen op basis van een raamovereenkomst die wordt gesloten met inachtneming van de artikelen 2.136 tot en met 2.143.
2.
Een inschrijver als bedoeld in het eerste lid plaatst opdrachten in onderaanneming op basis van in de raamovereenkomst gestelde voorwaarden.
3.
Een opdracht in onderaanneming die op basis van een raamovereenkomst wordt geplaatst, wordt uitsluitend gegund aan een ondernemer die oorspronkelijk bij de raamovereenkomst partij is.
4.
De looptijd van een raamovereenkomst op basis waarvan opdrachten in onderaanneming worden geplaatst, is niet langer dan zeven jaar, behalve in uitzonderingsgevallen voor het bepalen waarvan rekening wordt gehouden met de verwachte levensduur van geleverde objecten, installaties of systemen, en met de technische moeilijkheden die een verandering van leverancier kan veroorzaken.
5.
Een inschrijver als bedoeld in het eerste lid gebruikt een raamovereenkomst niet om de mededinging te hinderen, te beperken of te vervalsen en maakt geen oneigenlijk gebruik van een raamovereenkomst.
1.
Ter uitvoering van richtlijn nr. 2009/81/EG worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regels gesteld omtrent:
a. het gebruik van de elektronische weg: voorwaarden die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf voor het gebruik daarvan kan stellen;
b. communicatie tussen aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf en ondernemer: de middelen, de wijze waarop gegevens aangeboden en opgeslagen worden, elektronisch indienen van inschrijvingen, elektronisch indienen van certificaten en de wijze waarop verzoeken tot deelneming kunnen worden gedaan.
2.
Ter uitvoering van richtlijn nr. 2009/81/EG kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regels worden gesteld omtrent de instelling, afgifte en bewijskracht van certificaten dan wel de instelling van, opname in en bewijskracht van de opname op een erkenningslijst.
1.
Onze Minister draagt er zorg voor dat de met behulp van het elektronisch systeem voor aanbestedingen te vervullen functies, bedoeld in artikel 4.13, eerste lid, onderdelen a tot en met d, van de Aanbestedingswet 2012 tevens strekken tot uitvoering van deze wet en richtlijn nr. 2009/81/EG.
2.
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de toegang tot en aansluiting op het elektronische systeem voor aanbestedingen ten behoeve van het vervullen van de functies, bedoeld in artikel 4.13, eerste lid, onderdelen a en b, van de Aanbestedingswet 2012 ter uitvoering van deze wet en richtlijn nr. 2009/81/EG.
1.
Onze Minister stelt door middel van het elektronisch systeem van aanbesteden de door de Europese Commissie met inachtneming van de artikelen 52, tweede lid, en 69 van richtlijn nr. 2009/81/EG vastgestelde formulieren beschikbaar voor:
a. de vooraankondiging van een opdracht;
b. de aankondiging van een opdracht;
c. de aankondiging van een opdracht in onderaanneming;
d. de aankondiging door middel van een kopersprofiel;
e. de aankondiging van een gegunde opdracht;
f. rectificatie van een aankondiging;
g. de aankondiging, bedoeld in artikel 3.3, eerste lid, onder b,
overeenkomstig het model dat door de Europese Commissie overeenkomstig de in artikel 67, tweede lid, van richtlijn nr. 2009/81/EG bedoelde procedure is vastgesteld.
2.
Op verzoek van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf wijst Onze Minister de Europese Commissie op gegevens die niet voor publicatie bestemd zijn. Deze gegevens worden niet door middel van het elektronisch systeem van aanbesteden bekendgemaakt.
3.
Onze Minister draagt er zorg voor dat door middel van het elektronisch systeem van aanbesteden de mededelingen, genoemd in het eerste lid, langs elektronische weg ter publicatie worden gezonden aan de Europese Commissie overeenkomstig het model en op de wijze, bedoeld in het derde punt van bijlage VI van richtlijn nr. 2009/81/EG.
4.
Een wijziging van een formulier, bedoeld in artikel 69 van richtlijn nr. 2009/81/EG gaat voor de toepassing van het eerste lid gelden met ingang van de dag waarop het desbetreffende besluit van de Europese Commissie in werking treedt.
5.
Onze Minister is verantwoordelijke als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet bescherming persoonsgegevens.
6.
Onze Minister doet mededeling in de Staatscourant van een besluit als bedoeld in het vierde lid.
1.
Een als resultaat van een gunningsbeslissing gesloten overeenkomst is in rechte vernietigbaar op een van de volgende gronden:
a. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf heeft, in strijd met deel 2 van deze wet, de overeenkomst gesloten zonder voorafgaande bekendmaking van een aankondiging van de opdracht in het Publicatieblad van de Europese Unie;
b. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf heeft, in strijd met de wet, de termijnen, bedoeld in artikel 2.118, eerste lid, onderscheidenlijk 2.122, niet in acht genomen;
c. de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf heeft toepassing gegeven aan artikel 2.118, vierde lid, onder c, bij de gunning van een opdracht waarvan de geraamde waarde gelijk is aan of hoger is dan het in de artikelen 2.3 en 2.4 bedoelde toepasselijke bedrag, en heeft daarbij in strijd gehandeld met artikel 2.132, tweede lid, onderdeel b.
2.
De vordering tot vernietiging wordt door een ondernemer die zich door een gunningsbeslissing benadeeld acht ingesteld:
a. voor het verstrijken van een periode van 30 kalenderdagen ingaande op de dag na de datum waarop
de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de aankondiging van de gegunde opdracht bekendmaakte overeenkomstig de artikelen 2.125 tot en met 2.127 op voorwaarde dat deze aankondiging ook de rechtvaardiging bevat van de beslissing van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf om de opdracht te gunnen zonder voorafgaande bekendmaking van een aankondiging van de opdracht, of
de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf aan de betrokken inschrijvers en gegadigden een kennisgeving zond van de sluiting van de overeenkomst, op voorwaarde dat die kennisgeving vergezeld gaat van de relevante redenen voor de gunningsbeslissing;
b. in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, voor het verstrijken van een periode van zes maanden, ingaande op de dag na de datum waarop de overeenkomst is gesloten.
1.
Artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onder a, is niet van toepassing indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. van mening is dat de gunning van een opdracht zonder voorafgaande bekendmaking van een aankondiging van de opdracht door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen op grond van deze wet is toegestaan,
b. de aankondiging van zijn voornemen om tot sluiting van de overeenkomst over te gaan door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen in het Publicatieblad van de Europese Unie heeft bekendgemaakt, en
c. de overeenkomst niet heeft gesloten voor het verstrijken van een termijn van ten minste vijftien kalenderdagen, ingaande op de dag na de datum van de bekendmaking van bedoelde aankondiging.
2.
Artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onder c is niet van toepassing indien de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf:
a. van mening is dat de gunning van een opdracht in overeenstemming is met artikel 2.132, tweede lid, onderdeel b,
b. het besluit tot gunning van de opdracht, tezamen met de relevante redenen, bedoeld in artikel 2.121, eerste en tweede lid, aan de betrokken inschrijvers heeft gezonden, en
c. de overeenkomst niet is gesloten vóór het verstrijken van een termijn van ten minste vijftien kalenderdagen, ingaande op de dag na de datum waarop het besluit tot gunning van de opdracht aan de betrokken inschrijvers is gezonden.
1.
De aankondiging, bedoeld in artikel 3.3, eerste lid, onder b, bevat tenminste de volgende gegevens:
a. de naam en contactgegevens van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf;
b. een beschrijving van het onderwerp van de opdracht;
c. een rechtvaardiging van de beslissing om de opdracht te gunnen zonder voorafgaande bekendmaking van een aankondiging van de opdracht in het Publicatieblad van de Europese Unie;
d. de naam en contactgegevens van de onderneming ten gunste van wie de beslissing om een opdracht te gunnen is genomen;
e. voor zover van toepassing alle andere informatie die de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf nuttig acht.
2.
De bekendmaking van de aankondiging, bedoeld in het eerste lid, geschiedt langs elektronische weg, met gebruikmaking van het elektronisch systeem voor aanbestedingen.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf gebruikt voor de bekendmaking van de aankondiging, bedoeld in het eerste lid, het daartoe door middel van het elektronisch systeem voor aanbestedingen beschikbaar gestelde formulier.
1.
De rechter kan besluiten een overeenkomst niet te vernietigen indien, alle relevante aspecten in aanmerking genomen, dwingende redenen van algemeen belang het noodzakelijk maken dat de overeenkomst in stand blijft.
2.
Bij de toepassing van het eerste lid, vernietigt de rechter een overeenkomst in ieder geval niet indien de gevolgen daarvan ernstig gevaar zouden opleveren voor het bestaan van een meeromvattend defensie- of veiligheidsprogramma dat essentieel is voor de veiligheidsbelangen van een lidstaat.
3.
Economische belangen mogen alleen als een dwingende reden als bedoeld in het eerste lid worden beschouwd indien vernietiging in uitzonderlijke omstandigheden onevenredig grote gevolgen zou hebben. Economische belangen die rechtstreeks verband houden met de betrokken overeenkomst, mogen evenwel geen dwingende reden als bedoeld in het eerste lid vormen. Zodanige belangen omvatten onder meer de kosten die voortvloeien uit vertraging bij de uitvoering van de overeenkomst, de kosten van een nieuwe aanbestedingsprocedure, de kosten die veroorzaakt worden door het feit dat een andere onderneming de overeenkomst uitvoert, en de kosten van de wettelijke verplichtingen die voortvloeien uit de vernietiging.
1.
Indien de rechter toepassing geeft aan artikel 3.5, eerste lid, kan de rechter op verzoek van een belanghebbende of ambtshalve de looptijd van de overeenkomst verkorten.
2.
De rechter houdt in ieder geval rekening met de ernst van de overtreding, het gedrag van de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf, de aard van de overeenkomst en, in voorkomend geval, met de mogelijkheid om de werking van een vernietiging te beperken.
1.
Indien de rechter toepassing heeft gegeven aan artikel 3.5, eerste lid, of indien de overeenkomst wel wordt vernietigd op grond van artikel 3.2, eerste lid, maar aan die vernietiging de werking geheel of gedeeltelijk wordt ontzegd, wordt door de griffie van de rechtbank onverwijld en kosteloos een afschrift van de uitspraak gezonden aan Onze Minister en aan de Autoriteit Consument en Markt.
2.
Onze Minister draagt zorg dat afschriften van uitspraken als bedoeld in het eerste lid eenmaal per jaar aan de Europese Commissie worden gezonden.
1.
De Autoriteit Consument en Markt legt de aanbestedende dienst die of het speciale-sectorbedrijf dat partij is bij een overeenkomst waarbij toepassing is gegeven aan artikel 3.5, eerste lid, een bestuurlijke boete op.
2.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien de overeenkomst in rechte is vernietigd doch de werking geheel of gedeeltelijk aan die vernietiging is ontzegd.
3.
De in het eerste lid bedoelde boete is afschrikkend, evenredig en doeltreffend, beschouwd in samenhang met de in artikel 3.6 bedoelde verkorting van de looptijd.
4.
De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste vijftien procent van de geraamde waarde van de desbetreffende opdracht. Bij het bepalen van de hoogte van de boete neemt de Autoriteit Consument en Markt de relevante omstandigheden van het geval, waaronder de ernst van de overtreding, in acht.
Artikel 3.9
De Autoriteit Consument en Markt neemt de beschikking, bedoeld in artikel 3.8, eerste lid, niet dan nadat de uitspraak, bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, kracht van gewijsde heeft gekregen.
1.
De Autoriteit Consument en Markt kan onder haar ressorterende ambtenaren aanwijzen als toezichthouders ten behoeve van het opmaken van een rapport als bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
2.
Alvorens een boete op te leggen kunnen de door de Autoriteit Consument en Markt daartoe aangewezen ambtenaren de overeenkomst en de boekhouding onderzoeken teneinde de voor het vaststellen van de boete in aanmerking komende financiële gegevens te bepalen. Zij kunnen zich laten bijstaan door een onafhankelijk financieel deskundige.
3.
De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf is verplicht mee te werken aan de onderzoeken, bedoeld in het tweede lid.
4.
Bij overtreding van het derde lid is artikel 12m, derde lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt van overeenkomstige toepassing.
Artikel 3.11
Indien de overeenkomst, bedoeld in artikel 3.8, is gesloten of mede is gesloten ten bate van de Autoriteit Consument en Markt, worden de bevoegdheden van de artikelen 3.8 tot en met 3.10 uitgeoefend door Onze Minister.
Artikel 3.13
Indien terzake van een aanbestedingsgeschil arbitrage is overeengekomen:
a. voldoet de voorzitter van het scheidsgerecht aan de eisen, genoemd in artikelen 1c en 1d van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren;
b. kan tegen een arbitraal vonnis een vordering tot vernietiging als bedoeld in artikel 1 064 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering worden ingesteld.
1.
Indien een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf voor het tijdstip van inwerkingtreding van deel 2 van deze wet een aankondiging van een aanbesteding heeft gedaan dan wel een aanbestedingsprocedure zonder aankondiging is gestart en in het kader daarvan een of meer ondernemers heeft verzocht een inschrijving in te dienen, is op die aanbestedingsprocedure het recht van toepassing zoals dat gold onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van deel 2 van deze wet.
2.
Indien een inschrijver met wie een aanbestedende dienst of een speciale-sectorbedrijf als resultaat van een gunningsbeslissing een overeenkomst heeft gesloten voor het tijdstip van inwerkingtreding van deel 2 van deze wet een aankondiging tot het aanbesteden van een opdracht in onderaanneming heeft gedaan dan wel een aanbestedingsprocedure zonder aankondiging is gestart en in het kader daarvan een of meer ondernemers heeft verzocht een inschrijving in te dienen, is op die aanbestedingsprocedure het recht van toepassing zoals dat gold onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van deel 2 van deze wet.
Artikel 3.14a
Tot een jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 3.15, onderdeel E, kan een gegadigde of een inschrijver, in afwijking van artikel 2.79, tweede lid, door middel van een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens die op het tijdstip van het indienen van het verzoek tot deelneming of de inschrijving niet ouder is dan twee jaar, aantonen dat de uitsluitingsgronden, bedoeld in de artikelen 2.76 en 2.77, onderdelen b en c, op hem niet van toepassing zijn.
Artikel 3.15
[Wijzigt deze wet.]
Artikel 3.16
[Wijzigt deze wet.]
Artikel 3.17
[Wijzigt de Aanbestedingswet 2012.]
Artikel 3.19
[Wijzigt deze wet en de Algemene wet bestuursrecht.]
Artikel 3.20
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit bepaald tijdstip, dat voor verschillende artikelen of onderdelen daarvan, verschillend kan worden vastgesteld.
Artikel 3.21
Deze wet wordt aangehaald als: Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te
’s-Gravenhage, 28 januari 2013
De Minister van Economische Zaken ,
De Minister van Defensie ,
Uitgegeven de vijftiende februari 2013
De Minister van Veiligheid en Justitie ,
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1.1. Begripsbepalingen
+ Hoofdstuk 1.2. Gelijkheid, non-discriminatie, transparantie en proportionaliteit
+ Hoofdstuk 1.3. Derde landen
+ Hoofdstuk 2.1. Reikwijdte
+ Hoofdstuk 2.2. Procedures voor het plaatsen van opdrachten
+ Hoofdstuk 2.3. Regels inzake aankondiging, uitsluiting, selectie en gunning
+ Hoofdstuk 2.4. Voorschriften voor de bijzondere procedures
+ Hoofdstuk 3.1. Overige bepalingen
+ Hoofdstuk 3.2. Vernietigbaarheid en boete
+ Hoofdstuk 3.3. Overgangs- en slotbepalingen
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht